Mr. A. (Annelien) Kappeyne van de Coppello

foto Mr. A. (Annelien) Kappeyne van de Coppellovergrootglas

Leids VVD-Tweede Kamerlid; woordvoerster justitie, cultuur en constitutionele zaken. Was voor zij Kamerlid werd ambtelijk secretaris van de VVD-fractie. Scherpzinnig juriste, die deskundig was op het gebied van het staats- en kiesrecht. Zorgde ervoor dat de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam in de Grondwet werd opgenomen en was voorstander van liberale wetgeving op het gebied van levensvraagstukken. Stapte in 1981 om principiële redenen uit de politiek, maar keerde een jaar later als staatssecretaris terug in het eerste kabinet-Lubbers . Nadien staatsraad. Gewaardeerd parlementariër en zeer goed en vasthoudend debatster, die over onderkoelde humor beschikte.

VVD
in de periode 1971-1990: lid Tweede Kamer, staatssecretaris, lid Raad van State

Voornaam (roepnaam)

Annelien (Annelien)

Personalia

geboorteplaats en -datum
Oud-Over (gemeente Loosdrecht, Utr.), 24 oktober 1936

overlijdensplaats en -datum
Leiden, 23 februari 1990

levensbeschouwing
onkerkelijk

Partij/stroming

partij(en)
VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie), vanaf 1962 (linkervleugel)

Hoofdfuncties/beroepen

  • secretaresse VVD-fractie Tweede Kamer der Staten-Generaal en van fractievoorzitter Geertsema, van 1966 tot mei 1971
  • lid gemeenteraad van Leiden, van 6 september 1966 tot 26 juni 1972
  • adjunct-secretaris Kiesraad, van 1969 tot mei 1971
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 11 mei 1971 tot 10 juni 1981
  • lid gemeenteraad van Leiden, van 26 oktober 1973 tot 3 september 1974
  • lid Raad van Beheer NOS (Nederlandse Omroepstichting), van 1 juli 1981 tot 8 november 1982
  • staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (belast met onder meer emancipatie van de vrouw, arbeidsomstandigheden en arbeidsvoorziening voor bijzondere groepen), van 8 november 1982 tot 14 juli 1986
  • lid Raad van State, van 1 maart 1988 tot 23 februari 1990 (benoemd bij K.B. van 23 december 1987)

takenpakket (bewindspersoon)
  • Was als staatssecretaris belast met 1. aangelegenheden betreffende de emancipatie van de vrouw; 2. arbeidsomstandigheden; 3. de volwasseneneducatie voorzover aan het ministerie opgedragen; 4. de beroepen- en beroepskeuzevoorlichting; 5. arbeidsvoorziening voor bijzondere groepen, waaronder begrepen buitenlandse werknemers.

Activiteiten

als parlementariër
  • Hield zich in de Tweede Kamer bezig met justitie, binnenlandse zaken (o.a. Grondwetsherziening, kiesrecht), minderhedenbeleid, beleid t.a.v. Zuid-Molukkers, zaken betreffende het koninklijk huis, oorlogsgetroffenen, onderwerpen op het gebied van algemene zaken en cultuur, alsmede met het woonwagenbeleid.
  • Was in september 1976 woordvoerster bij het debat over de abortusvoorstellen
  • Was in 1976 en 1977 woordvoerster tijdens de twee debatten over de zaak-Menten
  • Pleitbezorgster van het verlenen van kiesrecht aan Nederlanders in het buitenland
  • Zette zich in voor de rechten van homoseksuelen

opvallend stemgedrag
  • Behoorde in 1974 tot de drie leden van haar fractie die tegen het initiatiefwetsvoorstel-Goudsmit/Jurgens over de zondagsopenstelling van zwembaden stemden. Zij achtte dat voorstel in strijd met de gemeentelijke autonomie.
  • Stemde in 1975 als enige van haar fractie vóór een (verworpen) motie-Jurgens over het mogelijk maken van een beslissend correctief referendum
  • Behoorde in 1980 tot de vier leden van haar fractie die vóór een amendement-Brinkhorst op het wetsvoorstel Wet lidmaatschap koninklijk huis stemden, waardoor de kring van het koninklijk huis werd beperkt tot de kinderen van koningin Beatrix. Aanvaarding van het amendement met 70 tegen 68 stemmen was voor de regering reden het wetsvoorstel in te trekken.
  • Behoorde in 1981 tot de elf leden van haar fractie die tegen een (aangenomen) motie-Van der Hek/Ter Beek stemden over het niet leveren van ontwerpen en/of onderdelen ten behoeve van kerncentrales aan Taiwan

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Bracht in 1983 samen met minister Rietkerk het Emancipatieplan Binnenlandse Zaken uit. Daarin stond dat het aantal vrouwen in overheidsfuncties (ook bij brandweer en politie) flink moest worden uitgebreid. Bij gelijkwaardige sollicitanten zouden vrouwen de voorkeur krijgen. (18.043 )
  • Bracht in 1984 de Nota bestrijding seksueel geweld tegen vrouwen en meisjes uit, waarin onder meer onderzoek naar seksueel geweld tegen vrouwen wordt aangekondigd, alsmede van strafbaarstelling van verkrachting binnen het huwelijk. (18.542 )
  • In 1984 verwierp de Tweede Kamer het door haar en staatssecretaris De Graaf verdedigde wetsvoorstel over gelijke behandeling van mannen en vrouwen in de WWV. Het kabinet had voorgesteld de gelijke behandeling te bereiken door ook mannelijke niet-kostwinners geen recht op een WWV-uitkering te geven. De Tweede Kamer verwierp het betreffende wetsartikel en daarna het wetsvoorstel. (18.683 )
  • Bracht in 1985 de Notitie remigratiebeleid uit. Een vrijwillige en persoonlijke keuze van een migrant om terug te keren naar land van herkomst zal worden ondersteund, maar op hen zal geen enkele druk worden uitgeoefend. Remigranten moeten goede voorlichting krijgen over eventuele nadelen en krijgen via een (financiële) basisfaciliteit gelegenheid om in het land van herkomst een nieuwe start te maken. (18.939 )
  • Bracht in 1985 het Beleidsplan emancipatie uit. Uitgangspunt daarvan is grotere economische zelfstandigheid van vrouwen door betere arbeidsparticipatie. Deze doelstelling wordt vertaald in drie subdoelstellingen: het verzekeren van gelijke rechten van vrouwen en mannen; het bereiken van structurele veranderingen waardoor sekseverschil niet langer één van de pijlers van de maatschappelijke organisatie vormt en het doorbreken van beeldvorming in termen van mannelijkheid en vrouwelijkheid. (19.052 )
  • Bracht in 1985 de Beleidsnota 'Combinatie ouderschap - betaalde arbeid' uit. Hierin staan voorstellen om de combinatie van de zorg voor jonge kinderen en het verrichten van betaalde arbeid te vergroten. Invoering van ouderschapsverlof en flexibilisering van de verlofperiode worden aangekondigd. (19.368 )
  • Verdedigde in 1986 samen met staatssecretaris De Graaf in de Tweede Kamer de herziening van het stelsel van sociale zekerheid, met name waar het betrof de emancipatorische aspecten daarvan

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1982 samen met staatssecretaris De Graaf en minister Korthals Altes wetten in het Staatsblad (Stbb. 678 en 679) tot goedkeuring van het op 24 november 1977 te Straatsburg ondertekende Europese verdrag inzake de rechtspositie van migrerende werknemers en ter uitvoering daarvan. Hierdoor komen er minimumnormen voor landen van tewerkstelling. Het gaat om artikelen over recht om het land te verlaten en op toelating; werkvergunning; verblijfsvergunning; gezinshereniging; arbeidsvoorwaarden; overmaking van spaargelden; arbeidsongevallen en beroepsziekten; nieuwe tewerkstelling en beroep op rechterlijke en bestuurlijke autoriteiten. De Nederlandse wetgeving voldeed al aan de meeste bepalingen. Het wetsvoorstel was in 1980 ingediend door de ministers Albeda en De Ruiter en in 1982 in de Tweede Kamer verdedigd door minister Den Uyl en staatssecretaris Scheltema. (16.075 , 16.108 )
  • Bracht in 1983 samen met staatssecretaris Koning de Tweeverdienerswet (Stb. 690) tot stand, die een gelijke fiscale behandeling van mannen en vrouwen invoert. De wet leidt tot uitbreiding van de fiscale verzelfstandiging en sekse-neutrale toerekening van overige inkomensbestanddelen voor gehuwden. (18.121 )
  • Bracht in 1985 samen met staatssecretaris De Graaf de Wet invoering gelijke behandeling van mannen en vrouwen in de AOW (Stb. 180) tot stand. Mannen en vrouwen hebben een zelfstandig recht op ouderdomspensioen vanaf de leeftijd van 65. Het recht van ongehuwd samenwonende bejaarden op AOW wordt echter niet gelijk aan dat van gehuwde bejaarden. (19.258 )
  • Bracht in 1986 een wijziging (Stb. 147) van de Arbeidswet 1919 tot stand inzake het opheffen van het verbod van nachtarbeid door vrouwen in fabrieken of werkplaatsen. Het betreft een tijdelijke regeling, in afwachting van een nieuwe Arbeidstijdenwet. Hiermee worden belemmeringen voor arbeidsparticipatie door vrouwen weggenomen. Het wetsvoorstel was in 1981 ingediend door minister Albeda. (17.038 )

Wetenswaardigheden

uit de privésfeer
  • Verbleef na haar middelbare schooltijd een jaar in Zwitserland
  • Ter haar nagedachtenis werd in 1990 de Stichting Mr. Annelien Kappeyne van de Coppello Foundation opgericht
  • Haar grootmoeder was actief in de vrouwenbeweging
  • De liberale negentiende-eeuwse staatsman J. Kappeyne van de Coppello was een oudoom van haar vader
  • Haar vader was directeur van de Bank van Onroerende Zaken (1940-1951), advocaat en procureur te Amsterdam (sinds 1951), wethouder van Loenen en lid van Provinciale Staten van Utrecht

pseudoniemen, bij-, koos- en schuilnamen
"Rooie Annelien" (bijnaam vanwege de kleur van haar haar en haar progressief-liberale opvattingen)

Publicaties/bronnen

publicaties
"Het recht van enquête", in: H.M. Franssen (red.), "Het parlement in aktie" (1986)

literatuur/documentatie
  • J. Jansen, "Politiek was haar leven", "Elsevier", 3 maart 1990
  • H.J.L. Vonhoff, "Liberalen onder één dak" (1998), 193
  • M. van der Kooij, "Annelien Kappeyne van de Coppello, strijdvaardig en eigenzinnig" (Loosdrecht, 2006)
  • W. Slagter, "Kappeyne van de Coppello, Annelien (1936-1990)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel VI (digitale versie)
  • Kees Kuiken, "Coppello, Annelien Kappeyne van de", in: Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland (digitale versie)
  • Staatscourant, 15 september 1989
  • Trouw, 24 februari 1990

Uitgebreide versie

uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.

Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.