De Wet op de Parlementaire Enquête geeft de Kamer allerlei specifieke onderzoeksrechten, indien het instrument van de enquête wordt ingezet. Een voorbeeld is de verplichting voor getuigen zich onder ede te laten verhoren. Voor het houden van een enquête is een meerderheidsbesluit van de Kamer nodig.
Recht van onderzoek
De Tweede Kamer, de Eerste Kamer en de Verenigde Vergadering hebben een grondwettelijk recht op onderzoek in de vorm van een enquête. Dit enquêterecht is uitgewerkt in de Wet op de Parlementaire Enquête.
Ook de Reglementen van Orde van de Tweede respectievelijk de Eerste Kamer bevatten bepalingen over enquêtes.
Meerderheid vereist
Voor het houden van een parlementaire enquête is een meerderheidsbesluit van de desbetreffende Kamer nodig. In dat geval wordt een enquêtecommissie ingesteld die een onderzoeksopdracht mee krijgt.
Informatie- en verschijningsplicht
In de Wet op de Parlementaire Enquête 2008 is de verplichting vastgelegd om, als de enquêtecommissie daar om vraagt, informatie te verschaffen of te verschijnen als getuige of deskundige.
Deze plicht geldt voor alle Nederlanders, alle ingezetenen en andere in Nederland verblijvende personen. Daarnaast vallen ook alle binnen het grondgebied van het Rijk gevestigde rechtspersonen hier onder. Als getuigen of deskundigen niet meewerken kunnen zij voor zes maanden worden gegijzeld.
Tot 1977 waren ministers niet verplicht zich te laten horen door een enquêtecommissie. Ambtenaren konden zich beroepen op hun verschoningsrecht, dat wil zeggen dat zij hun minister niet in de problemen hoefden te brengen. Bij de herziening van de Wet op de Parlementaire Enquête in 1977 is dit veranderd.
De verhoren
Getuigen van 16 jaar en ouder kunnen door een enquêtecommissie onder ede worden verhoord. In dat geval moeten zij verklaren dat ze de gehele waarheid en niets dan de waarheid zullen zeggen. Hierdoor is vervolging wegens meineed mogelijk, als blijkt dat een valse getuigenis is afgelegd.
De verhoren van getuigen en deskundigen vinden in het openbaar plaats. Wel kan er, 'om gewichtige redenen', toe besloten worden een verhoor geheel of gedeeltelijk besloten af te nemen. Een getuige mag zich tijdens het verhoor laten bijstaan. Een enquêtecommissie kan, eveneens 'om gewichtige redenen', besluiten dat de getuige zonder bijstand wordt gehoord. Het is overigens niet gebruikelijk dat getuigen zich openlijk laten bijstaan.
Uitzonderingen op openbaarmaking
Getuigen hoeven geen dingen te vertellen waarover ze vanwege hun ambt, beroep of betrekking niks mogen zeggen.
Geheimen die bij het bekend worden onevenredige schade zouden toebrengen aan de uitoefening van een beroep of het belang van een onderneming (of aan de werkgever van een werknemer) hoeven evenmin verteld te worden.
Ook zaken die het staatsbelang schaden mogen geheim blijven. Beraadslagingen in de ministerraad mogen niet openbaar gemaakt worden, tenzij de ministerraad op verzoek van de enquêtecommissie een uitzondering maakt voor ondervraging over specifieke in de ministerraad gevallen beslissingen en de gronden waarop deze rusten. Er bestaat een mogelijkheid dat de minister-president een uittreksel ondertekent met de in de ministerraad genomen beslissingen.
meer over
