Verbouwingen in Eerste en Tweede Kamer

Sinds de komst in 1814 van een volksvertegenwoordiging vergadert het parlement, net als de 'oude' Staten-Generaal tijdens de Republiek en de Bataafse parlementen in de periode 1796-1806, aan het Binnenhof. De Eerste Kamer deed dat aanvankelijk in de Trêveszaal en de Tweede Kamer in de Oude Balzaal van de stadhouders. In 1849 ging de Eerste Kamer vergaderen in de zaal van de voormalige Staten van Holland. De Tweede Kamer vergadert sinds de oplevering van de nieuwbouw van de Tweede Kamer in 1992 in de huidige Vergaderzaal van de Tweede Kamer.

Door de eeuwen heen zijn de gebouwen aan het Binnenhof dikwijls verbouwd of gerenoveerd. Ook voor de periode 2020-2025 staat een grootschalige renovatie gepland van het gehele Binnenhof.

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

2020-2025

De gebouwen van de Eerste en Tweede Kamer aan het Binnenhof worden vanaf 2020 grondig gerenoveerd. Dat heeft toenmalig minister Blok (Wonen en Rijksdienst) in overleg met de Eerste en Tweede Kamer bepaald. De renovatie gaat circa 5,5 jaar duren. Voor de renovatie is zo'n 475 miljoen euro begroot, maar de werkelijke kosten lijken daar nog zo'n 70 miljoen euro boven te liggen.

Het project gaat om (achterstallig) onderhoud. Zo moeten verschillende technische installaties, zoals liften en leidingen, dringend vervangen worden, omdat ze al ver over hun levensduur heen zijn. Ook moeten de gebouwen gemoderniseerd worden op het gebied van ICT en brandveiligheid en moeten hout- en betonrot en lekkages worden gerepareerd. Tevens worden de ingangen aangepast, zodat de grote aantallen medewerkers en bezoekers beter ontvangen kunnen worden.

De Tweede Kamer verhuist naar het voormalige gebouw van het ministerie van Buitenlandse Zaken aan de Bezuidenhoutseweg in Den Haag (ook wel de 'Apenrots' genoemd), en de Eerste Kamer betrekt tijdelijk het oude gebouw van de Hoge Raad aan de Lange Voorhout.

2.

2003-2005

In september 2003 werd in het Eerste Kamergebouw begonnen met renovatie van werkkamers, fractiekamers, de entree en de postkamer. De uitvoering van dit Masterplan liep door tot 2006.

3.

1970 - 1991

Tussen 1970 en 1992 vond de nieuw- en verbouw van de Tweede Kamer plaats. In 1956 was Tweede Kamer uitgebreid van 100 naar 150 leden. Ook de personele ondersteuning groeide in omvang. In 1970 schreven zes Kamerleden uit verschillende partijen daarom een brandbrief naar het presidium van de Tweede Kamer waarin zij zich beklaagden over het ruimtegebrek waarmee het parlement had te kampen. Deze 'groep van zes' bestond uit Frans Andriessen (KVP), Anneke Goudsmit (D66), Garmt Kieft (ARP), Henk Koning (VVD), Ad Oele (PvdA) en Arnold Tilanus (CHU).

4.

1994-1995

Van september 1994 tot september 1995 tot vergaderde de Eerste Kamer in de Ridderzaal vanwege de restauratie van de plenaire zaal. In die periode werden technische verbeteringen aangebracht op het gebied van ventilatie, akoestiek en verlichting en werd het zaalinterieur gerestaureerd. Het plafond won daardoor aan helderheid. Tevens werden de gordijnen vervangen door wandtapijten.

5.

1992

In 1992 werd de nieuwbouw van de Tweede Kamer gerealiseerd. De uitbreiding is een gebouwencomplex waarmee de verschillende gebouwen van de Tweede Kamer, zoals de voormalige ministeries van Justitie en Koloniën en Hotel Centraal, aan elkaar verbonden zijn. De centrale entree is de Statenpassage, een hal van 100 meter lang en 24 meter hoog. In het complex zijn onder andere de commissiezalen, de perstoren en de plenaire vergaderzaal van de Tweede Kamer gevestigd.

Tot 1992 vergaderde de Tweede Kamer in de ruimte die nu de Oude Balzaal wordt genoemd.

6.

1965

In 1965 gingen archiefruimten van het ministerie van Verkeer en Waterstaat over naar de Eerste Kamer. Deze vertrekken in de voormalige kamer van Gecommitteerde Raden werden toen fraai ingericht als Noenzaal. De voormalige werkkamer van de raadpensionaris werd toen een fractiekamer.

7.

1951

Van 16 maart 1950 en 20 juni 1951 hield de Tweede Kamer haar plenaire vergaderingen in de Ridderzaal vanwege een vrij ingrijpende verbouwing.

Die verbouwing betrof zowel de plenaire zaal als enkele andere vertrekken in het Kamergebouw. In de plenaire zaal werd de verlichting aanzienlijk verbeterd en er kwam een onderdoorgang naar de zaal voor de stenografen. De zaal zelf werd tachtig centimeter verlaagd en er werd al rekening gehouden met eventuele uitbreiding van het aantal Kamerleden.

In het gebouw zelf werden voor het eerst fractiekamers ingericht en de studie- en leeszaal werd vergroot en handiger ingedeeld.

Op de tribunes aan weerszijden van de zaal kwamen zestien plaatsen voor journalisten en er kwamen dertig nieuwe zitplaatsen voor het publiek. Voorts werd een ruimte ingericht voor radiocommentaar.

Tweede Kamervoorzitter Kortenhorst zei daarover in de speech die hij bij de heringebruikname op 20 juni 1951 hield:

"Deze grondige verbouwing ontvangt haar diepere zin, wanneer wij ons willen herinneren, wat er mee werd beoogd. Aanleiding er toe was voornamelijk de behoefte het parlementaire werk dichter te brengen bij ons volk. De parlementaire democratie eist vóór alles openbaarheid en het werd als een pijnlijke tekort­koming gevoeld, dat de tribunes voor publiek en pers ten enenmale ontoereikend waren geworden om aan de gestegen behoefte te voldoen. Ik hoop en vertrouw, dat de grote uitbreiding en verbetering van de werk- zit- en staanplaatsen aan beide zijden van onze in de oude luister herstelde vergaderzaal de arbeid van de parlementaire pers en de meelevende belangstelling van het publiek, van de ambtenaren der Ministeries, van de hoge colleges van Staat en van de diploma­tieke vertegenwoordigers van bevriende Mogendheden zullen stimuleren."

8.

1922

In 1922 werden enkele ruimten van de Raad van State toegevoegd aan het Tweede Kamergebouw. De voormalige vergaderzaal van de Raad van State werd rook- en koffiekamer. Daarnaast kwamen er nieuwe spreek-, wacht- en commissiekamers en werden er telefooncellen geplaatst. Belangrijk was verder het aanleggen van een centrale verwarming ter vervanging van circa vijftig kachels. Enkele gangen werden verbeterd en beter en lichter ingericht.

Nadat de verbouwing na het zomerreces van 1922 was voltooid, werd een nieuwe wachtkamer voor de publieke tribune en een ruimte voor de pers ingericht.

Ondanks de verbouwingen en uitbreiding bleef er kritiek op de armoedige en weinig comfortabele inrichting van veel zalen. Ook was er weinig waardering voor sommige kunstwerken, zoals schilderijen met weinig kunstwaarde en een nogal willekeurige verzameling gebeeldhouwde bustes.

9.

1913

In 1913 werd de hoofdingang van de Eerste Kamer verplaatst naar de Mauritstoren aan de voorzijde. Daar werd toen een trappenhuis gebouwd. Ook elders in het gebouw waren er verbouwingen. Zo kwam er in de door het Kabinet van de Koningin verlaten ruimten een ministerskamer.

10.

1879-1884

Een eerste restauratie van het Eerste Kamergebouw vond plaats in 1879-1880, nadat in 1868 al gasverlichting was aangebracht en in 1870 in de vergaderzaal tribunes waren gerealiseerd. De voormalige Hofkapel werd in 1879 afgebroken, waardoor er plaats kwam voor nieuwe vertrekken. Later, in 1884, werd de door zwammen aangetaste overkapping van de vergaderzaal grondig hersteld.


Meer over