Mr. H.D. Levyssohn Norman

foto Mr. H.D. Levyssohn Norman

Joods Tweede Kamerlid uit Rotterdam, die een mooie Indische bestuursloopbaan had doorlopen. Eindigde die loopbaan als lid van de Raad voor Nederlands-Indië. Speelde in Indië een belangrijke rol in het Bataviaasch Genootschap voor Kunsten en Wetenschap en als directeur van het Etnologisch Museum. In de Tweede Kamer liberaal woordvoerder op koloniaal gebied. Van hem werd gezegd dat hij nogal ingenomen met zichzelf was. Fransen van de Putte herdacht hem in de Eerste Kamer als: 'een man van groot talent, groote scherpzinnigheid, vriendelijk gemoed en poëtische natuur'.

Liberale Unie
in de periode 1888-1892: lid Tweede Kamer

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Voornamen

Henry David

2.

Personalia

geboorteplaats en -datum
's-Gravenhage, 21 juni 1836

overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 7 december 1892

3.

Partij/stroming

stroming(en)
liberaal

4.

Hoofdfuncties/beroepen (3/10)

  • lid Raad van Nederlandsch-Indië, van 21 mei 1880 tot 14 februari 1884
  • ambteloos, van februari 1884 tot 1 mei 1888
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 1 mei 1888 tot 7 december 1892 (voor het kiesdistrict Rotterdam)

U ziet een selectie van de loopbaan. In de uitgebreide versie is de gehele loopbaan in te zien.

5.

Nevenfuncties (2/10)

  • voorzitter Commissie voor de watersnood in Nederlandsch-Indië, vanaf 7 mei 1882
  • voorzitter Centraal Comité voor de noodlijdenden door de uitbarsting op Krakatau, vanaf augustus 1883

comités van aanbeveling, erefuncties etc.
erelid Bataviaasch Genootschap van Kunsten en Wetenschappen, omstreeks 1882

U ziet een selectie van de nevenfuncties. In de uitgebreide versie is een overzicht van nevenfuncties in te zien.

6.

Opleiding

In de uitgebreide versie is een overzicht van de opleiding(en) opgenomen.

7.

Activiteiten

als parlementariër
  • Indisch-specialist in de Tweede Kamer
  • Interpelleerde op 19 maart 1891 minister Dyserinck van Marine over het passeren van het Tweede Kamerlid Land bij bevorderingen. Deze interpellatie eindigde met aanneming van een motie van treurnis van het lid Viruly Verbrugge, waarna de minister aftrad.

8.

Wetenswaardigheden

algemeen
  • Werd in 1874 door Gouverneur-Generaal Loudon belast met een onderzoek naar het communaal grondbezit op Midden-Java, hetgeen leidde tot een conflict tussen Loudon en minister Van Goltstein en tot Loudons aftreden
  • Werd bij besluit van de G.G. van 28 januari 1878 vanwege zijn gezondheid eervol ontheven van het lidmaatschap van de Raad van Nederlandsch-Indië

uit de privésfeer
Zijn vader was advocaat bij de Hoge Raad

verkiezingen
  • Was in 1879 in de districten Delft en Dordrecht verliezend liberaal kandidaat
  • Werd in 1888 en 1891 in de eerste stemmingsronde gekozen

9.

Familie/gezin

In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.

10.

Uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.


Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.