Mr. F.H.G. (Frank) de Grave

foto Mr. F.H.G. (Frank) de Gravevergrootglas Frank de Grave (1955) is sinds 7 juni 2011 Eerste Kamerlid voor de VVD. Na werkzaamheden in het bankwezen en het voorzitterschap van de JOVD werd hij in 1982 financieel woordvoerder van de VVD in de Tweede Kamer. In 1990-1996 was de heer De Grave wethouder van financiën in Amsterdam en vervolgens staatssecretaris van Sociale Zaken in het kabinet-Kok I en minister van Defensie in het kabinet-Kok II. Keerde in 2002 terug naar de Kamer als mediawoordvoerder. Kreeg vanaf 2004 leiding over organen in de gezondheidszorg, zoals de Zorgautoriteit. Is nu voorziter van het corporatiebestuur van pensioenfonds PGGM en voorzitter van Orde van Medisch Specialisten. De heer De Grave is voorzitter van de vaste commissie voor Financiën.

VVD
in de periode 1982-heden: lid Tweede Kamer, lid Eerste Kamer, staatssecretaris, minister

voornamen (roepnaam)

Franciscus Hendrikus Gerardus (Frank)

personalia

geboorteplaats en -datum
Amsterdam, 27 juni 1955

partij/stroming

partij(en)
VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie)

hoofdfuncties en beroepen

  • werkzaam bij een bank in Assen, van 1980 tot 1981
  • adjunct-secretaris Raad van Bestuur N.V. Amro-bank, van 1981 tot 1982
  • lid gemeenteraad van Amsterdam, van 7 september 1982 tot 29 april 1986
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 16 september 1982 tot 8 mei 1990
  • lid gemeenteraad van Amsterdam, van 1 mei 1990 tot 2 juli 1996
  • wethouder (van financiën) van Amsterdam, van 1 mei 1990 tot 2 juli 1996 (tevens loco-burgemeester)
  • waarnemend burgemeester van Amsterdam, van 18 januari 1994 tot 16 mei 1994 (na de benoeming van Van Thijn tot minister)
  • staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (belast met sociale zekerheid en arbeidsomstandigheden), van 2 juli 1996 tot 3 augustus 1998
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 19 mei 1998 tot 3 augustus 1998
  • minister van Defensie, van 3 augustus 1998 tot 22 juli 2002
  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 23 mei 2002 tot 1 april 2004
  • voorzitter CTG (College Tarieven Gezondheidszorg) en Zorgautoriteit i.o., van 1 april 2004 tot 1 oktober 2006
  • voorzitter NZa (Nederlandse Zorgautoriteit), van 1 oktober 2006 tot 15 maart 2009
  • financieel directeur "DSB" (Dirk Scheringa Bank) te Wognum, van 15 maart 2009 tot mei 2009
  • bestuursadviseur organisatieadviesbureau "Twynstra Gudde", van november 2009 tot november 2010 (2,5 dag per week)
  • zelfstandig adviseur B.V. "De Grave Bestuur en Advies", vanaf december 2009
  • voorzitter coöperatiebestuur PGGM, vanaf 1 april 2010
  • voorzitter Federatie van Medisch Specialisten, vanaf 25 november 2010 (3 dagen per week)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, vanaf 7 juni 2011

activiteiten

als parlementariër
  • Was aanvankelijk fiscaal specialist van de VVD-Tweede Kamerfractie
  • Diende in 1986 met Joost van Iersel (CDA) een initiatiefwetsvoorstel in om de fiscale regeling voor herkapitalisatie (omzetting van winstreservering in risicodragend kapitaal) te verruimen. Het voorstel werd in 1988 wet. (19.779)
  • Interpelleerde op 4 juni 1987 staatssecretaris Koning over verhoging van het huurwaardeforfait
  • Diende in 1989 een initiatiefwetsvoorstel in tot afschaffing van de beursbelasting en verdedigde dit met succes in de Tweede Kamer. Na zijn vertrek als Kamerlid loodste Henk Koning het voorstel in 1990 door de Eerste Kamer. (21.342)
  • In de periode 2002-2004 financieel woordvoerder van zijn fractie. Voerde in 2003 het woord bij de algemene financiële beschouwingen. Hield zich toen verder bezig met mediabeleid en Antilliaanse zaken.

als bewindspersoon (beleidsmatig)
  • Tijdens zijn ministerschap nam Nederland deel aan militaire acties van de NAVO tegen Servië en waren Nederlandse militaire betrokken bij vredesmissies in Kosovo (22.181)
  • Bracht in 1999 samen met minister Van Aartsen en staatssecretaris Van Hoof de Defensienota 2000 uit. Hierin wordt ingegaan op de (verdere) inkrimping van de Nederlandse krijgsmacht, op de structurele bezuiniging van f 375 miljoen op Defensie en op de toekomstige taken van de krijgsmacht. Als taken worden omschreven: verdediging van het eigen en bondgenootschappelijke gebied en de verdediging tegen een veelheid van veiligheidsrisico's, bescherming en bevordering van de internationale rechtsorde en ondersteuning en hulpverlening, zowel nationaal voor de uitvoering van civiele overheidstaken, als internationaal. De krijgsmacht zal bij de uitvoering van haar hoofdtaken steeds in internationaal verband optreden. Er komt grotere nadruk op paraatheid, inzetbaarheid, flexibiliteit, mobiliteit en internationale inpasbaarheid van eenheden. Er komen drie extra compagnieën pantserinfanteriebataljons, de genie wordt versterkt en een derde mariniersbataljon wordt volledig paraat gesteld. De bezuinigingen worden onder meer bereikt door vermindering van het aantal tanks en fregatten en door reorganisatie van de Marine-Luchtvaartdienst. (26.900)
  • Stelde in 2001 samen met minister Van Aartsen een Toetsingskader op voor de uitzending van Nederlandse militairen in het kader van vredesmissies. Dit betreft onder meer de informatievoorziening aan de Kamer, de criteria voor deelname, eventuele risico's en evacuatie en de bewapening. (23.591)
  • Was in augustus 2001 samen met minister Van Aartsen verantwoordelijk voor het besluit om in NAVO-verband Nederlandse militairen naar Macedonië te sturen in het kader van een vredesoperatie (22.181)
  • Was in oktober 2001 samen met minister Van Aartsen verantwoordelijk voor het besluit militaire steun in te zetten in de strijd in Afghanistan. Nederland leverde 1400 militairen voor de strijd tegen het Taliban-regime. (27.925)
  • Was in december 2001 samen met minister Van Aartsen verantwoordelijk voor het besluit om in VN-verband troepen te zenden naar Afghanistan (27.925)

als bewindspersoon (wetgeving)
  • Bracht in 1997 de Wet premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (Pemba) (Stb. 175), de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Waz) (Stb. 176) en de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) (Stb. 177) tot stand. De Pemba regelt dat de WAO-premie per bedrijf gaat verschillen. De hoogte van de premie wordt gerelateerd aan het aantal werknemers dat vanuit het bedrijf in de WAO terecht komt. Er komt een mogelijkheid voor een vrijwillig eigen risico van vijf jaar voor werkgevers. De Waz voert een aparte arbeidsongeschiktheidsregeling in voor zelfstandigen en meewerkenden echtgenoten. De Wajong roept een aparte inkomensdervingsregeling op minimumniveau in het leven voor studeren en jonggehandicapten. (24.698)
  • Bracht in 1997 een wet (Stb. 706) tot integratie van het middelenbeheer van de volksverzekeringen en werknemersverzekeringsfondsen met het middelenbeheer van het Rijk tot stand. De fondsen krijgen ter verbetering van een doelmatig beheer een rekening-courantverhouding met het Rijk. (25.342)
  • Bracht in 1997 de Wet ontheffing premieplicht voor uitkeringsgerechtigden bij marginale arbeid (Stb. 85) tot stand. Hierdoor vervalt de plicht tot het betalen van werknemerspremies bijvoorbeeld seizoenswerk door uitkeringsgerechtigden. (24.236)
  • Bracht in 1998 een wijziging (Stb. 33) van de Algemene Nabestaandenwet tot stand in verband met wegneming van onbillijkheden. Het gaat onder andere om aanpassing van het overgangsrecht. Een groep onverzekerbaren, die wel recht had op een AWW-uitkering kan alsnog (tijdelijk) in aanmerking komen voor een uitkering op grond van de ANW. De regeling voor mensen met een gezamenlijk huishouden wordt versoepeld. (25.900)
  • Bracht in 1998 samen met staatssecretaris Schmitz een wijziging (Stb. 203) van de Vreemdelingenwet tot stand over de aanspraak van vreemdelingen op verstrekkingen, voorzieningen, uitkeringen, ontheffingen en vergunningen (de zogenoemde Koppelingswet) tot stand. De aanspraak van vreemdelingen op (sociale) voorzieningen wordt gekoppeld aan het rechtmatig verblijf van de vreemdeling in Nederland. Illegalen worden in principe uitgesloten voor deze voorzieningen, om de schijn van legaliteit voor niet-toegelaten vreemdelingen te voorkomen en uitzetting van hen te bevorderen. (24.233)
  • Bracht in 1998 de Wet maximering premiepercentage AOW en toekomstige financiering van de AOW (Stb. 262) tot stand. Er wordt een bovengrens aan het premiepercentage AOW van 16,5% van het premieplichtige inkomen vastgesteld. De rest van de financieringsbehoefte wordt aangevuld met rijksbijdragen. Er komt een Spaarfonds AOW. (25.699)
  • Bracht in 1998 de Wet op de (re)integratie van arbeidsgehandicapten (REA) (Stb. 290) tot stand. Werkgevers kunnen verplicht worden bij een AMvB te bepalen aantal arbeidsgehandicapten in hun bedrijf op te nemen. Eventueel kan in overleg met het LISV tot een afwijkende beloning worden besloten. Het LISV kan subsidie verlenen voor het aanbrengen van voorzieningen ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid. (25.478)
  • Bracht in 2000 samen met minister De Vries een wijziging van de bepalingen in de Grondwet over de verdediging tot stand. In artikel 100 wordt opgenomen dat de Staten-Generaal moet worden ingelicht als de krijgsmacht wordt ingezet voor internationale vredesmissies. (26.243)

wetenswaardigheden

woonplaats
Amsterdam

publicaties/bronnen

literatuur/documentatie
  • H. Visser, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1983)
  • T. van Rijckevorsel en H. Enkelaar, "Wie is Wie in de Tweede Kamer?" (1988)
  • Toof Brader en Marja Vuijsje, "Haagse portretten. Tweede-Kamerleden, ministers, staatssecretarissen" (1999)
  • J.M. Bik, "Sterke politiek tacticus in een boze wereld", NRC Handelsblad, 3 november 2001
  • Egbert Kalse, "Behendige raspoliticus met paarse wortels", NRC Handelsblad, 7 februari 2004
  • Dorien Pels, "'Bommen stegen op uit mijn naam: heftig'", Trouw, bijlage Ideale Banen, 22 mei 2010
  • Rob de Lange en Jeroen Piersma, "'Mijn dochter heeft op de middelbare school drie jaar lang verzwegen dat ik haar vader was'", Het Financieele Dagblad, 26 februari 2011

uitgebreide versie

uitgebreide versie
Van deze pagina bestaat een uitgebreide versie met partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding, wetenswaardigheden etc. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft. reageer

Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.