Een 'gewoon' Eerste Kamerlid ontvangt per 1 januari 2026 een bruto vergoeding van ruim 37.000 euro op jaarbasis, inclusief eindejaarsuitkering. Daar komen vervolgens nog wel enkele onkostenvergoedingen bij. De voorzitter van de Eerste Kamer ontvangt een aanzienlijk hogere honorering, omdat deze gebaseerd is op een halve werkweek.
Inhoud
Maandelijkse vergoeding
'Gewone' Eerste Kamerleden
Het Eerste Kamerlidmaatschap wordt niet beschouwd als een voltijdfunctie. De maandelijkse vergoeding voor Eerste Kamerleden is daarom lager dan de schadeloosstelling van Tweede Kamerleden, namelijk € 2.867,80 bruto per maand (per 1 januari 2026).
Voorzitter Eerste Kamer
De vergoeding voor de voorzitter van de Eerste Kamer is anders dan de vergoeding voor 'gewone Eerste Kamerleden'. De voorzitter ontvangt:
- een toelage gelijk aan de helft van de schadeloosstelling voor Tweede Kamerleden;
- de helft van de toelage die de voorzitter van de Tweede Kamer op zijn schadeloosstelling ontvangt.
Ondervoorzitters
Ook de ondervoorzitters van de Eerste Kamer ontvangen een maandelijkse toelage op hun vergoeding, en wel volgens het volgende schema:
| Soort ondervoorzitter | Toelage (%) |
|---|---|
| Eerste ondervoorzitter | 3,5 |
| Tweede ondervoorzitter | 2,4 |
| Overige ondervoorzitters | 1,2 |
In het geval dat de eerste ondervoorzitter voor meer dan 60 dagen onafgebroken de functie van voorzitter zou waarnemen, zou hij voor de duur van die tijd een toelage van 17,4 procent (in plaats van de reguliere toelage van 3,5 procent) ontvangen.
Fractievoorzitters
Ook de fractievoorzitters ontvangen (voor de duur van hun voorzitterschap) een toeslag op hun vergoeding. Deze toelage bedraagt 1,2 procent van de vergoeding plus 0,4 procent voor elk lid dat de fractie buiten de voorzitter telt. De toelage mag in totaal niet meer dan 6,4 procent van de vergoeding op jaarbasis bedragen.
Eenmalige en eindejaarsuitkeringen
Als het burgerlijk rijkspersoneel een eenmalige of eindejaarsuitkering krijgt, profiteren Eerste Kamerleden daar op gelijke voet van mee. Voor de voorzitter van de Eerste Kamer geldt een andere berekeningswijze voor een eindejaarsuitkering dan voor 'gewone' Eerste Kamerleden.
Daarnaast ontvangen Eerste Kamerleden € 5.005,58 bruto per jaar waarmee zij voorzieningen kunnen treffen ter zake van arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden.
Onkostenvergoedingen
Reiskostenvergoeding
Eerste Kamerleden ontvangen in 2026 ter vergoeding van reiskosten een bedrag van € 3640 per jaar.
De voorzitter van de Eerste Kamer kan in plaats van deze vergoeding kiezen voor een dienstauto, die bestemd is voor woon-werkverkeer en dienstreizen. De vergoeding voor de dienstauto is € 0,82 per kilometer.
Onkostenvergoeding
Eerste Kamerleden ontvangen een vergoeding voor aan de uitoefening van het Kamerlidmaatschap verbonden kosten die € 3.364,33 netto per jaar bedraagt.
Verblijfkostenvergoeding
Eerste Kamerleden ontvangen een verblijfkostenvergoeding die afhangt van de afstand tussen hun woonplaats en de Eerste Kamer. Deze vergoedingen kunnen in 2026 oplopen van € 565,01 netto per jaar als het Kamerlid binnen een straal van 10 kilometer van de Eerste Kamer woont, tot € 18.287,61 netto per jaar wanneer het Kamerlid op meer dan 150 kilometer afstand woont.
Meer over