Home > Regering > Kabinet > Kabinetten 1945-heden > Kabinet-Balkenende I (2002-2003)

Kabinet-Balkenende I (2002-2003)

Na acht jaar 'paars' (de kabinetten Kok I en Kok II ) trad in 2002 een centrumrechtse coalitie aan van CDA en VVD samen met nieuwkomer LPF (de Lijst Pim Fortuyn). De enorme winst van deze nieuwe partij (26 zetels) bij de Tweede Kamerverkiezingen van 15 mei 2002 maakte een kabinet zonder deze partij bijna onmogelijk. CDA-leider Jan-Peter Balkenende werd de nieuwe premier.

 
Kabinet-Balkenende I

De formatie van het kabinet verliep vlot. De samenwerking tussen de coalitiepartijen verliep echter al snel moeizaam. Er waren voortdurende spanningen binnen de LPF-fractie en tussen de LPF-bewindslieden onderling. Zo bleek de relatie tussen vicepremier Bomhoff en minister Heinsbroek al spoedig verstoord.

De verstoorde verhoudingen binnen de LPF maakten dat het kabinet al na 87 dagen viel. CDA en VVD zegden hun vertrouwen in de samenwerking met de LPF op. Na verkiezingen trad op 27 mei 2003 het opvolgende kabinet-Balkenende II aan.

Formatie, regeerakkoord en regeringsverklaring

Formatie

De Tweede Kamerverkiezingen van 2002 lieten een grote winst zien voor nieuwkomer LPF en verlies voor de deelnemers aan Paars (PvdA , VVD , D66 ). CDA , LPF en VVD stuurden aan op vorming van een kabinet en slaagden daarin onder leiding van informateur Piet Hein Donner . Zij sloten een 'strategisch akkoord'. Op 4 juli 2002 debatteerde de Tweede Kamer over dit akkoord. Op 22 juli 2002 werd, na een door openheid gekenmerkte formatie, het kabinet-Balkenende I beëdigd.

Regeerakkoord en regeringsverklaring

CDA, LPF en VVD sloten op 3 juli 2002 het strategisch akkoord 'Werken aan vertrouwen, een kwestie van aanpakken '. Op 26 juli legde premier Balkenende de regeringsverklaring af.

Data en zittingsduur

Samenstelling kabinet

Minister-President
Mr.Drs. J.P. Balkenende (cda)

Viceminister-president
J.W. Remkes (vvd)
Dr. E.J. Bomhoff (lpf) (22 juli 2002 - 16 oktober 2002)
R.H. de Boer (lpf) (18 oktober 2002 - 27 mei 2003)

Algemene Zaken
minister: Mr.Drs. J.P. Balkenende (cda)

Buitenlandse Zaken
minister: Mr. J.G. de Hoop Scheffer (cda)
staatssecretaris: A.M.A. van Ardenne-van der Hoeven (cda)
staatssecretaris: Mr.Drs. A. Nicolaï (vvd)

Justitie
minister: Mr. J.P.H. Donner (cda)

minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie
minister: Mr. H.P.A. Nawijn (lpf)

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
minister: J.W. Remkes (vvd)
staatssecretaris: R.H. Hessing (lpf)

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap(pen)
minister: M.J.A. van der Hoeven (cda)
staatssecretaris: Mr.Drs. C.H.J. van Leeuwen (lpf)
staatssecretaris: Drs. A.D.S.M. Nijs (vvd)

Financiën
minister: Drs. J.F. Hoogervorst (vvd)
staatssecretaris: Dr. S.R.A. van Eijck (lpf)

Defensie
minister: Mr. A.H. Korthals (vvd) (22 juli 2002 - 12 december 2002)
minister: H.G.J. Kamp (vvd) (12 december 2002 - 27 mei 2003)
staatssecretaris: C. van der Knaap (cda)

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
minister: H.G.J. Kamp (vvd)
staatssecretaris: Drs. P.L.B.A. van Geel (cda)

Verkeer en Waterstaat
minister: R.H. de Boer (lpf)
staatssecretaris: Drs. M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus (vvd)

Economische Zaken
minister: Mr. H.Ph.J.B. Heinsbroek (lpf) (22 juli 2002 - 16 oktober 2002)
minister: Drs. J.F. Hoogervorst (vvd) (16 oktober 2002 - 27 mei 2003)
staatssecretaris: Mr.Drs. J.G. Wijn (cda)

Landbouw, Natuurbeheer en Visserij
minister: Dr. C.P. Veerman (cda)
staatssecretaris: Ir. B.J. Odink (lpf)

Sociale Zaken en Werkgelegenheid
minister: Mr. A.J. de Geus (cda)
staatssecretaris: Drs. M. Rutte (vvd)
staatssecretaris: R.R.Ph. Bijlhout (lpf) (22 juli 2002 - 24 juli 2002)
staatssecretaris: K.L. Phoa (lpf) (9 september 2002 - 27 mei 2003)

Volksgezondheid, Welzijn en Sport
minister: Dr. E.J. Bomhoff (lpf) (22 juli 2002 - 16 oktober 2002)
minister: Mr. A.J. de Geus (cda) (16 oktober 2002 - 27 mei 2003)
staatssecretaris: Drs. C.I.J.M. Ross-van Dorp (cda)

Wijzigingen in de samenstelling van het kabinet

Ondanks de korte zittingsduur wijzigde de samenstelling van het kabinet-Balkenende I vier keer. Eén keer trad een staatssecretaris af en drie keer een minister.

  • De Geus en Hoogervorst namen taken Heinsbroek (Economische Zaken) en Bomhoff (Volksgezondheid) over

    Op 15 oktober 2002 vroeg LPF-minister De Boer zijn LPF-collega's Bomhoff en Heinsbroek ontslag te nemen vanwege hun onwerkbare onderlinge verhouding. De ministerraad besloot die avond dat Heinsbroek en Bomhoff de volgende dag uiterlijk 9.00 uur een besluit bekend moesten maken. Bomhoff deelde omstreeks 10.00 uur mee te zullen opstappen, maar de fractievoorzitters Verhagen (CDA) en Zalm (VVD) hadden eerder die dag al het vertrouwen in het kabinet opgezegd. Nadat dit bekend was geworden bood ook Heinsbroek zijn ontslag aan. De ministers De Geus en Hoogervorst namen de taken van de afgetreden ministers over. LPF-minister De Boer werd vicepremier.

Zetelverdeling in parlement en kabinet

In de Tweede Kamer kon het kabinet-Balkende I op een ruime meerderheid rekenen. Omdat de LPF niet in de Eerste Kamer vertegenwoordigd was, had het kabinet slechts een kleine meerderheid in de Eerste Kamer.

Tijdens de zittingsduur van het kabinet vonden er geen verkiezingen voor de Eerste Kamer plaats.

 
 

CDA

LPF

VVD

totaal

Kabinet: Ministers / (Staatssecretarissen)

6/(5)

4/(5)

4/(4)

14/(14)

Tweede Kamer op 22 juli 2002

43

26

24

93 (62%)

Eerste Kamer

20

-

19

39 (52%)

Op 1 oktober 2002 werden Winny de Jong en Cor Eberhard uit de Tweede Kamerfractie van de LPF gezet, nadat beiden openlijk kritiek hadden geleverd op fractievoorzitter Harry Wijnschenk . De Jong en Eberhard gingen als duo verder in de groep-De Jong .

Als gevolg van de onwerkbare verhoudingen binnen de fractie werd fractievoorzitter Harry Wijnschenk op 17 oktober 2002 uit de LPF-fractie gezet.

Financieel-economisch beleid

De economische groei kwam in de korte regeerperiode van het kabinet-Balkenende I vrijwel tot stilstand. Dit beperkte de budgettaire ruimte voor extra uitgaven aan zorg en onderwijs. Het kabinet nam zich voor het zorgstelsel en de WAO te hervormen en de spaarloonregeling te versoberen. Binnen drie maanden kwam het kabinet echter ten val, waarna verkiezingen werden uitgeschreven voor januari 2003. Zo ging er kostbare tijd om in te grijpen verloren, terwijl de economie aan een vrije val bezig leek.

Wetgeving

Beleid per departement

Het kabinetsbeleid werd sterk bepaald door de econmosche omstandigheden. De verminderde economische situatie beperkte de ruimte voor investeringen in zorg en onderwijs. Er waren plannen voor een nieuw zorgstelsel en voor beperking van het aantal WAO'ers. Om te bezuinigen werden fiscale voordelen voor 'groen' beleggen verminderd en werd de spaarloonregeling versoberd.

Justitie

  • Minister voor Vreemdelingenbeleid en Integratie

    Er kwam bij het ministerie van Justitie een minister voor Vreemdelingenbeleid en Integratie. Deze post werd vervuld door LPF'er Nawijn. Enkele malen waren zijn uitlatingen aanleiding voor een debat. Zo zorgden in november 2002 uitspraken in 'Nieuwe Revu' over herinvoering van de doodstraf voor opschudding. Een maand later was kritiek van Nawijn op het functioneren van de Tweede Kamer reden om hem ter verantwoording te roepen.

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

  • Staatssecretaris voor Openbare Orde en Veiligheid

    Veiligheid was een belangrijk thema van het nieuwe kabinet. Er kwam daarom onder de minister van Binnenlandse Zaken een aparte staatssecretaris voor Openbare Orde en Veiligheid.

Defensie

  • Joint Strike Fighter-project

    Het kabinet hield vast aan participatie in de ontwikkeling (system development and demonstration) van de Joint Strike Figther (JSF).

Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

  • Vogelpest

    Begin 2003 was er een uitbraak van vogelpest in de pluimveesector. Bedrijven werden geruimd en ook dieren die als hobbypluimvee werden gehouden, moesten worden vernietigd. Minister Veerman werd vanwege zijn aanpak van deze crisis zowel geprezen als bekritiseerd.

Bijzonderheden

Moord op Pim Fortuyn

Het kabinet trad aan in een politiek woelige periode. Vlak voor de verkiezingen van 15 mei 2002 was Pim Fortuyn , oprichter en politiek leider van de LPF, vermoord. Nog door het tweede kabinet-Kok werd de commissie-Van den Haak ingesteld om de beveiliging van Fortuyn te onderzoeken. Het rapport van de commissie verscheen op 17 december 2002. Er was daarin vooral kritiek op de BVD en het Korps Landelijke Politiediensten. Tot politieke problemen voor de ministers Remkes en Donner leidde dit echter niet.

Irak-oorlog

De Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en enkele andere landen besloten tot militair optreden in Irak. Dit optreden gebeurde zonder direct mandaat van de VN-Veiligheidsraad. De Nederlandse regering besloot om geen militaire steun te geven, maar steunde het optreden wel in politieke zin.

Affaire Margarita

In maart 2003 was er een rel na uitlatingen van prinses Margarita, een nicht van koningin Beatrix, op aandringen van Prins Bernhard. Beschuldigingen over machtsmisbruik en ongeoorloofd optreden door de AIVD leidden ook tot kritiek op de directeur van het Kabinet van de Koningin.

Overlijden Prins Claus

Op 6 oktober 2002 overleed Prins Claus, prins-gemaal van Koningin Beatrix op 76-jarige leeftijd. Hij werd op 15 oktober 2002 bijgezet in de grafkelder van de koninklijke familie in de Nieuwe Kerk in Delft.

Troonrede

De enige troonrede waarvoor het kabinet verantwoordelijk was, ging met name in op de plotseling ontstane onzekerheden op het gebied van veiligheid en economie.

Einde van het kabinet

De 'LPF-crisis'

Op woensdag 16 oktober 2002 kwam het kabinet-Balkenende ten val. Na wekenlange geruzie tussen de LPF-ministers Bomhoff en Heinsbroek hadden de overige ministers, inclusief de LPF-collega's, aangedrongen op hun vertrek. Hoewel Bomhoff en Heinsbroek woensdagochtend de premier hun ontslag hadden aangeboden, zegden de fractievoorzitters van VVD en CDA , Zalm en Verhagen , op 16 oktober toch het vertrouwen in het kabinet op.


Meer over


Bent u als journalist of wetenschapper op zoek naar statistische gegevens over Kamerleden of bewindspersonen, bijvoorbeeld gemiddelde leeftijd, ervaring, herkomst, beroep, m/v, of per politieke partij? PDC, partner van het Montesquieu Instituut, kan deze gegevens onder voorwaarden beschikbaar stellen voor wetenschappelijk onderzoek en journalistieke publicaties. Neem voor meer informatie contact op met PDC .

Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.