West-Vlaamse edelman, die tijdens de inlijving door Frankrijk van de Zuidelijke Nederlanden bestuursfuncties bekleedde. Werd in 1815 benoemd in de Tweede Kamer van het verenigde koninkrijk. Was in 1818 de eerste Zuid-Nederlandse voorzitter van de Tweede Kamer. Vervulde nadien het Gouverneurschap in de provincies Antwerpen en Zuid-Brabant en was commissaris-generaal van Nederlands-Indië. Trachtte de koloniale financiën en het bestuur in Indië op orde te brengen en was voorstander van particuliere landbouwexploitatie.