Mr. L.W.Ch. Keuchenius

foto Mr. L.W.Ch. Keuchenius

Trouwe volgeling van Groen van Prinsterer, die in Nederlands-Indië onder meer advocaat was en in Nederland secretaris-generaal van Koloniën. In 1866 Tweede Kamerlid. Had een verminkt gelaat en sprak moeilijk. Hield ondanks die handicap lange redevoeringen. Gebruikte als Kamerlid vaak Bijbelse vergelijkingen. Zijn motie van afkeuring over het aftreden van minister Mijer leidde een periode van conflicten tussen regering en Tweede Kamer in. Ging later weer naar Indië, maar kwam vanaf 1879 terug in de Nederlandse politiek. In het kabinet-Mackay minister van Koloniën. Tegenstander van het cultuurstelsel en hervormingsgezind, maar ook verdediger van het bijzonder onderwijs en de zending. Die houding was in 1890 voor de liberale Eerste Kamermeerderheid reden hem ten val te brengen. Rechtlijnig, niet erg geneigd tot compromissen, maar in de persoonlijke omgang veel milder.

antirevolutionair, ARP
in de periode 1866-1893: lid Tweede Kamer, minister, secretaris-generaal

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Voornamen

Levinus Wilhelmus Christiaan

2.

Personalia

geboorteplaats en -datum
Batavia (Ned.-Indië), 21 oktober 1822

overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 17 december 1893

3.

Partij/stroming

stroming(en)
antirevolutionair

partij(en)
ARP (Anti-Revolutionaire Partij)

4.

Hoofdfuncties/beroepen (11/21)

  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 8 augustus 1866 tot 1 oktober 1866 (voor het kiesdistrict Arnhem)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 november 1866 tot 3 januari 1868 (voor het kiesdistrict Arnhem)
  • redacteur "Nieuw Bataviasch Handelsblad", vanaf november 1868
  • advocaat en procureur Hooggerechtshof van Nederlands-Indië, van 7 augustus 1869 tot september 1879
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 6 oktober 1879 tot 11 oktober 1884 (voor het kiesdistrict Gorinchem)
  • voorzitter antirevolutionaire Kamerclub, Tweede Kamer der Staten-Generaal, van september 1883 tot september 1887
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 17 november 1884 tot 18 mei 1886 (voor het kiesdistrict Middelburg)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 14 juli 1886 tot 17 augustus 1887 (voor het kiesdistrict Amersfoort)
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 september 1887 tot 27 maart 1888 (voor het kiesdistrict Amersfoort)
  • minister van Koloniën, van 21 april 1888 tot 24 februari 1890
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 26 maart 1890 tot 17 december 1893 (voor het kiesdistrict Goes)

U ziet een selectie van de loopbaan. In de uitgebreide versie is de gehele loopbaan in te zien.

5.

Nevenfuncties (2/5)

  • lid Schoolraad voor scholen met den Bijbel, van 1890 tot 17 december 1893
  • diverse kerkelijke functies na aansluiting bij de doleantie

afgeleide functies, presidia etc. (2/6)
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van april 1890 tot november 1890
  • lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van januari 1891 tot april 1891

U ziet een selectie van de nevenfuncties. In de uitgebreide versie is een overzicht van nevenfuncties in te zien.

6.

Opleiding

In de uitgebreide versie is een overzicht van de opleiding(en) opgenomen.

7.

Activiteiten

als parlementariër (2/3)
  • Diende op 26 september 1866 een motie in waarin afkeuring werd uitgesproken over het vertrek van minister Mijer vanwege diens benoeming tot Gouverneur-Generaal. Deze motie werd een dag later met 39 tegen 23 stemmen aanvaard. De regering ontbond kort daarna de Tweede Kamer.
  • Interpelleerde in 1866 minister Heemskerk over de onderwijskwestie

opvallend stemgedrag (0/5)

In de uitgebreide versie is een overzicht van opvallend stemgedrag opgenomen.


als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Benoemde in 1888 C. Pijnacker Hordijk tot Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië
  • Was voorstander van een actievere rol van het Indische Gouvernement ter ondersteuning van de zending in Nederlands-Indië

8.

Wetenswaardigheden

algemeen
  • Werd in 1879 in het district Gorinchem gekozen, hoewel hij nog in Nederlands-Indië verbleef. Pas na zijn verkiezingen reisde hij af naar Nederland.
  • Betoogde in 1886 bij de grondwetsherziening dat de Tweede Kamer tot die herziening onbevoegd was, omdat zij minder leden telde dan volgens de Grondwet verplicht was. Een motie hierover werd met 64 tegen 5 stemmen verworpen. Stemde vervolgens in 1887 tegen alle herzieningsvoorstellen.
  • Moest in 1890 aftreden na de verwerping in de Eerste Kamer op 31 januari 1890 (met 20 tegen 19 stemmen) van zijn begroting. Keuchenius werd verweten te veel in te grijpen in godsdienstige aangelegenheden en zijn persoonlijke overtuiging op godsdienstig gebied te zeer op te dringen aan de inlanders.

uit de privésfeer
  • Had een verminkt gelaat, waardoor zijn spreekvermogen bemoeilijkt werd. Over de oorzaak zijn twee lezingen. Volgens de eerste werd hij in 1853 te Aken door een beroerte getroffen. Een tweede lezing is dat hij Java zou zijn vergiftigd.
  • Zijn vader was resident van Rembang op Java

anekdotes en citaten
  • Zat steevast van het begin en tot het einde op zijn plek in de vergaderzaal.

verkiezingen (3/15)
  • Versloeg in 1888 in het kiesdistrict Ede C.J.E. graaf van Bylandt (o.l.)
  • Versloeg in 1890 bij tussentijdse verkiezingen en in 1891 bij de periodieke verkiezingen J.H.C. Heijse (lib.)
  • Was tussen 1864 en 1891 ruim 60 keer Tweede Kamerkandidaat in diverse districten

U ziet een selectie van wetenswaardigheden. In de uitgebreide versie is een overzicht van wetenswaardigheden opgenomen.

9.

Familie/gezin

In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.

10.

Uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.


Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.