Voorzitter Eerste Kamer

De Eerste Kamervoorzitter heeft een aantal vaste taken. De voorzitter leidt de vergadering van de Eerste Kamer en is tevens voorzitter van het College van Senioren, de Huishoudelijke Commissie (interne organisatie) en de Verenigde Vergadering. De voorzitter wordt bijgestaan door de griffier. Daarnaast vertegenwoordigt de voorzitter de Kamer naar buiten toe, zoals in contacten met buitenlandse parlementen en bij ontvangsten van gasten.

De Eerste Kamervoorzitter is ook Kamerlid. De voorzitter neemt deel aan de vergaderingen van de fractie en stemt in de plenaire vergadering mee. Als de Kamervoorzitter wenst aan het debat deel te nemen, neemt een van de ondervoorzitters de voorzittershamer over.

De huidige voorzitter van de Eerste Kamer is Ankie Broekers-Knol .

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Taken en bevoegdheden

De Kamervoorzitter heeft de leiding over de vergadering en is belast met de handhaving van de orde. Daartoe heeft de voorzitter een aantal middelen ter beschikking die in het Reglement van Orde van de Eerste Kamer - artikel 94 tot en met 96 - staan beschreven.

Kort samengevat heeft de voorzitter drie ordemaatregelen ter beschikking: de vermaning, het ontnemen van het woord en de uitsluiting van de vergadering. Een ander middel om de ordentelijkheid van debatten te bewaren is het feit dat Kamerleden, net als in de Tweede Kamer, via de voorzitter spreken. Zij debatteren nooit direct tegen elkaar maar altijd via de onpartijdige voorzitter.

Uit hoofde van het voorzitterschap van de Huishoudelijke Commissie heeft de Kamervoorzitter ook een rol bij het opstellen van de begroting en de benoeming van het ondersteunend personeel van de Eerste Kamer.

Tot slot is het de voorzitter van de Eerste Kamer die als voorzitter van de Verenigde Vergadering de commissie van in- en uitgeleide benoemt. Deze commisse is bij speciale gelegenheden, zoals de inhuldiging van een nieuwe koning, verantwoordelijk voor de verwelkoming en begeleiding bij binnenkomst en vertrek van hooggeplaatste gasten.

2.

Regelgeving

Het voorzitterschap van zowel de Eerste als de Tweede Kamer wordt geregeld in artikel 61 van de Grondwet. Daarin staat vermeld dat de reglementen van orde de voornaamste regels omtrent het voorzitterschap van de Kamers bepalen.

3.

Organisatie

Ter ondersteuning van de voorzitter zijn er meerdere ondervoorzitters. De ondervoorzitters vervangen de voorzitter wanneer deze niet aanwezig kan zijn of wanneer de voorzitter zelf aan het debat wil deelnemen. De ondervoorzitters zijn ook allemaal leden van de Eerste Kamer.

De ambtelijke ondersteuning van de Eerste Kamer is in handen van de griffie, die wordt geleid door de griffier. In die hoedanigheid ondersteunt de griffier de voorzitter van de Eerste Kamer bij diens werkzaamheden.

Verkiezing

De Kamervoorzitter wordt gekozen door de leden en wordt voor de gehele zittingsperiode van de Kamer benoemd. Meestal is een lid van de grootste fractie Voorzitter. In het verleden werd meestal voorkomen dat één partij het voorzitterschap van beide Kamers in handen had.

Inkomen

Een 'gewoon' Eerste Kamerlid ontvangt per 1 januari 2018 een bruto vergoeding van ruim 29 duizend euro op jaarbasis, inclusief vakantiegeld en eindejaarsuitkering. Daar komen vervolgens nog wel enkele onkostenvergoedingen bij. De voorzitter van de Eerste Kamer ontvangt een aanzienlijk hogere honorering, omdat deze gebaseerd is op een halve werkweek.

4.

Historische ontwikkeling

Pas sinds de Grondwetsherziening van 1983 wordt de voorzitter van de Eerste Kamer rechtstreeks gekozen door de eigen leden. Tot die tijd was het gebruikelijk dat de Koning de voorzitter van de Eerste Kamer benoemde.

Deze regeling stamde uit 1815, het jaar waarin de Eerste Kamer op aandringen van voornamelijk edellieden uit de Zuidelijke Nederlanden werd opgericht. Ook bij de Grondwetsherziening van 1848 werd deze benoemingsregeling weliswaar formeel niet veranderd maar ook deze Koninklijke daad viel onder de minsiteriële verantwoordelijkheid.

5.

Wetenswaardigheden

Hoewel voorzitter van de Eerste Kamer een belangrijke functie is, waren het nooit vooraanstaande politici die dat ambt bekleedden. In 1914 was er enige tijd sprake van dat Abraham Kuyper voorzitter zou worden, maar zijn doofheid verhinderde dat. Piet Steenkamp was weliswaar bekend, maar hij was dat vooral geworden als informateur in 1971 en als oprichter en eerste voorzitter van het CDA. Minister of Tweede Kamerlid was hij echter nooit.

6.

Overzicht sinds 1945

Neem contact op met de redactie van PDC voor een volledig overzicht.


Meer over


Bent u als journalist of wetenschapper op zoek naar statistische gegevens over personen uit het biografisch archief, bijvoorbeeld gemiddelde leeftijd, ervaring, herkomst, beroep, m/v of zittingsduur? De redactie van PDC kan deze gegevens onder voorwaarden beschikbaar stellen voor wetenschappelijk onderzoek en journalistieke publicaties. Neem voor meer informatie contact op.

Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.