Ir. S.H. (Sim) Visser

foto Ir. S.H. (Sim) Visser
Bron: Beeldbank Nationaal Archief

VVD-minister van Defensie in het kabinet-De Quay. Was voor hij in 1959 bij wijze van noodgreep Sidney van den Bergh opvolgde secretaris van de liberale werkgevers. Had geen politieke ervaring of kennis van militaire zaken. Opereerde in de Nieuw-Guineakwestie met een onbevangen naïviteit. Zijn ethische betogen brachten hem in grote moeilijkheden met de regering van de VS. Kon het moeilijk verteren, dat voor Robert Kennedy het zelfbeschikkingsrecht der Papoea's totaal niet telde. Kreeg in 1962 een lawine van kritiek over zich heen over het ontslag van een 'lastige' ambtenaar. De VVD-senaatsfractie zegde daarna bij monde van Van Riel haar vertrouwen in hem op. Een uiterst fatsoenlijk man met een rechtlijnigheid die de grens met de tactloosheid nu en dan overschreed. Na zijn ministerschap burgemeester van Den Helder.

VVD
in de periode 1959-1963: minister

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Voornamen (roepnaam)

Simon Hendrik (Sim)

2.

Personalia

geboorteplaats en -datum
buurtschap Eierland (gem. Texel), 3 januari 1908

overlijdensplaats en -datum
Den Helder, 13 april 1983

3.

Partij/stroming

partij(en)
VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), van 1952 tot 1977 (lidmaatschap opgezegd)

4.

Hoofdfuncties/beroepen (3/10)

  • burgemeester van Den Helder, van 16 december 1967 tot 1 januari 1973
  • ambteloos, van 24 juli 1963 tot 16 december 1967
  • minister van Defensie, van 4 september 1959 tot 24 juli 1963

U ziet een selectie van de loopbaan. In de uitgebreide versie is de gehele loopbaan in te zien.

5.

Nevenfuncties (2/13)

  • adviseur Koninklijke Emballage Industrie "Van Leer"
  • lid Raad van Bestuur Raad der Europese Beweging

U ziet een selectie van de nevenfuncties. In de uitgebreide versie is een overzicht van nevenfuncties in te zien.

6.

Opleiding

In de uitgebreide versie is een overzicht van de opleiding(en) opgenomen.

7.

Activiteiten

als bewindspersoon (beleidsmatig) (2/4)
  • Bracht in 1963 een nota uit over de invoering van geestelijke verzorging aan dienstplichtigen door het Humanitisch Verbond. Dit zal gebeuren na een proeftijd van drie jaar. (7.166)
  • Was in 1961 verantwoordelijk voor de uitzending van een smaldeel naar Zuid-Oost Azië en in 1962 voor verdere troepenversterkingen vanwege Indonesische infiltraties in Nederlands Nieuw-Guinea

als bewindspersoon (wetgeving) (2/3)
  • Bracht in 1963 samen met minister Veldkamp en staatssecretaris Stijkel de Wet gevaarlijke stoffen (Stb. 313) tot stand, die regels bevat over het vervoer, de verpakking, de aflevering, het bewaren en het opruimen van gevaarlijke stoffen zoals chemicaliën, munitie, springstoffen en vuurwerk. (6.570)
  • Bracht in 1963 met minister Beerman een algehele herziening van het Militair strafprocesrecht en Militair tuchtrecht (Stb. 294, 295 en 296) tot stand. Deze wetten vervangen de uit 1814 daterende (en sedertdien gewijzigde) regelgeving. De wetten worden aangepast aan de nieuwe structuur van het Koninkrijk en aan de gewijzigde organisatie van de krijgsmacht, moderniseringen van het strafprocesrecht worden doorgevoerd en onder meer het recht van hoger beroep wordt uitgebreid. Het wetsvoorstel was in 1958 ingediend door de ministers Samkalden en Staf. (5.169)

U ziet een selectie van activiteiten. In de uitgebreide versie is het gehele overzicht van activiteiten in te zien.

8.

Wetenswaardigheden

algemeen (3/5)
  • Tijdens een debat in maart 1963 hierover onderschreef de meerderheid die conclusies, maar zij zag daarin geen reden voor een vertrouwensbreuk. Vooral VVD-fractievoorzitter Oud was echter zeer verbolgen dat minister Visser nauwelijks was ingegaan op zijn kritische, maar welwillende betoog. Visser had onmiddellijk na de eerste termijn van de Kamer een tevoren opgesteld betoog afgestoken.
  • In haar in februari 1963 verschenen rapport plaatste de Kamercommissie kritische kanttekeningen bij het optreden van de minister en bij diens weigering om over te gaan tot rehabilitatie van Van der Putten.
  • De VVD-Eerste Kamerfractie zegde naar aanleiding van de affaire-Van der Putten op 15 mei 1962 bij monde van haar voorzitter Van Riel het vertrouwen in de minister op.

uit de privésfeer
Zijn vader was hoofdonderwijzer op Texel

anekdotes en citaten
  • Tijdens de behandeling van de Defensienota in de Tweede Kamer in juni 1960 had hij het door afwezigheid van staatssecretaris Calmeijer zwaar te verduren bij de beantwoording en maakte hij een stuntelige indruk. Op zeker moment liet hij zich ontvallen: "Het is doordat er zoveel papieren op mijn tafel liggen, dat men bij het wisselen van de papieren het overzicht wel eens kwijtraakt."

pseudoniemen, bij-, koos- en schuilnamen
"De Padvinder" (bijnaam die zijn collega's in het kabinet hem gaven, vanwege zijn vaak ethische simpele redeneringen)

U ziet een selectie van wetenswaardigheden. In de uitgebreide versie is een overzicht van wetenswaardigheden opgenomen.

9.

Familie/gezin

In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.

10.

Uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.


Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.