Dr. D.K.J. (Dick) Tommel

foto Dr. D.K.J. (Dick) Tommel
bron: Fotobureau Dijkstra

Tweede Kamerlid en staatssecretaris, die op milde wijze zijn standpunten verdedigde. Van huis uit scheikundige. Hield zich als D66-Kamerlid vooral bezig met milieubeleid, ontwikkelingssamenwerking, energie en landbouw. Was ook enige tijd financieel woordvoerder. In het eerste kabinet-Kok werd hij verrassend staatssecretaris van Volkshuisvesting. Voltooide de door zijn voorganger Heerma in gang gezette herzieningsoperatie op het gebied van de financiering van de woningbouw. Kwam in politieke problemen door een affaire rond het faillissement van een Limburgse woningstichting, maar mocht aanblijven. Schaker en voorzitter van de schaakbond.

D66
in de periode 1981-1998: lid Tweede Kamer, staatssecretaris

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Voornamen (roepnaam)

Dirk Krijn Johannes (Dick)

2.

Personalia

geboorteplaats en -datum
Amersfoort, 18 april 1942

3.

Partij/stroming

partij(en)
  • D'66 (Democraten 1966), tot 15 juni 1985 (partijnaam gewijzigd)
  • D66 (Democraten 66)

4.

Hoofdfuncties/beroepen (5/12)

  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 10 juni 1981 tot 16 september 1982
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 30 augustus 1983 tot 22 augustus 1994
  • staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (onder meer belast met volkshuisvesting, waaronder aspecten als duurzaam bouwen en bodemsanering en met het locatiebeleid), van 22 augustus 1994 tot 3 augustus 1998
  • directeur Nationaal Woninginstituut, van 1 januari 1999 tot 1 maart 2002
  • voorzitter bestuur, Nationaal Dubo (duurzaam bouwen) Centrum te Rotterdam, van 1 maart 2002 tot 2006

takenpakket (bewindspersoon)
  • Was als staatssecretaris belast met 1. de zorg voor de volkshuisvesting, inclusief duurzaam bouwen, het bouwbesluit en andere met het milieubeleid samenhangende aspecten die de woningbouw rechtstreeks raken, waaronder de bodemsanering; 2. het locatiebeleid voor zover rechtstreeks samenhangend met de woningbouw, op basis van door de minister vast te stellen uitgangspunten van het totale locatiebeleid; 3. het Kadaster; 4. de coördinatie van het Bouwbeleid.

U ziet een selectie van de loopbaan. In de uitgebreide versie is de gehele loopbaan in te zien.

5.

Partijpolitieke functies

In de uitgebreide versie is een overzicht van partijpolitieke functies opgenomen.

6.

Nevenfuncties

huidige
  • voorzitter NII (Nederlandse Isolatie Industrie) (branchevereniging), vanaf 2010

vorige (2/32)
  • lid bestuur Stichting Administratiekantoor "Quintis Holding" B.V., van 2007 tot 2012
  • voorzitter ' Spaar het Klimaat', NRP (Nationaal Platform voor Transformatie en Renovatie), tot 1 januari 2018

U ziet een selectie van de nevenfuncties. In de uitgebreide versie is een overzicht van nevenfuncties in te zien.


afgeleide functies, presidia etc. (2/5)
  • voorzitter vaste commissie voor de Zeeën (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 10 oktober 1989 tot 17 mei 1994
  • voorzitter bijzondere commissie Onderzoek Bosio-affaire (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 4 december 1991 tot juli 1992 (Bosio was een Franse zakenman, wiens door de overheid gesubsidieerde bedrijf mogelijk betrokken was bij drugstransport en wapenhandel)

U ziet een selectie van de nevenfuncties. In de uitgebreide versie is een overzicht van nevenfuncties in te zien.

7.

Opleiding

In de uitgebreide versie is een overzicht van de opleiding(en) opgenomen.

8.

Activiteiten

als parlementariër (2/4)
  • Was in 1987 woordvoerder namens zijn fractie over het rapport van de subcommissie visquotering. Diende daarbij een motie in waarin minister Braks werd uitgenodigd consequenties te trekken uit het negatieve oordeel over zijn beleid. De motie werd verworpen.
  • Trok zich in 1998 terug als Tweede Kamerkandidaat, nadat hij als 18e op de kandidatenlijst was geplaatst

opvallend stemgedrag (0/2)

In de uitgebreide versie is een overzicht van opvallend stemgedrag opgenomen.


als bewindspersoon (beleidsmatig) (2/3)
  • In 1996 verwierp de Eerste Kamer het door hem verdedigde wetsvoorstel versterking positie van de huurder bij huurverhoging met meer dan een bepaald percentage. CDA en VVD vreesden onder meer bureaucratie en er was twijfel over de effectiviteit. (24.465)
  • Bracht in 1997 de Nota Stedelijke Vernieuwing uit. De nota volgt op het project Herijking Beleid voor Stadsvernieuwing (Belstato). Stedelijke vernieuwing is geënt op twee pijlers: voltooien van stadsvernieuwing en nieuwe stedelijke vernieuwingsopgaven. Om de concurrentiepositie van steden te vergroten is de bouw van koopwoningen nodig. Nieuwbouw moet vooral binnen of bij steden plaatsvinden. Vooroorlogse wijken zullen worden geherstructureerd om ze aantrekkelijker te maken. (25.427)

als bewindspersoon (wetgeving) (2/4)
  • Bracht in 1997 de Huursubsidiewet (Stb. 197) tot stand. Deze moet ervoor zorgen dat de huursubsidie beter wordt toegespitst op huurders die een tegemoetkoming in de huurlasten het hardste nodig hebben. De Wet individuele huursubsidie uit 1986 wordt ingetrokken. (25.090)
  • Bracht in 1998 een wet (Stb. 459) tot integratie van de woonwagen- en woonschepenregelingen in de Huisvestingswet en de Woningwet tot stand. Het woonwagen- en woonschepenbeleid wordt primair een zaak van gemeenten en provincies. De Woonwagenwet en de woonwagen- en woonschepenregelgeving worden ingetrokken. (25.333)

U ziet een selectie van activiteiten. In de uitgebreide versie is het gehele overzicht van activiteiten in te zien.

9.

Wetenswaardigheden

algemeen
  • In 1996 concludeerde een Kamercommissie naar aanleiding van het financiële debacle bij de Woningbeheer Limburg (WBL) dat het toezicht op woningbouwcorporaties tekort was geschoten en dat te laat was ingegrepen. De Kamer verbond aan deze kritiek echter geen politieke gevolgen.

10.

Familie/gezin

In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.

11.

Uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.


Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.