Mr. A.H. (Benk) Korthals

Foto Mr. A.H. (Benk) Korthals

Rotterdamse advocaat die in de VVD tot de vooruitstrevende vleugel hoorde. Kwam in 1982 in de Tweede Kamer en maakte deel uit van de enquêtecommissie RSV. Nam in tegenstelling tot Joekes afstand van de negatieve conclusie over zijn partijgenoot Van Aardenne. Woordvoerder justitie en studiefinanciering. Klom later op tot vicefractievoorzitter. Minister van Justitie in het kabinet-Kok II en van Defensie in het kabinet-Balkenende I. Trad af na verschijning van het rapport van enquêtecommissie bouwfraude. Tegenstander van te grote inperking van de persoonlijke levenssfeer. Had de naam tamelijk lui te zijn, maar bracht niettemin de nodige wetgeving tot stand. Was in 2011-2014 voorzitter van de VVD.

VVD
in de periode 1982-2014: lid Tweede Kamer, minister, partijvoorzitter

voornamen (roepnaam)

Albertus Hendrikus (Benk)

personalia

geboorteplaats en -datum
Voorschoten, 5 oktober 1944

partij/stroming

partij(en)
VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), vanaf 1977

hoofdfuncties en beroepen

  • advocaat en procureur te Rotterdam, van 1974 tot 3 augustus 1998
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 september 1982 tot 3 augustus 1998
  • minister van Justitie, van 3 augustus 1998 tot 22 juli 2002
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 23 mei 2002 tot 22 juli 2002
  • minister van Defensie, van 22 juli 2002 tot 12 december 2002

activiteiten

als parlementariër
  • Was justitie- en defensiewoordvoerder van de VVD-Tweede Kamerfractie. Hield zich ook bezig met hoger onderwijs (studiefinanciering) en voerde in 1989 het woord bij de behandeling van de Invorderingswet 1990. Was in 1990 woordvoerder bij de behandeling van de anti-discriminatiewetgeving.
  • Interpelleerde op 22 januari 1987 samen met zijn fractiegenoot Loek Hermans de ministers Korthals Altes en Van Dijk over geweldadige acties in Nijmegen
  • Interpelleerde op 14 november 1990 de ministers Maij-Weggen en Hirsch Ballin over de verhoging van de boete voor zwartrijden in het openbaar vervoer
  • Diende in 1996 met Peter van Heemst (PvdA) een initiatiefwetsvoorstel in tot bestrijding van overlast rond drugspanden. Dit voorstel (later medeondertekend door O.P.G. Vos) werd in 2002 wet. Door de wet kan een gemeentebestuur na sluiting en ontruiming van een drugspand de eigenaar verplichten het huis op te knappen en opnieuw te verhuren. Bij weigering kan worden overgegaan tot onteigening. (24.549)

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Bracht in 1999 de voortgangsnotitie Voorkoming en bestrijding geweld op straat uit
  • Bracht in 1999 de Nota bestrijding van seksueel misbruik en seksueel geweld tegen kinderen uit. Getracht wordt de omvang van de problematiek beter in kaart te brengen. Via wetgeving wordt uitvoering gegeven aan een ILO-Verdrag tegen kinderarbeid (waaronder kinderprostitutie en exploitatie voor kinderporno). Bij politie en Openbaar Ministerie wordt gewerkt aan verdere professionalisering en gestructureerde opsporing. (26.690)
  • Trok in 2002 een wetsvoorstel tot verhoging van de strafmaat voor verboden wapenbezit en wapenhandel in, nadat vrijwel identiek (aangenomen) initiatiefvoorstel was bekrachtigd. (27.605)
  • Bracht in 2000 samen met staatssecretaris Cohen de Nota Alleenstaande minderjarige asielzoekers (de zgn. Ama's) uit. De procedure voor asielaanvragen van AMA's wordt versneld en ingezet wordt op begeleide terugkeer. Indien in land van herkomst geen opvang mogelijk is, wordt tijdelijk een vergunning tot verblijf verleend. Het onderzoek naar de leeftijd wordt verscherpt; mensensmokkel wordt krachtig bestreden. (27.062)
  • Bracht in 2001 samen met minister De Vries de Nota "Criminaliteitsbeheersing. Investeren in een zichtbare overheid" uit. Geconstateerd wordt dat de omvang van de criminaliteit zorgen blijft baren en dat het ophelderingspercentage te laag is. Criminaliteitsbeheersing krijgt daarom extra prioriteit. Dit betreft zowel de inspanningen op het gebied van preventie als de strafrechtelijke handhaving. Ingezet wordt op verbetering van toezicht, vergroting van de pakkans, snellere procedures voor berechting en tenuitvoerlegging van straffen en persoonlijke aanpak van daders gericht op het voorkomen van recidive. Dit moet worden bereikt door uitbreiding van de capaciteit van politie en toezichthouders, verlenging van de arbeidstijd van de politie en investeringen in toezicht en opsporing. (27.834)
  • Bracht in 2002 samen met minister De Vries Nota Landelijke en bovenregionale recherche uit. Er komen naast een Landelijk Rechercheteam zeven kernteams voor de bestrijding van zware georganiseerde misdaad. Zij maken organisatorisch deel uit van zes regionale korpsen, respectievelijk het KLPD. Aan de kernteams worden eenheden met specifieke taken opgehangen (bijvoorbeeld bestrijding van drugscriminaliteit). Er komt personele uitbreiding. (28.250)
  • Bracht in 2002 samen met de ministers De Vries en Borst de Nota 'Aanpak huiselijk geweld uit. Privé geweld - publieke zaak' uit. Hierin wordt intensivering van beleid geformuleerd voor de aanpak van deze meest voorkomende geweldsvorm. Het gaat daarbij zowel om bewustwording als om intensivering van het in 2000 gestarte project 'voorkomen en bestrijden huiselijk geweld'. Dat behelst onder meer sterkere aandacht binnen de politieorganisatie voor het probleem, steun aan weerbaarheidstrainingen, vrouwenopvang en wettelijke maatregelen, zoals strafverzwaring. (28.345)
  • Diende in 2002 het wetsvoorstel Wet terroristische misdrijven in. De wet werd in 2004 door minister Donner in het Staatsblad gebracht. (28.463)
  • Was als minister van Defensie betrokken bij verlening van de Nederlandse militaire deelname aan een VN-missie in Afghanistan (ISAF) (27.925)

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1998 samen met staatssecretaris Vermeend een wet inzake herziening van het fiscaal procesrecht (Stb. 621) in het Staatsblad. Het fiscale procesrecht wordt in overeenstemming gebracht met de Algemene wet bestuursrecht. De Wet administratieve rechtspraak belastingzaken wordt ingetrokken. (25.175)
  • Bracht in 1998 een wet (Stb. 243) tot herziening van het gerechtelijk vooronderzoek tot stand. Daardoor worden de regels met betrekking tot huiszoeking vereenvoudigd. Het wetsvoorstel was in 1993 ingediend door minister Hirsch Ballin. (23.251)
  • Bracht in 1999 samen met de ministers Borst en Van Boxtel wijzigingen (Stbb. 167 en 168) van de Opiumwet tot stand waardoor de burgemeesters de bevoegdheid krijgt voor publiek toegankelijke panden te sluiten waar in strijd met de Opiumwet drugs worden verkocht. Tevens wordt de strafmaat verhoogd tot vier jaar gevangenisstraf voor beroeps- en bedrijfsmatige hennepteelt die als grondstof voor drugs dient. Het wetsvoorstel was in 1997 mede ingediend door minister Sorgdrager. (25.324, 25.325)
  • Bracht in 1999 een wet (Stb. 194) tot reorganisatie openbaar ministerie en instelling landelijk parket in het Staatsblad. Hierdoor komt er een College van procureurs-generaal, een landelijk parket en wordt de positie van ressorts- en arrondissementsparketten gelijkgesteld. De wet moet betere controle op het landelijk rechercheteam en opsporingstechnieken mogelijk maken. Het wetsvoorstel was in 1997 ingediend door minister Sorgdrager. (25.392)
  • Bracht in 1999 de wet bijzondere politieregisters (Stb. 244) tot stand. Deze stelt nadere voorwaarden aan gegevens over personen in de bijzondere politieregisters. De Criminele Inlichtingendienst mag alleen gegevens vastleggen over georganiseerde misdaad en over ernstige misdrijven. Het wetsvoorstel was in 1997 ingediend door minister Sorgdrager. (25.398)
  • Bracht in 1999 de Wet bijzondere opsporingsbevoegdheden (Stb. 245) tot stand. Deze wet regelt opsporingsmethoden als observatie, infiltratie, pseudo-koop, inkijkoperaties, informanten, direct afluisteren en aftappen. Het gezag over het toepassen hiervan berust bij het Openbaar Ministerie. Het wetsvoorstel was in 1997 ingediend door minister Sorgdrager en was een uitvloeisel van de uitkomst van de IRT-enquêtecommissie. Het wetsvoorstel was in 1997 ingediend door minister Sorgdrager. (25.403)
  • Bracht in 1999 een wet (Stb. 464) tot opheffing van het bordeelverbod tot stand. Het algemene bordeelverbod wordt vervangen door een verbod van exploitatie van onvrijwillige prostitutie en van prostitutie door minderjarigen. Daardoor kunnen gemeenten vrijwillige prostitutie beter sturen en reguleren en wordt de positie van de prostitué(e)'s verbeterd. Het wetsvoorstel was in 1997 ingediend door minister Sorgdrager. (25.437)
  • Bracht in 1999 een wet (Stb. 467) tot stand tot uitsluiting beroep in lichte overtredingszaken. Doel is vermindering van de werklast van de strafkamer van de Hoge Raad. Het wetsvoorstel was in 1998 ingediend door minister Sorgdrager. (26.027)
  • Bracht in 1999 een wijziging (Stb. 469) van de Wet op de rechterlijke organisatie en van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften tot stand die het mogelijk om hoger beroep in cassatie (bij de Hoge Raad) voor zaken op grond van de zogenoemde Wet Mulder voortaan bij het gerechtshof in Leeuwarden te behandelen. Bovendien kan alleen nog maar beroep worden aangetekend voor zaken met een sanctie van minimaal 150 gulden. Het wetsvoorstel was in 1998 ingediend door minister Sorgdrager. (25.927)
  • Bracht in 1999 samen met minister Peper een wijziging (Stb. 575) van de Politiewet en de Wet politieregisters tot stand inzake overdracht van het beheer van de Korps Landelijke Politiediensten (KLPD). Dit beheer gaat per 1 januari 2000 over van Justitie naar Binnenlandse Zaken. Doel is het bereiken van meer eenheid in de samenwerking tussen de korpsen en de beheersmatige aansturing en tevens verduidelijking van de verantwoordelijkheden. (26.461)
  • Bracht in 2000 een wet (Stb. 40) tot stand waarbij de strafbepalingen over fraude in de sociale wetgeving, pensioenwetten, Wet individuele huursubsidie en Wet Studiefinanciering worden overgeheveld naar het Wetboek van Strafrecht. Tevens wordt de maximumgevangenisstraf op fraude verhoogd. Het wetsvoorstel was in 1994 ingediend door minister Sorgdrager. (23.993)
  • Bracht in 2000 wetten (Stbb. 173, 174 en 175) tot stand inzake verruiming van de strafbaarstelling voor openlijke geweldpleging en tot aanpassing van de regeling van rechterlijke bevelen tot handhaving van de openbare orde. Dit mede in het kader van het Europees kampioenschap voetbal ('Euro 2000') in Nederland. (26.519, 26.735, 26.825)
  • Bracht in 2000 de Wet persoonsregistraties 2000 (Stb. 302) tot stand. De wet vereenvoudigt de administratieve procedures voor de houders van gegevensregistraties en geeft de Registratiekamer meer bevoegdheden, onder meer om op te treden tegen onrechtmatige gegevensverwerking. Het wetsvoorstel was in 1998 ingediend door minister Sorgdrager. (25.892)
  • Bracht in 2000 een wijziging (Stb. 365) van het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafvordering tot stand omtrent de straf van onbetaalde arbeid ten algemenen nutte (taakstraffen). Werk- en leerstraffen worden wettelijk vastgelegd. De maximumduur van een werkstraf wordt 240 uren en van een leerstraf 480 uur. Beide straffen kunnen met andere straffen worden gecombineerd. Het wetsvoorstel was in 1998 ingediend door minister Sogrdrager. (26.114)
  • Bracht in 2000 samen met minister De Vries een wijziging (Stb. 385) van de Gemeentewet tot stand, waardoor er een identificatieplicht voor prostituees wordt ingevoerd. Vanwege opheffing van het bordeelverbod krijgen gemeenten de mogelijkheid om door middel van een vergunningstelsel te voorkomen dat illegale en minderjarige prostituees in seksinrichtingen werkzaam zijn. (27.174)
  • Bracht in 2000 samen met minister De Vries een wijziging (Stb. 450) van de Politiewet 1993 tot stand, waardoor beheersbevoegdheden op rijksniveau met betrekking tot de regionale politiekorpsen bij de minister van Binnenlandse Zaken worden geconcentreerd. Er komen waarborgen voor de minister van Justitie om te verzekeren dat deze optimaal inhoud kan geven aan de verantwoordelijkheid voor de nationale en internationale strafrechtshandhaving. (26.813)
  • Bracht in 2000 de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen (Stb. 481) tot stand, waardoor bepalingen over de rechtspositie van minderjarigen in een jeugdinrichting onder één wet worden gebracht. De wet bevat onder meer regels over de zorgplicht van de directeur van de inrichting, over ordemaatregelen en disciplinaire maatregelen en over scholing. Het wetsvoorstel was in 1998 ingediend door minister Sorgdrager. (26.016)
  • Bracht in 2000 de Wet productaansprakelijkheid landbouwproducten (Stb. 493) tot stand, die consumenten beter moet beschermen tegen onveilige voedingsmiddelen. De wet is, als uitwerking van een EG-richtlijn, een uitvloeisel van de zogenaamde BSE-affaire (gekke-koeienziekte). (27.051)
  • Bracht in 2000 de Wet afschaffing titelbescherming en beëdiging makelaars (Stb. 540) tot stand. De branche zorgt zelf voor een certificeringsregeling waarin kwaliteits- en opleidingseisen worden opgenomen. De concurrentie tussen bemiddelaars en makelaars wordt hiermee bevorderd. (26.667)
  • Bracht in 2001 een wet (Stb. 28) tot stand over het onder dwang doen afkicken van verslaafden, wanneer er sprake is van ernstige overlast. Het betrof een novelle op wetsvoorstel 24.263 (Penitentiaire beginselenwet, Stb. 430, 1998) (26.023)
  • Bracht in 2001 samen met minister Borst de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Stb. 194) tot stand. Hierdoor is euthanasie niet langer strafbaar, mits de arts zich aan zorgvuldigheidseisen houdt. De arts moet zijn handelen melden aan de gemeentelijke lijkschouwer overeenkomstig hetgeen daaromtrent is bepaald in de Wet op de lijkbezorging. Multidisciplinair samengestelde commissies toetsen achteraf de in acht genomen zorgvuldigheid. De wet bevat eveneens regels over de besluitvorming inzake euthanasie voor minderjarigen. Het wetsvoorstel was eerder, in 1998, door D66, PvdA en VVD als initiatiefwetsvoorstel ingediend. (26.691)
  • Bracht in 2001 samen met minister Van Aartsen een wet tot stand ter goedkeuring van het op 17 juli 1998 totstandgekomen Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof (27.484)
  • Bracht in 2001 een wet (Stb. 531) tot stand waardoor slachtoffers van misdrijven zich rechtstreeks kunnen beklagen indien een strafbaar feit niet wordt vervolgd. Het wetsvoorstel was in 1999 door minister Sorgdrager ingediend. (26.436)
  • Bracht in 2001 de Wet organisatie en bestuur gerechten (Stb. 582) en de Wet Raad voor de rechtspraak (Stb. 583) tot stand. Hierdoor wordt de rechterlijke organisatie gemoderniseerd. Alle gerechten krijgen een collegiaal bestuur, bestaande uit rechters en een niet-rechter. Dit bestuur krijgt de algehele leiding van het gerecht en is verantwoordelijk voor het rechterlijk en ondersteunend personeel. De kantongerechten worden bestuurlijk ondergebracht bij de rechtbanken. De Raad voor de rechtspraak moet de onafhankelijkheid van de rechterlijke organisatie versterken. De raad wordt belast met beheersmatige, adviserende en coördinerende taken. (27.181, 27.182)
  • Bracht in 2001 wetten (Stbb. 580 en 584) tot herziening van het procesrecht in burgerlijke zaken tot stand. Het procesrecht wordt hierdoor vereenvoudigd, gedeformaliseerd en geharmoniseerd. (26.855)
  • Bracht in 2001 een wet (Stb. 606) tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht en enkele andere wetten tot stand inzake het witwassen van opbrengsten van misdrijven. Aan het Wetboek van Strafrecht wordt een aparte bepaling toegevoegd tot strafbaarstelling van het witwassen van opbrengsten van misdrijven, ongeacht of het door eigen misdrijf verkregen opbrengsten dan wel opbrengsten van andermans misdrijf betreft. (27.159)
  • Bracht in 2001 samen met minister Van Aartsen wetten tot stand ter uitvoering van verdragen over bestrijding van terroristische bomaanslagen en van financiering van terrorisme. (28.028, 28.029, 28.030, 28.031)
  • Bracht in 2002 twee noodwetjes (Stbb. 124 en 125) tot stand die verband hielden met de problematiek van drugskoeriers. Hierdoor kan een jaar lang voor drugskoeriers een soberder gevangenisregime worden opgelegd. Daarnaast kunnen tijdelijk verdachten enkele dagen in een politiecel worden opgesloten, in afwachting van overbrenging naar een huis van bewaring. (28.201, 28.202)
  • Bracht in 2002 een wet (Stb. 355) tot stand tot verruiming van de mogelijkheden voor berechting door een enkelvoudige kamer in eerste aanleg en in appel. De capaciteit voor de berechting van misdrijven in eerste aanleg en in appel wordt daarmee vergroot. Het risico op schending van het vereiste van berechting binnen een redelijke termijn als omschreven in het Europees verdrag voor de rechten van de mens (EVRM) moet zo worden verminderd. (28.215)
  • Bracht in 2002 een partiële wijziging (Stb. 388) van de zedelijkheidswetgeving tot stand. De wijziging maakt deel uit van een geïntegreerde aanpak van seksueel geweld en misbruik. Het moet een bijdrage leveren aan grotere effectiviteit van strafrechtelijk optreden hiertegen. De wijzigingen behelzen onder meer schrapping van het klachtvereiste en invoering van een hoorrecht van enkele categorieën van minderjarige slachtoffers, strafbaarstelling van uitbuiting van andere seksuele dienstverlening dan prostitutie, en uitbreiding van de toepasselijkheid van de strafwet tot buiten Nederland gepleegde zedendelicten door vreemdelingen die in Nederlands een vaste woon- of verblijfplaats hebben. (27.745)

wetenswaardigheden

woonplaats
Rotterdam

publicaties/bronnen

literatuur/documentatie
  • "Vrijheid en Democratie", 14 december 1982
  • H. Visser, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1983)
  • T. van Rijckevorsel en H. Enkelaar, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1988)
  • Toof Brader en Marja Vuijsje, "Haagse portretten. Tweede-Kamerleden, ministers, staatssecretarissen" (1995, 1999)

uitgebreide versie

uitgebreide versie
Van deze pagina bestaat een uitgebreide versie met partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding, wetenswaardigheden etc. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft. reageer

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.