Eerste Kamerverkiezingen 2011

Op maandag 23 mei 2011 werd een nieuwe Eerste Kamer gekozen. De (gedoog)coalitie VVD-CDA-PVV kreeg 37 zetels, net een zetel te weinig voor een meerderheid: De PVV komt voor het eerst in de Eerste Kamer met 10 zetels. De nieuwe patij 50plus, de partij van Jan Nagel, is met een zetel in de Kamer vertegenwoordigd. Door een stemfout van een Noord-Hollands D66-Statenlid, hij vulde zijn stembiljet met zijn blauwe ballpoint in en niet met het rode potlood, verloor D66 een zetel aan de SP. Het stembiljet werd namelijk ongeldig verklaard.

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Achtergrond

In 2011 waren deze verkiezingen politiek extra bijzonder, omdat het de vraag was of de partijen die het kabinet steunden samen een meerderheid konden krijgen. Dat was op dat moment niet het geval. In de Eerste Kamer had de coalitie van VVD en CDA slechts 35 van de 75 zetels. Gedoogpartner PVV had op dat moment geen enkele zetel in de Eerste Kamer. Het kabinet-Rutte was daarom op dat moment afhankelijk van de steun van één of meer oppositiepartijen om wetsvoorstellen aanvaard te krijgen.

Door een wijziging van de Kieswet in het najaar van 2010 zijn lijstenverbindingen niet meer mogelijk. Het was voorheen mogelijk door het na de Provinciale Verkiezingen aangaan van een lijstverbinding de uitslag van de Eerste Kamerverkiezingen te beïnvloeden. In 2007 hadden bijvoorbeeld CDA, SGP en ChristenUnie een lijstverbinding.

Verder is de drempel om met voorkeursstemmen tot Eerste Kamerlid te worden gekozen verhoogd van 50 naar 100 procent. Het wordt daardoor moeilijker om met voorkeurstemmen te worden gekozen. In 2007 was bijvoorbeeld in Zuid-Holland de stem van slechts twee Statenleden nodig om met voorkeurstemmen een Eerste Kamerzetel te behalen.

2.

Uitslag

Bij de Eerste Kamerverkiezingen van 2011 verloor het CDA een recordaantal van tien zetels, waardoor de partij met elf zetels achter de PvdA en de VVD eindigde. De PVV van Geert Wilders kwam vanuit het niets op tien zetels en werd hiermee de vierde partij van de Senaat . Ook D66 boekte winst en verdriedubbelde zijn zetelaantal naar zes.

Verlies was er voor GroenLinks (van 5 naar 4) en D66 (van 3 naar 2). De SGP (2 zetels) en de Onafhankelijke Senaatsfractie (1 zetel) bleven gelijk.

3.

Partijen en kandidaten

Voor het eerst deed de PVV aan de Eerste Kamerverkiezingen mee. Een andere nieuwkomer is de ouderenpartij 50Plus van Jan Nagel. Deze oud-senator voor de PvdA heeft een rijk geschakeerd politiek verleden achter de rug en wist met zijn Leefbaar Hilversum lokaal ook successen te boeken. Met deze nieuwe ouderenpartij wil hij de aanval op de gevestigde partijen openen.

Opmerkelijk is dat de gevestigde partijen een aantal politiek zwaargewichten kandidaat stelden. Aan de andere kant is dat niet zo verwonderlijk gezien het nog sterkere politieke belang van de Eerste Kamer(verkiezingen) door de 'betonconstructie' van het kabinet. Te noemen zijn de oud-ministers Elco Brinkman (CDA), Guusje ter Horst (PvdA), Frank de Grave (VVD), Roger van Boxtel en Thom de Graaf (D66) en oud-partijvoorzitter Ruud Koole (PvdA). Oud-Commissaris van de Koningin Harry Borghouts (GroenLinks) trok zich terug, nadat hij op een onverkiesbare plaats dreigde te komen.

Neem contact op met de redactie van PDC voor een overzicht van de kandidaten.

4.

Effect lijstencombinaties en restzetels

Aan de verkiezingen deden de volgende 3 lijstencombinaties mee:

  • CDA, ChristenUnie en SGP
  • VVD, D66 en de Onafhankelijke Senaatsfractie
  • GroenLinks en de Partij voor de Dieren

De zetelverdeling leverde de lijstverbinding met de VVD en de OSF D66 een extra, tweede zetel op. Vervolgens waren er nog 2 restzetels te verdelen:

  • de eerste restzetel ging naar de lijstencombinatie van CDA, ChristenUnie en SGP. De SGP profiteerde hiervan en haalde een extra, tweede zetel;
  • de tweede restzetel ging naar de SP, dat hierdoor een extra, twaalfde zetel haalde.

Als er geen enkele lijstencombinatie aan de verkiezingen had deelgenomen, zouden de SGP en D66 allebei een zetel minder hebben gehaald en de VVD en de PvdA allebei een zetel meer.

5.

Eilandraden Bonaire, St. Eustatius en Saba

Op 2 maart 2011 werden tevens de Eilandraden voor de nieuwe onderdelen van Nederland Bonaire, St. Eustatius en Saba gekozen. Deze voormalige Nederlands Antilliaanse eilanden maken sinds 10 oktober 2010 als openbaar lichaam deel uit van Nederland. Volgens de vorige jaar gewijzigde Kieswet hebben deze Eilandraden net als de Provinciale Staten het recht de leden van de Eerste Kamer te kiezen.

Dit kan echter pas ingaan als artikel 55 van de Grondwet is gewijzigd, dat bepaalt wie de Eerste Kamer mogen kiezen. Daar is dus een Grondwetswijziging voor nodig, wat nog niet is gebeurd. Het is zelfs de vraag of bij de volgende verkiezingen van de Eerste Kamer de Eilandraden mee mogen stemmen, want het wetsvoorstel in eerste lezing moet nog door de regering worden ingediend. Nadat dat is aangenomen zullen nieuwe Tweede Kamerverkiezingen moeten worden gehouden, waarna het voorstel in tweede lezing in beide Kamers met tweederde meerderheid moeten worden aangenomen.

6.

Stemwaarden 2011

Bij de verkiezing van de Eerste Kamer wordt rekening gehouden met het aantal inwoners van iedere provincie. Dit gebeurt door middel van stemwaarden. Een stemwaarde is het inwonertal van een provincie gedeeld door het honderdvoud van het aantal provinciale statenleden in die provincie.

Voor de vaststelling van de uitslag wordt de stem van een Statenlid uit een provincie vermenigvuldigd met de stemwaarde van die betreffende provincie. De uitslag wordt vervolgens berekend op basis van de aantallen berekende stemmen.

Voor de Eerste Kamerverkiezingen van 2011 had de Kiesraad de volgende stemwaarden vastgesteld:

Provincie

Aantal inwoners

Aantal Statenleden

Stemwaarde

Groningen

573.923

43

133

Fryslân

642.169

43

149

Drenthe

485.986

41

119

Overijssel

1.116.402

47

238

Flevoland

374.394

39

96

Gelderland

1.978.688

53

373

Utrecht

1.190.721

47

253

Noord-Holland

2.613.992

55

475

Zuid-Holland

3.453.756

55

628

Zeeland

380.548

39

98

Noord-Brabant

2.418.698

55

440

Limburg

1.127.637

47

240

7.

Kerngegevens

In onderstaand overzicht zijn de belangrijkste gegevens van de Eerste Kamerverkiezingen in 2011 opgenomen.

Eerste Kamerverkiezingen 2011

verkiezingsdatum

29 mei 2007

aantal opgeroepen kiezers (Statenleden)

564

som van de stemcijfers

163.087

aantal uitgebrachte geldige stemmen

163.087

blanco/ongeldig

0

kiesdeler

2174 37/75

voorkeursdrempel

1088

opkomstpercentage

100%

aantal deelnemende partijen

10

aantal partijen dat zetel behaalde

10


Meer over


Bent u als journalist of wetenschapper op zoek naar statistische gegevens over personen uit het biografisch archief, bijvoorbeeld gemiddelde leeftijd, ervaring, herkomst, beroep, m/v of zittingsduur? De redactie van PDC kan deze gegevens onder voorwaarden beschikbaar stellen voor wetenschappelijk onderzoek en journalistieke publicaties. Neem voor meer informatie contact op.

Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.



© PDC Informatie Architectuur - Alle rechten voorbehouden