Prof.Mr. K.G. (Klaas) de Vries

foto Prof.Mr. K.G. (Klaas) de Vriesvergrootglas

Klaas de Vries (1943) was in de periode 1973-2015 onder meer Tweede Kamerlid (in de perioden 1973-1988 en 2002-2006), hoofddirecteur van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (1988-1996), voorzitter van de Sociaal-Economische Raad (1996-1998), minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in het tweede kabinet-Kok, en Eerste Kamerlid (2007-2015). Hij was voorts bijzonder hoogleraar in Nijmegen. Hij is sinds 2007 voorzitter van het Centrum Arbeidsverhoudingen Overheidspersoneel. De heer De Vries was in de Tweede Kamer namens de PvdA onder meer woordvoerder defensie en binnenlandse zaken en in de Eerste Kamer voor Europese Zaken. In beide Kamers was hij ondervoorzitter. In 1986-1988 was hij voorzitter van de enquêtecommissie bouwsubsidies.

PvdA
in de periode 1973-2015: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer, minister, voorzitter SER

voornamen (roepnaam)

Klaas George (Klaas)

personalia

geboorteplaats en -datum
Hoensbroek, 28 april 1943

niet-kerkelijke levensbeschouwing
humanistisch

partij/stroming

partij(en)
PvdA (Partij van de Arbeid), vanaf 1968

hoofdfuncties/beroepen

  • ambtenaar hoofdafdeling rechterlijke organisatie, ministerie van Justitie, van 1968 tot 1971
  • lid gemeenteraad van Delft, van 1 september 1970 tot 1971
  • wetenschappelijk medewerker staats- en bestuursrecht, Nederlandse Economische Hogeschool te Rotterdam, van 1971 tot mei 1973
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 28 mei 1973 tot 1 september 1988
  • hoofddirecteur VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten), van 1 september 1988 tot 1 april 1996
  • voorzitter SER (Sociaal-Economische Raad), van 1 april 1996 tot 3 augustus 1998
  • minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van 3 augustus 1998 tot 24 maart 2000
  • minister van Landbouw, Visserij en Natuurbeheer, van 7 juni 1999 tot 8 juni 1999 (na het aftreden van minister Apotheker)
  • minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, van 24 maart 2000 tot 22 juli 2002
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 23 mei 2002 tot 30 november 2006
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 12 juni 2007 tot 9 juni 2015
  • bijzonder hoogleraar 'De praktijk en cultuur van het Nederlandse parlement', Radboud Universiteit Nijmegen, van 1 juni 2009 tot oktober 2012 (vanwege de Stichting Parlementaire Geschiedenis)

(in)formateurschap(pen)
  • informateur, van 14 mei 1994 tot 27 juni 1994 (met Van Aardenne en Vis)
  • informateur, van 8 mei 1998 tot 13 mei 1998

activiteiten

als parlementariër
  • Hield zich tot 1988 als Tweede Kamerlid onder meer bezig met defensie-aangelegenheden (defensiepersoneel), binnenlandse zaken (grondwet, werkwijze parlement), en buitenlandse zaken
  • Vroeg in 1976 met Henk Waltmans (PPR) en Hans van Mierlo (D66) een onderzoek in te stellen naar het wapenaankoopbeleid. Dit leidde tot instelling van en subcommissie uit de bijzondere commissie COAC (Onderzoek naar het aanschaffingsbeleid op het gebied van defensiemateriaal en de controle daarop).
  • Bracht in 1977 samen met vijf anderen via een initiatiefwetsvoorstel een modernisering van de Enquêtewet tot stand. Voortaan kunnen ook zittende bewindslieden voor verhoor worden opgeroepen en kunnen Kamercommissies een voorstel tot enquête indienen. Verdedigde (als enige) namens de indieners het voorstel in de Tweede Kamer. (13.837)
  • Interpelleerde op 20 februari 1980 minister Scholten over het arrest van de Hoge Raad over aanwijzing van dienstplichtige militairen om uitgezonden te worden naar Libanon
  • Interpelleerde op 1 september 1983 samen met Maarten Engwirda (D66) minister Van den Broek over het Griekse voorstel over uitstel van een besluit over de plaatsing van kruisvluchtwapens
  • Was in 1984 woordvoerder bij het debat over het wetsvoorstel Goedkeuring van het Verdrag met de Verenigde Staten tot stand inzake de stationering van kruisvluchtwapens in Nederland. Betwistte de grondwettelijkheid van dat verdrag.
  • Was in de periode 2002-2006 woordvoerder asielbeleid
  • Interpelleerde op 21 juni 2005 minister Verdonk over de ontruiming van het asielzoekerscentrum Martinihof in Groningen (30.167)
  • Diende in 2005 samen met zijn collega's Wim van de Camp (CDA), Ruud Luchtenveld (VVD) en Kees van der Staaij (SGP) een initiatiefvoorstel in over herziening van de Wet op de parlementaire enquête. Doel is onder meer uitbreiding van de bevoegdheden van de enquêtecommissie en betere bescherming van getuigen. Het voorstel is in 2008 door beide Kamers aangenomen. (30.415)

opvallend stemgedrag
  • Behoorde in 1986 tot de tien leden van zijn fractie die tegen een (verworpen) motie-Van den Bergh stemden over het afwijzen van leverantie van onderzeeboten aan Saoedi-Arabië
  • Behoorde in 2004 tot de drie leden van zijn fractie die tegen het voorstel in tweede lezing tot deconstitutionalisering van de burgemeestersbenoeming stemden
  • Behoorde in 2013 tot de drie leden van zijn fractie die tegen het wetsvoorstel verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden stemden

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Bracht in 1999 samen met staatssecretaris Hoogervorst de Nota Structuur Uitvoering Werk en Inkomen (SUWI) uit over de uitvoering van de werknemersverzekeringen (26.448)
  • Bracht in mei 2000 een brief uit met het kabinetsstandpunt over in op 17 januari 2000 verschenen rapport van de Staatscommissie Dualisme en lokale democratie. Kondigde daarin wetgeving aan over dualisering van het gemeentebestuur en provinciebestuur, alsmede voortgang van het reeds aanhangige voorstel over de benoemingsprocedure burgemeester en commissaris van de Koning, inclusief burgemeestersreferendum (26.800)
  • Bracht in 2001 als minister van BZK samen met minister Korthals de Nota "Criminaliteitsbeheersing. Investeren in een zichtbare overheid" uit. Criminaliteitsbeheersing krijgt extra prioriteit. Ingezet wordt onder meer op verbetering van (gemeentelijk) toezicht. Dit moet worden bereikt door uitbreiding van de capaciteit van politie en toezichthouders, verlenging van de arbeidstijd van de politie en investeringen in toezicht en opsporing. (27.834)
  • Kreeg in 2001 tijdens een debat in de Eerste Kamer geen steun voor een in de notitie "Reflecties over de positie van de Eerste Kamer" voorgestelde invoering van een terugzendrecht. Met name over de vraag welke Kamer het laatste woord moest krijgen over een teruggezonden wetsvoorstel bleek geen overeenstemming te bestaan.
  • Diende in 2001 het wetsvoorstel Wet bestuur in stedelijke regio's in. Het wetsvoorstel werd in 2004 ingetrokken en vervangen door een wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen. (28.095)
  • Bracht in 2002 samen met minister Korthals de Nota Landelijke en bovenregionale recherche uit. Er komen naast een Landelijk Rechercheteam zeven kernteams voor de bestrijding van zware georganiseerde misdaad. Zij maken organisatorisch deel uit van zes regionale korpsen, respectievelijk het KLPD. Aan de kernteams worden eenheden met specifieke taken opgehangen (bijvoorbeeld bestrijding van drugscriminaliteit). Er komt personele uitbreiding. (28.250)
  • Belangrijke benoemingen tijdens zijn ministerschap: Franssen (VVD, Commissaris der Koningin in Zuid-Holland), Meijer (VVD, burgemeester van Zwolle), Cohen (PvdA, burgemeester van Amsterdam), mw. G. ter Horst (PvdA, burgemeester van Nijmegen), mw. P.C. Krikke (VVD, burgemeester van Arnhem), Jansen (CDA, Commissaris der Koningin in Overijssel), Leers (CDA, Maastricht)

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1999 de Wet modernisering stelsel publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie (PBO) in het Staatsblad (Stb. 253). Deze wet zorgt ervoor dat de instelling of opheffing van product- en bedrijfschappen geregeld wordt bij algemene maatregel van bestuur na advies van de Sociaal-Economische Raad. Het wetsvoorstel was in 1997 ingediend door minister Melkert. (25.695)
  • Bracht in 1999 de Wet experimenten Werkloosheidswet (Stb. 307) tot stand, waardoor de effecten van het op langdurig werklozen gerichte reïntegratie- en activeringsbeleid in de praktijk kunnen worden getoetst. (26.394)
  • Bracht in 2000 als minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties samen met de ministers Korthals en Van Boxtel een wet (Stb. 175) tot invoering van bestuurlijke ophouding tot stand, waarmee burgemeesters de bevoegdheid kregen grote groepen ordeverstoorders op te pakken (onder andere met het oog op het Europees kampioenschap voetbal, Euro 2000). (26.735)
  • Bracht in 2000 samen met minister De Grave een wijziging van de bepalingen in de Grondwet over de verdediging tot stand. In artikel 100 wordt opgenomen dat de Staten-Generaal moet worden ingelicht als de krijgsmacht wordt ingezet voor internationale vredesmissies. (26.243)
  • Bracht in 2000 wetten tot stand over gemeentelijke herindelingen in de Over-Betuwe (Elst en Bemmel), in West-Overijssel (omgeving Kampen, Ommen, Hardenberg en Steenwijk), en in een deel van Utrecht (uitbreiding Utrecht met de gemeente Vleuten-De Meern, uitbreiding Woerden en De Bilt)
  • Bracht in 2000 wetten tot stand tot uitbreiding van de gemeente Venlo en tot vereniging van de gemeenten Geleen, Born en Sittard
  • Bracht in 2000 de Wet gemeentelijke herindeling in een deel van Twente (Stb. 349) tot stand. Daardoor worden twaalf gemeenten opgeheven en vier nieuwe gemeenten (Denekamp, Hof van Twente, Rijssen en Vriezenveen) gevormd. In 2000 was een eerder wetsvoorstel, dat door de Tweede Kamer was aanvaard, vanwege ernstige bezwaren in de Eerste Kamer tegen de vorming van Twentestad (samenvoeging van Enschede, Borne en Hengelo) ingetrokken. Dat wetsvoorstel was in 1998 door minister Peper ingediend. (26.353, 27.096)
  • Bracht in 2000 samen met minister Korthals een wijziging (Stb. 385) van de Gemeentewet tot stand, waardoor er een identificatieplicht voor prostituees wordt ingevoerd. Vanwege opheffing van het bordeelverbod krijgen gemeenten de mogelijkheid om door middel van een vergunningstelsel te voorkomen dat illegale en minderjarige prostituees in seksinrichtingen werkzaam zijn. (27.174)
  • Bracht in 2000 samen met minister Korthals een wijziging (Stb. 450) van de Politiewet 1993 tot stand, waardoor beheersbevoegdheden op rijksniveau met betrekking tot de regionale politiekorpsen bij de minister van Binnenlandse Zaken worden geconcentreerd. Er komen waarborgen voor de minister van Justitie om te verzekeren dat deze optimaal inhoud kan geven aan de verantwoordelijkheid voor de nationale en internationale strafrechtshandhaving. (26.813)
  • Bracht in 2000 samen met minister Zalm en staatssecretaris De Vries van Verkeer en Waterstaat de Wet financiering decentrale overheden (Stb. 587) tot stand. Deze wet vervangt de Wet financiering lagere overheden en moet grote fluctuaties in de rentelasten van openbare lichamen vermijden. De ingetrokken wet bood onvoldoende ruimte om in te spelen op wijzigingen op het gebied van de financiële markten en producten. De wet moet de kredietwaardigheid van openbare lichamen bevorderen. De rapportagevereisten worden aangescherpt. (26.906)
  • Bracht in 2001 een wet (Stb. 85) tot stand waardoor alle procedurele bepalingen over herindeling worden opgenomen in de Wet ARHI. Via een novelle blijft sprake van een grenscorrectie als 10% van de inwoners daarbij betrokken is. Het wetsvoorstel was in 1997 ingediend door minister Dijkstal. (25.234, 26.655)
  • Bracht in 2001 een wet tot stand waarbij de gemeenten 's-Graveland, Loosdrecht en Nederhorst den Berg werden samengevoegd en de nieuwgevormde gemeente Wijdemeren wordt ingedeeld bij Noord-Holland
  • Bracht in 2001 wetten tot stand tot samenvoeging van de gemeenten Dodewaard, Echteld en Kesteren en van Akersloot, Castricum en Limmen
  • Bracht in 2001 de Tijdelijke referendumwet (Stb. 388) tot stand, die een raadplegend correctief referendum mogelijk maakte, zowel op nationaal als provinciaal en gemeentelijk niveau. Tegelijkertijd kwam een voorstel tot grondwetsherziening in eerste lezing tot stand over een beslissend correctief referendum. (27.034)
  • Bracht in 2001 een wet (Stb. 358) tot wijziging van de Gemeentewet en de Provinciewet stand waardoor gemeenteraden het recht krijgen om een voordracht te doen bij (her)benoeming van de burgemeester en Provinciale Staten bij (her)benoeming van de Commissaris van de Koningin. Het wetsvoorstel was in 1997 ingediend door minister Dijkstal. (25.444)
  • Bracht in 2001 de Wet gemeentelijke herindeling Den Haag en omgeving (Stb. 349) tot stand. Hierdoor gaan de nieuwbouwlocaties Ypenburg en Leidschenveen in de gemeenten Rijswijk, Voorburg, Leidschendam, Nootdorp en Pijnacker over naar Den Haag. De gemeenten Leidschendam en Voorburg, en Nootdorp en Pijnacker fuseren. (27.598)
  • Bracht in 2001 een wet tot stand waardoor de gemeente Vianen overging van de provincie Zuid-Holland naar de provincie Utrecht
  • Bracht in 2002 de Wet dualisering gemeentebestuur (Stb. 111) tot stand. Deze wet, die in hoofdlijnen het advies van de Staatscommissie-Elzinga volgt, voert een duaal stelsel in bij het gemeentebestuur. Er komt een duidelijker scheiding tussen de bestuursuitoefening door het college van B&W en de controle daarop door de gemeenteraad. Wethouders mogen niet langer tegelijkertijd raadslid zijn. Ook niet-raadsleden kunnen wethouder worden. De gemeenteraad krijgt de bevoegdheid een gemeentelijke rekenkamer in te stellen of zelf de rekenkamerfunctie uit te oefenen. Raadsleden krijgen recht op ambtelijke bijstand en de raad krijgt het recht van enquête. (27.751)
  • Bracht in 2002 samen met minister De Grave de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2002 (Stb. 148) tot stand. De Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) gaat Algemene inlichtingen- en veiligheidsdienst (AIVD) heten en de Militaire Inlichtingendienst (MID) Militaire inlichtingen- en veiligheidsdienst (MIVD). Er komen regelingen voor het kennisnemen van persoons- en andere gegevens die door de diensten worden verwerkt en voor de inzet van bijzondere inlichtingenmiddelen. Verder komt er een wettelijk kader om te bepalen welke afwegingen daarbij gemaakt moeten worden. Het wetsvoorstel was in 1998 ingediend door onder andere de ministers Dijkstal en Voorhoeve. (25.877)
  • Bracht in 2002 samen met minister Korthals de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (BIBOB) (Stb. 347) tot stand. Deze wet roept een Bureau bevordering integriteitsonderzoeken door het openbaar bestuur (Bureau BIBOB) in het leven, dat bestuursorganen en aanbestedende overheidsdiensten desgevraagd adviseert over de mate van gevaar dat beschikkingen inzake subsidies en vergunningen en de gunning van overheidsopdrachten worden misbruikt voor criminele activiteiten. Het wordt mogelijk een aanvraag van een subsidie of vergunning te weigeren op grond van gevaar van criminele activiteiten. (26.883)
  • Bracht in 2002 wetten tot stand tot samenvoeging van de gemeenten Oss en Ravenstein, van Heerjansdam en Zwijndrecht en van Echt en Susteren.
  • Bracht in 2002 de Wet gemeentelijke herindeling in Zeeuws-Vlaanderen tot stand. Hierdoor worden Axel, Sas van Gent en Terneuzen, Sluis-Aardenburg en Oostburg, en Hontenisse en Hulst samengevoegd tot resp. de gemeenten Sluis, Terneuzen en Hulst.

als (in)formateur
  • Kreeg op 14 mei 1994 samen met Van Aardenne (VVD) en Vis (D66) het verzoek om op zo kort mogelijke termijn een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheid van de vorming van een kabinet van PvdA, VVD en D66. Op 26 juni 1994 rapporteerden zij dat vorming van zo'n kabinet niet mogelijk was gebleken. Overeenstemming was wel bereikt over vrijwel alle niet-financieel-economische onderwerpen. Tevens was een beleidspakket in de financieel en sociaal-economische sector als basis voor samenwerking aanvaard. De VVD maakte echter bezwaren tegen belangrijke onderdelen van het pakket, zoals de ombuigingen op defensie, de investeringen in de infrastructuur, en de ombuigingen in de sociale zekerheid.
  • Kreeg op 8 mei 1998 het verzoek in het licht van de verkiezingsuitslag en de uitgebrachte adviezen op zo kort mogelijke termijn een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheden van de vorming van een kabinet dat kon rekenen op een vruchtbare samenwerking met de Staten-Generaal en meer in het bijzonder naar de onderwerpen waarover PvdA, VVD en D66 overeenstemming op hoofdlijnen noodzakelijk achtten voor de vorming van een dergelijk kabinet en naar de voorwaarden waaronder zij bereid waren onderhandelingen daarover te beginnen. Bracht hierover op 13 mei 1998 zijn eindrapport uit.

wetenswaardigheden

uit de privésfeer
Zijn vader was leraar economie, handelswetenschappen en boekhouden aan de HTS te Heerlen. Hij was tevens wethouder.

niet-aanvaarde politieke functies
  • minister van Defensie, november 1989

woonplaats
Pijnacker (Z.H.)

publicaties/bronnen

publicaties
"De praktijk en cultuur van het Nederlandse parlement", (oratie, 2010)

literatuur/documentatie
  • H. Visser, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1983)
  • NRC Handelsblad, 16 juni 1987
  • Nieuwe Revu, 12 september 2006
  • Peter van der Heiden, "'De Senaat zit te veel Tweede Kamertje te spelen', SER-Bulletin, mei 2007
  • Mark Kranenburg, "Ik ben geen dwarsligger geweest", NRC Weekend, 18 en 19 april 2015

uitgebreide versie

uitgebreide versie
In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.

Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.