Dr. A.J.H. (Louis) Bartels

foto Dr. A.J.H. (Louis) Bartelsvergrootglas

KVP-bewindsman. Opgewekte Limburgse econoom, die zich zijn gehele werkzame leven bezighield met de organisatie van de volksgezondheid. Staatssecretaris van volksgezondheid in de jaren zestig in drie achtereenvolgende kabinetten. Was de eerste KVP-bewindsman die in de Tweede Kamer verkondigde, dat de overheid geen taak heeft op het terrein van de geboortebeperking.

KVP
in de periode 1963-1967: staatssecretaris

Voornamen (roepnaam)

Aloysius Jan Hubert (Louis)

Personalia

geboorteplaats en -datum
Venlo, 19 november 1915

overlijdensplaats en -datum
Venlo, 16 januari 2002

levensbeschouwing
Rooms-Katholiek

Partij/stroming

partij(en)
KVP (Katholieke Volkspartij)

Hoofdfuncties/beroepen

  • medewerker GG en GD (Gemeentelijke Geneeskundige en Gezondheidsdienst) te Tilburg, van 1945 tot 1947
  • tweede secretaris Nationale Federatie "Wit-Gele Kruis" te Utrecht, van 1947 tot mei 1952
  • directeur Katholiek Nationaal Bureau voor Geestelijke Gezondheidszorg te Utrecht, van mei 1952 tot september 1963 (opgericht april 1952)
  • staatssecretaris van Sociale Zaken en Volksgezondheid (belast met volksgezondheid), van 3 september 1963 tot 5 april 1967

Activiteiten

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Diende in 1966 de ontwerp-Wet op de medische hulpmiddelen in. Doel is onder meer verruiming van de mogelijkheden voor verkoop van voorbehoedmiddelen. (8.726)
  • Bracht in 1966 samen met minister Veldkamp de Nota Volksgezondheid uit. Hierin werd onder meer een visie uiteengezet op de planning van volksgezondheidsvoorzieningen op korte en lange termijn. In de nota werd geopperd een eigen risico in te voeren bij het ziekenfonds. Er was uitgebreid aandacht voor geboortebeperking, maar opneming van de pil in het ziekenfonds werd te duur gevonden. Voorgesteld werd de Centrale Raad voor de Volksgezondheid om te vormen tot een openbaar lichaam met verordenende bevoegdheden, maar de Tweede Kamer keerde zich daar tegen. (8.462)
  • Diende in 1966 samen met minister Veldkamp een wetsvoorstel in over een volksverzekering tegen zware geneeskundige risico's. Dit voorstel werd in 1967 door zijn opvolger Kruisinga en minister Roolvink in het Staatsblad gebracht. (8.457)
  • Diende in 1966 samen met minister Veldkamp een wetsvoorstel volksverzekering tegen ziektekosten in. Dit voorstel bereikte niet het Staatsblad. (8.730)

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1964 samen met minister Biesheuvel een wet (Stb. 363) tot stand houdende regels met betrekking tot de handel in antibiotica, hormoonpreparaten, thyreaostatica, en daarmee gelijk te stellen middelen, bestemd of mede bestemd voor aanwending bij dieren. Doel is te voorkomen dat het gebruik van bijvoorbeeld groeihormonen en antibiotica in de veehouderij schadelijke neveneffecten heeft voor mensen. Het wetsvoorstel was in 1963 ingediend door de ministers Marijnen en Veldkamp. (7.202)
  • Bracht in 1964 samen met minister Veldkamp en staatssecretaris Bakker de Drank- en Horecawet (Stb. 386) tot stand, die bepalingen bevat over de uitoefening van het horecabedrijf, de verkoop van alcoholhoudende drank en de eisen waaraan horeca-inrichtingen moeten voldoen. De wet trad 1 november 1967 in werking. (6.811)
  • Bracht in 1964 samen met minister Veldkamp de Ziekenfondswet (Stb. 392) tot stand, die het Ziekenfondsenbesluit 1941 verving. Er kwamen verplicht verzekerden, vrijwillig verzekerden en bejaardenverzekerden. De verstrekkingen aan de verplicht verzekerden waren gelijk aan die van vrijwillig verzekerden. De samenstelling van het toezichthoudend orgaan, de Ziekenfondsraad, werd sterk gewijzigd. De wet trad op 1 januari 1966 in werking. (6.808)
  • Bracht in 1965 samen met minister Veldkamp de Wet ziekenhuistarieven (Stb. 190) tot stand, waarmee het Centraal Orgaan Ziekenhuistarieven in het leven werd geroepen, dat de ziekenhuistarieven vaststelde. Dit orgaan werd samengesteld uit vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties. (6.810)
  • Bracht in 1965 samen met minister Biesheuvel een wijziging (Stb. 233) van de Veewet tot stand, waardoor er meer mogelijkheden kwamen om op het gebied van diervoeder maatregelen te nemen in het belang van de volksgezondheid. De wetswijziging was onder meer ingegeven door het gevaar van salmonella-besmetting. Het wetsvoorstel was in 1961 ingediend door de ministers Marijnen en Veldkamp. (6.505)

Wetenswaardigheden

uit de privésfeer
Zijn vader was grossier in koloniale waren

Publicaties/bronnen

publicaties
"Bijdrage tot ordening van de maatschappelijke gezondheidszorg in Nederland" (dissertatie, 1950)

Uitgebreide versie

uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.

Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.