J.G.M. (Hans) Alders

foto J.G.M. (Hans) Aldersvergrootglas Energiek en invloedrijk PvdA-Kamerlid, minister en bestuurder. Ontwikkelde zichzelf via zelfstudie en was in de Tweede Kamer spoedig een vooraanstaand lid van de PvdA-fractie. Woordvoerder voor onder meer ambtenarenzaken en later secretaris van de PvdA-fractie en vertrouweling van Wim Kok. Kwam als minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu in het kabinet-Lubbers III met nota's over de ruimtelijke ordening (Vinex) en het milieubeleid (NMP-plus). Stapte na zijn ministerschap over naar een internationale functie en was daarna elf jaar Commissaris van de Koningin in Groningen. Veelgevraagd bestuurder en commissievoorzitter.

PvdA
in de periode 1982-2007: lid Tweede Kamer, minister, Commissaris van de Koning(in)

voornamen (roepnaam)

Johannes Gerardus Maria (Hans)

personalia

geboorteplaats en -datum
Nijmegen, 17 december 1952

levensbeschouwing
Rooms-Katholiek (opgevoed)

partij/stroming

partij(en)
PvdA (Partij van de Arbeid), vanaf 1972

hoofdfuncties

  • assistent "Hanegem Keser" Beheer B.V., van 1970 tot 1976 
  • ambtelijk secretaris en politiek assistent PvdA-fractie, gemeenteraad van Nijmegen, van 1976 tot 1982 
  • lid Provinciale Staten van Gelderland, van 7 juni 1978 tot 1 januari 1983 
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 11 november 1982 tot 7 november 1989 
  • minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, van 7 november 1989 tot 22 augustus 1994 
  • directeur Europese vestiging van UNEP (United Nations Environment Program) te Genève, van 1 september 1994 tot 1 september 1996 
  • Commissaris van de Koningin in Groningen, van 1 september 1996 tot 1 september 2007 
  • directeur "Hans Alders Procesregie & Advies" B.V. 

partijpolitieke functies

vorige
  • lid partijraad PvdA, van 1978 tot 1982 
  • adviserend lid bestuur, PvdA gewest Gelderland, van 1978 tot 1982 
  • fractievoorzitter PvdA Provinciale Staten van Gelderland, van 1978 tot 1 januari 1983 
  • lid bestuur WBS (Wiardi Beckman Stichting), omstreeks 1983 
  • lid commissie Staat en Burger, WBS (Wiardi Beckman Stichting), omstreeks 1983 
  • adviserend lid SGGP (Sectie Gemeente-Gewest-Provincie), WBS (Wiardi Beckman Stichting), omstreeks 1983 
  • tweede fractiesecretaris PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 september 1985 tot 22 september 1987 
  • fractiesecretaris PvdA Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 22 september 1987 tot 7 november 1989 

nevenfuncties

huidige
  • onafhankelijk voorzitter overleg over het beperken van de hinder van de luchthaven Schiphol, vanaf oktober 2006 
  • voorzitter EnergieNed, vanaf juli 2007 
  • lid Board Eurelectric, Brussel 
  • lid Board Eurogas, Brussel 
  • lid Formule-E-team (bevordering elektrisch rijden) 
  • lid Raad van Advies Energy Delta Gas Research 
  • lid Raad van Commissarissen "Lysias Consulting Group", vanaf oktober 2007 
  • voorzitter bestuur PFZW (Pensioenfonds Zorg en Welzijn) 
  • voorzitter Raad van Commissarissen SNS (Stichting Nationale Sporttotalisator) 
  • voorzitter Raad van Commissarissen AOG Contactonderwijs B.V. 
  • lid dagelijks bestuur VNO-NCW (als vertegenwoordiger van de energiesector) 
  • voorzitter Raad van Toezicht "Groninger Forum" 
  • lid Raad van Advies vervoersondernemeing "Arriva" te Heerenveen 
  • voorzitter Overleg toekomst farmacie 
  • procesregisseur implementatie Convenant Gewasbescherming 
  • lid Raad van Toezicht Rijksuniversiteit Groningen, vanaf september 2008 
  • voorzitter Taskforce biodiversiteit en natuurlijke hulpbronnen, vanaf oktober 2008 
  • voorzitter Raad van Toezicht UMCG (Universitair Medisch Centrum Groningen), vanaf februari 2009 
  • lid Taskforce Stimulering Grootschalige Onderzoeksfaciliteiten, vanaf februari 2010 
  • voorzitter Overlegorgaan verkeer en waterstaat, vanaf 15 mei 2012 
  • lid klankbordgroep Langetermijn Spooragenda, vanaf juni 2013 
  • voorzitter Raad van Commissarissen ProRail B.V., vanaf 1 juli 2014 

vorige
  • lid Raad van Commissarissen N.V. PGEM (Provinciale Gelderse Electriciteitsmaatschappij), van 1978 tot november 1989 (werknemerscommissaris) 
  • voorzitter IPO (Interprovinciaal Overlegorgaan) 
  • lid stuurgroep departementale beleidsvoorbereiding (onbetaald) 
  • lid algemeen bestuur Nationaal comité viering bevrijding (onbetaald) 
  • voorzitter toneelgroep "Theater van het Oosten", van 1988 tot 1990 (onbetaald) 
  • voorzitter MilieuCentraal, van 1997 tot augustus 2004 
  • voorzitter Commissie Gewasbescherming Glastuinbouw, van 1 januari 1998 tot december 2001 
  • voorzitter begeleidingscommissie Project Mainportontwikkeling Rotterdam, vanaf november 1998 
  • voorzitter Raad voor de Controle, Raad Archief Selectiedienst te Winschoten 
  • voorzitter Raad voor Rechtsbijstand te Leeuwarden 
  • voorzitter Regionale adviescommissie VSB-fonds Groningen 
  • voorzitter Vereniging van orgel- en muziekcultuur in Groningen en Oost-Friesland 
  • lid bestuur Ubbo-Emmiusfonds 
  • voorzitter Stichting "Both Ends", Amsterdam 
  • lid bestuur "Kraus-Groeneveld Stichting" 
  • voorzitter adviesraad Centre for Japanese Studies, Rijksuniversiteit Groningen 
  • voorzitter Gemeenschappelijk bestuursorgaan AZAZG en RUG 
  • voorzitter Raad van Toezicht Ziekenhuis "Rijnstate" te Arnhem 
  • voorzitter Landelijk Beraad Rampenbestrijding 
  • lid presidium Staatscommissie inzake Dualisme en lokale democratie (Staatscommissie-Elzinga), van 25 september 1998 tot januari 2000 
  • voorzitter Stichting Maatschappij voor de aanleg van de Zuiderzeespoorlijn, vanaf oktober 1998 
  • voorzitter Stuurgroep herstructurering pluimveehouderij, vanaf februari 1999 
  • voorzitter Begeleidingscommissie evaluatie EK2000, 2000 
  • voorzitter onderzoekscommissie cafébrand in Volendam, van januari 2001 tot maart 2001 
  • voorzitter coöperatiebestuur PGGM, van maart 2001 tot 1 januari 2010 
  • voorzitter raad van commissarissen De Lotto, tot 20 februari 2013 
  • lid Nationaal platform anders betalen voor mobiliteit, vanaf november 2004 
  • lid commissie Doorlichting Interbestuurlijk Toezicht arrangementen, vanaf augustus 2006 
  • voorzitter stuurgroep Nieuwe Hanze Interregio, vanaf februari 2007 
  • lid Gemengde Commissie decentralisatievoorstellen provincies, vanaf december 2007 
  • lid Raad van Toezicht UMCG (Universitair Medisch Centrum Groningen), tot februari 2009 
  • voorzitter Raad van Commissarissen "Aedes", vereniging van woningcorporaties, van juli 2002 tot mei 2009 
  • voorzitter personenvervoer, Overlegorgaan Verkeer en Waterstaat 
  • leider maatschappelijke dialoog over megastallen, van mei 2011 tot 23 september 2011 
  • onderzoeker mogelijke malversaties bij vleesverwerker VION, 2014 

afgeleide functies, presidia etc.
  • voorzitter bijzondere commissie voor deregulering van overheidsregelingen (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 27 september 1983 tot juni 1986 
  • plaatsvervangend lid Presidium (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 1 oktober 1985 tot 7 november 1989 
  • lid parlementaire enquêtecommissie Bouwsubsidies (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van 26 november 1986 tot 7 november 1989 

opleiding

lager onderwijs
  • lagere school te Nijmegen 

voortgezet onderwijs
  • Lyceum te Nijmegen (niet voltooid) 
  • detailhandelschool (niet voltooid; van school gestuurd) 

overige opleidingen
  • cursussen (onder andere Engels) 
  • taalcursussen (in verband met ministerschap) 

activiteiten

als parlementariër
  • Hield zich in de Tweede Kamer vooral bezig met ambtenarenzaken, PTT-personeel, binnenlandse zaken, ruimtelijke ordening en het midden- en kleinbedrijf 
  • Was in 1988 één van de woordvoerders van zijn fractie bij de behandeling van wetsvoorstellen over de verzelfstandiging van de PTT. Hield zich met name bezig met de consquenties voor het personeel. 

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Bracht in 1990 samen met staatssecretaris Heerma de Vierde nota inzake de Ruimtelijke Ordening extra (Vinex) uit. In de nabijheid van grote steden en infrastructuur worden nieuwe woonwijken gepland (de zgn. Vinex-wijken). Dit is onder meer het geval bij Utrecht (Leidse Rijn), Den Haag (Ypenburg, Leidscheveen) en Zwolle. Door dit te doen, moet de mobiliteit worden beperkt. Goede openbaar-vervoersvoorzieningen zijn essentieel bij stadsuitbreiding. Er komen convenanten met lokale besturen over uitvoering van het beleid, waarbij tot 2005 afspraken worden vastgelegd over grondkosten, openbaar vervoer en groen. De Rotterdamse haven en Schiphol worden zogenoemde Mainports. (21.879) 
  • Bracht in 1990 samen met de ministers Andriessen, Maij-Weggen en Braks het Nationaal Milieubeleidsplan-plus (NMP-plus) uit. Hierin staan beleidsintensiveringen ten opzichte van het NMP over de uitstoot van CO2, de verzuring, de bescherming en ontwikkeling van natuur, de beheersing van afvalketens, bodemsanering en energiebesparing. (21.137) 
  • Bracht in 1991 de Nota Klimaatsverandering uit. Daarin staan doelstellingen voor de beperking van uitstoot van broeikasgassen, waaronder Chloorfluorkoolwaterstoffen (Cfk's). Hiertoe worden maatregelen voorgesteld om het energieverbruik te beperken, om afval te verminderen en te hergebruiken en om meer gebruik te maken van duurzame energiebronnen. (22.232) 
  • Ondertekende in 1992 in New York een internationaal (Verenigde Naties) Raamverdrag inzake klimaatverandering. De onderhandelingen over dit verdrag vonden van 3 tot en met 14 juni 1992 in Rio de Janeiro plaats tijdens een VN-conferentie. Het verdrag moet bewerkstelligen dat wereldwijd maatregelen worden genomen ter beperking van de klimaatverandering. Met name de concentraties broeikasgassen moeten worden gestabiliseerd. Het Raamverdrag werd door 155 landen getekend. (23.299) 
  • Sloot in 1992 convenanten met de verpakkingsindustrie en de chemische industrie over terugdringing van het verpakkingsmaterialen 
  • Was in 1993 de medeverantwoordeljk voor het besluit tot aanleg van een bovengrondse goederenspoorlijn (Betuwelijn) van de Rotterdamse haven naar Duitsland. Verdedigde samen met minister Maij-Weggen in het parlement de pkb over de Betuwelijn. (22.589) 
  • Sloot in 1993 samen met minister Bukman een akkoord met de Boerenorganisaties over terugdringing van het mestoverschot 
  • Bracht in 1993 samen met de ministers Andriessen, Maij, Bukman en Pronk het tweede Nationaal milieubeleidsplan (NMP-2) uit. Er is geen wijziging van het beleid ten opzichte van eerdere milieuplannen, maar de uitvoering ervan wordt wel versterkt. Er moeten convenanten komen tussen overheid en bedrijfsleven om milieuverontreiniging te verminderen. Door integrale milieuvergunningen wordt de verantwoordelijkheid overgeheveld naar uitvoerders van het beleid. Bracht tegelijkertijd de Nota Produkt en milieu uit. (23.560) 

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1990 een wet tot invoering van een CO2-heffing tot stand. De heffing wordt uitgevoerd als een brandstofheffing op basis van het beginsel 'de vervuiler betaalt'. Zowel industrie, verkeer als huishoudens krijgen met de heffing te maken. (21.406) 
  • Bracht in 1991 samen met staatssecretaris Heerma een herziening (Stb. 439) van de Woningwet tot stand, waardoor bouwvoorschriften werden vereenvoudigd en gedecentraliseerd. Het wetsvoorstel was in 1987 door Heerma en minister Nijpels ingediend. (20.066) 
  • Bracht in 1992 samen met minister Kok en staatssecretaris Van Amelsvoort de Wet verbruiksbelastingen van brandstof, geheven naar een milieugrondslag (WABM) (Stb. 317) tot stand. Bestemmingsheffingen op brandstoffen worden omgezet in verbruiksbelastingen van brandstoffen, geheven naar het koolstofgehalte en de energie-inhoud van de brandstoffen. De opbrengsten hiervan komen ten goede aan de algemene middelen, ter financiering van het milieubeleid. De verantwoordelijkheid voor de inning gaat over van VROM naar Financiën. (22.405) 
  • Bracht in 1992 een wijziging (Stb. 348) van de Wet geluidhinder tot stand, waardoor die wet op een aantal punten wordt vereenvoudigd. Procedures uit de Wet op de ruimtelijke ordening en de Wet geluidhinder worden met elkaar in overeenstemming gebracht. Verder worden de regels voor woningbouw bij zeehavens en industriegebieden enigszins versoepeld. Er komt per 1 juli 1993 voor 85 industrieterreinen geluizonering van rechtswege. Het wetsvoorstel was in 1988 ingediend door minister Nijpels. (20.985) 
  • Bracht in 1992 wijzigingen (Stbb. 414 en 415) van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne tot stand met betrekking tot vergunningen en handhaving en beleidsplanning en kwaliteitseisen. Er komt één Wabm-vergunning die de vergunningen uit vijf milieuwetten vervangt. In de meeste gevallen is de gemeente bevoegd de vergunning te verlenen. De procedures voor milieuvergunningen worden gestroomlijnd. (22.672) 
  • Bracht in 1993 een wijziging (Stb. 283) van de Wet algemene bepalingen milieuhygiëne tot stand, waardoor deze wet wordt uitgebreid met een hoofdstuk afvalstoffen. De Wet chemische afvalstoffen en de Afvalstoffenwet worden hiermee vervangen. Door de wetswijziging kunnen er regels worden gesteld ter voorkoming en beperking van de hoeveelheid afvalstoffen en over de verwijdering daarvan. De gemeentelijke afvalstoffenverordening regelt de inzameling van huishoudelijk afval. Groente-, fruit- en tuinafval moeten in principe gescheiden worden ingezameld. Autowrakken, bedrijfsafval en ingezameld huishoudelijk afval mogen alleen aan bevoegden worden afgegeven. De Wet a.b.m.h. wordt per 1 januari 1994 omgevormd tot Wet milieubeheer (Wmb). Dit is een integrale milieuwet, waarin regelingen zijn opgenomen voor onder meer bodem, water en lucht, en waaronder verder onder andere vallen de Kernenergiewet, de Wet geluidhinder, de Wet milieugevaarlijke stoffen en de Wet verontreiniging zeewater. (21.246) 
  • Bracht in 1993 samen met minister Maij-Weggen de Tracéwet (Stb. 582) tot stand. Hierdoor komen er voor grote infrastructurele projecten (aanleg of wijziging van hoofdwegen en van railwegen) snellere en doelmatiger procedures. (22.500) 
  • Bracht in 1994 een wijziging (Stb. 28) van de Wet op de ruimtelijke ordening, het zgn. Nimby-wetje, tot stand (nimby='not in my back yard'), waardoor medewerking bij spoedeisende projecten van bovengemeentelijk belang kan worden afgedwongen (23.015) 
  • Bracht in 1994 een wijziging (Stb. 90) van de Wet milieubeheer inzake verwijderingsbijdragen voor huishoudelijke apparatuur tot stand (23.256) 
  • Bracht in 1994 samen met minister Hirsch Ballin een wet (Stb. 331) tot uitbreiding van de Wet bodembescherming met een nieuwe regeling voor de sanering van vervuilde grond tot stand. Via een door de Eerste Kamer afgedwongen novelle wordt het verhaal van kosten op de veroorzaker beperkt. Alleen wie een zeer duidelijk verwijt kan worden gemaakt, is verplicht tot het betalen van saneringskosten. (21.556 & 23.589) 
  • Bracht in 1994 samen met minister Maij-Weggen wijzigingen (Stbb. 583 en 601) van de Luchtvaartwet inzake geluidhinder tot stand. Er komt een mogelijkheid tot het instellen van een aparte geluidszone met betrekking tot nachtelijk luchtvaartgeluid. Verder worden geluidheffingen mede gebruikt om presanering te financieren. Onder presaneren wordt verstaan: het aanbrengen van geluidwerende voorzieningen en het onttrekken aan de woonbestemming, en/of verplaatsen. Het betreft bebouwing in gebieden, die in de toekomst met zekerheid geluidsbelasting zullen ondervinden en die gezien de bepalingen van het Besluit geluidsbelasting grote luchtvaartterreinen (Stb. 1981, 504) altijd in aanmerking komen voor saneringsmaatregelen. Luchthaven Maastricht komt onder dit besluit te vallen. Er komen nieuwe handhavingsvoorschriften (strafbepalingen en dwangsom). (19.631 & 22.570) 
  • Bracht in 1994 samen met minister Bukman de Interimwet ammoniak en veehouderij (Stb. 634) tot stand. Dit was een tijdelijke regeling voor de ammoniakdeposito veroorzaakt door veehouderijen. Gemeenten kregen mogelijkheden om op korte termijn tot vergunningverlening over te gaan, waarmee bedrijven konden worden verplicht om binnen vijf jaren investeringen te plegen die tot aanzienlijke reductie van mestdeposito moesten leiden, dan wel dieren konden afstoten of verplaatsen. (23.221) 

wetenswaardigheden

algemeen
  • Benoemde kort na zijn aantreden als minister de ambtelijk secretaris van de PvdA-Tweede Kamerfractie, Henk Bakker, tot politiek adviseur 
  • Stemde in 1993 samen met zijn collega d'Ancona in de ministerraad tegen het uitbreiden van het aantal nachtvluchten vanaf Zestienhoven. Legde zich echter neer bij de meerderheid. 

uit de privésfeer
Zijn vader was zeepproever bij zeepfabriek "Dobbelman" te Nijmegen

niet-aanvaarde politieke functies
  • lid Tweede Kamer, mei 1994 (zevende op de kandidatenlijst; niet aanvaard i.v.m. benoeming tot directeur UNEP) 

woonplaats
Amsterdam

ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 8 oktober 1994

verenigingen, sociëteiten, genootschappen etc.
lid cabaretgroep

hobby's
  • fietsen (op racefiets) 
  • cabaretspelen 

militaire dienst
  • dienstplichtig militair, vanaf 1972 

publicaties/bronnen

literatuur/documentatie
  • H. Visser, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1983) 
  • T. van Rijckevorsel en H. Enkelaar, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1988) 
  • NRC Handelsblad, 13 november 1989 
  • G. Pama en T.J. Meeus, "De eenzaamheid van milieuminister Hans Alders; Sigarenrook, daar laat ik me niet door vermurwen", NRC Handelsblad, 12 juni 1993 
  • M. ten Hooven en D. Hoos, "De tomeloze energie van Hans Alders", Trouw, 12 maart 1994 

familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm
weduwnaar

kinderen
1 dochter

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.