
Liberale Unie
in de periode 1898-1919: lid Tweede Kamer, fractievoorzitter TK, minister, lid Raad van State, vicepresident Raad van Nederlands-Indië
voornamen
personalia
Harderwijk, 16 december 1851
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 27 december 1919
levensbeschouwing
- -Hervormd (opgevoed)
- -geen godsdienst
partij/stroming
Liberale Unie
loopbaan
- -(adjunct-)commies, Provinciale Griffie te Zwolle, van 1 juli 1875 tot 1 januari 1878
- -chef provinciaal bureau voor statistiek, Provinciale Griffie te Zwolle, van 1 januari 1878 tot 1 september 1885
- -gemeentesecretaris van Groningen, van 1 september 1885 tot 1 maart 1892
- -chef Generale Thesaurie (rang: administrateur), ministerie van Financiën, van 1 maart 1892 tot 1 juli 1898
- -vicepresident Raad van Nederlandsch-Indië te Batavia, van 1 juli 1898 tot 15 augustus 1905 (benoemd bij K.B. van 27 mei)
- -ziekteverlof te Soekaboemi, 1903
- -verlof in Nederland, vanaf juli 1905
- -minister van Financiën, van 15 augustus 1905 tot 11 februari 1908
- -voorzitter van de ministerraad, van 16 augustus 1905 tot 11 februari 1908 (formeel tijdelijk)
- -lid gemeenteraad van 's-Gravenhage, van 2 december 1908 tot 7 september 1909 (gekozen in district III)
- -lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 9 mei 1910 tot 30 maart 1917 (voor het kiesdistrict Den Helder)
- -lid gemeenteraad van 's-Gravenhage, van 27 juni 1910 tot 30 maart 1914
- -politiek hoofdredacteur, dagblad "Het Vaderland", van 1 januari 1911 tot 1 januari 1914
- -fractievoorzitter Liberale Unie, Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 22 september 1913 tot 30 maart 1917
- -lid Raad van State, van 30 maart 1917 tot 27 december 1919
partijpolitieke functies
- -lid Indische commissie, Liberale Unie, vanaf november 1916
nevenfuncties
- -voorzitter Burgerlijke Pensioenraad, van 2 maart 1908 tot april 1917
- -voorzitter Militaire Pensioenraad, vanaf 2 maart 1908
- -voorzitter Pensioenraad voor de gemeente-ambtenaren, van 27 augustus 1913 tot april 1917
- -lid Staatscommissie voor het onderwijs (Staatscommissie-Bos), van 31 december 1913 tot 11 maart 1916
- -lid Centrale Commissie voor de Statistiek, omstreeks 1915
- -voorzitter Staatscommissie inzake de pensioenregeling voor burgerlijke ambtenaren, van november 1915 tot 1919
afgeleide functies, presidia etc.
- -lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van november 1912 tot januari 1913 (voorzitter tweede afdeling)
- -lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1913 tot november 1913 (voorzitter vierde afdeling)
- -lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van januari 1914 tot maart 1914 (voorzitter tweede afdeling)
- -lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1914 tot november 1914 (voorzitter vierde afdeling)
- -lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van januari 1915 tot april 1916
- -lid Centrale Afdeling (Tweede Kamer der Staten-Generaal), van september 1916 tot januari 1917 (resp. voorzitter vijfde en tweede afdeling)
- -lid afdeling Binnenlandse Zaken (Raad van State)
- -voorzitter afdeling Financiën (Raad van State)
opleiding
- -gymnasium te Harderwijk
academische studie
- -Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op stellingen), Hogeschool te Utrecht, van 29 oktober 1868 tot 28 mei 1875
activiteiten
- -Hield zich als Tweede Kamerlid vooral bezig met financiële onderwerpen en koloniale zaken. Voerde ook het woord bij het debat over de Grondwetsherziening 1917.
opvallend stemgedrag
- -Behoorde in 1910 tot de minderheid van de Unie-liberalen die vóór een motie-Duymaer van Twist stemde, waarin werd gevraagd niet alleen de officierstractementen maar ook de pensioenen te verhogen. Aanneming van de motie was voor minister Cool reden om ontslag te nemen.
als bewindspersoon (beleidsmatig)
- -Was op 18 september 1906 de eerste minister van Financiën die de begroting mondeling aan de Tweede Kamer aanbood
- -Voerde een voorzichtig financieel beleid, waarbij terughoudend werd betracht bij het aanvatten van nieuwe overheidstaken
- -Introduceerde in 1906 een nieuwe begrotingsnorm ten aanzien van buitengewone uitgaven: alleen direct productieve uitgaven kwamen voor financiering uit leningen in aanmerking
wetenswaardigheden
- -Was bij K.B. van 27 juni 1905 herbenoemd als vicepresident Raad van Nederlandsch-Indië, maar deze benoeming verviel vanwege zijn ministerschap
- -Werd als minister-president van het door Goeman Borgesius geformeerde kabinet aangezocht toen hij op verlof was in Nederland. Vermoedelijk was zijn naam genoemd door oud-minister van Financiën Pierson. Oud-minister De Beaufort, het Tweede Kamerlid G.A. van Hamel, de Amsterdamse burgemeester Van Leeuwen en de Utrechtse burgemeester Reiger hadden eerder geweigerd.
- -Zijn kabinet stond bekend als 'kabinet van kraakporselein', omdat het niet over een vaste meerderheid in het parlement beschikte. Zijn kabinet diende in december 1906 ontslag in na de verwerping van de Oorlogsbegroting 1907 door de Eerste Kamer en kwam in december 1907 definitief ten val door de verwerping van de Oorlogsbegroting voor 1908 door de Tweede Kamer
- -Werd in 1909 bij de periodieke verkiezingen tot Tweede Kamerlid gekozen en herkozen als gemeenteraadslid, maar kon vanwege ziekte pas in 1910 in beide college's zitting nemen
uit de privésfeer
- -Zijn broer Everhard Dirk was burgemeester van Strijen
- -Was sinds zijn studententijd bevriend met zijn latere collega-minister mr. P. Rink
verkiezingen
- -Werd in 1908 bij tussentijdse verkiezingen in het district Ommen verslagen door A. Kuyper (arp)
- -Werd in 1909 in de districten Den Helder en Schoterland gekozen en nam zitting voor Den Helder. Versloeg in Schoterland J.A. Bergmeijer (sdap) en in Den Helder A.P. Staalman. Beide keren na herstemming.
- -Versloeg in 1913 C. Thomassen (sdap) na herstemming
woonplaats(en)/adres(sen)
- -Groningen, tot 1 maart 1892
- -'s-Gravenhage, van 1 maart 1892 tot 2 augustus 1898
- -Batavia, van 2 augustus 1898 tot 2 september 1904
- -'s-Gravenhage, van 2 september 1904 tot 27 december 1919
ridderorden
Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw
publicaties/bronnen
- -G. Puchinger, "Nederlandse minister-presidenten van de twintigste eeuw" (1984)
- -C. Fasseur, "Meester, Theodoor Herman de (1851-1919)", in: Biografisch Woordenboek van Nederland, deel III, 403
- -"Het Vaderland", 28 dec. 1919
- -"Nieuwe Rotterdamsche Courant", 28 dec. 1919
- -Ned. Patriciaat, 1942
Biografisch Woordenboek(en)
biografie opgenomen in het Biografisch Woordenboek van Nederland
archivalia via site Nationaal Archief
vindplaatsen en beschrijvingen verzameld door het Nationaal Archief
familie/gezin
gehuwd te Zwolle, 6 juli 1881
echtgeno(o)t(e)/partner
J.A.R.W. Parker, Josina Agnes Reiniera Woltera
kinderen
2 zoons en 1 dochter
vader
Mr. G.A. de Meester, Gerrit Abraham
geboorteplaats en/of -datum
Harderwijk, 2 oktober 1817
moeder
Th.H. van Meurs, Theodora Hermina
geboorteplaats en/of -datum
Ede, 16 december 1821
broers en zusters
1 zus en 2 broers
beroep grootvader (vaderskant)
raad en burgemeester van Harderwijk
familierelaties
Zoon van G.A. de Meester, Tweede Kamerlid
Bovenstaande gegevens zijn ontleend aan het biografisch archief van het Parlementair Documentatiecentrum (PDC) van de Universiteit Leiden en betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was.
Aanvullingen en gemotiveerde correcties ontvangt PDC graag. U kunt hiervoor de "reageer-keuze" aan de rechterzijde van deze pagina gebruiken of uw aanvullingen per post sturen naar PDC, antwoordnummer 10801, 2501 BW Den Haag of per email aan info@biografieen.com.
