Vriendschap verbroken - Bij de schoolwet van Van der Brugghen (1857)
Dit is een artikel in de serie Wandelingen door de Handelingen, een kijkje in de Nederlandse parlementaire geschiedenis aan de hand van spraakmakende debatten.
Dit is een artikel in de serie Wandelingen door de Handelingen, een kijkje in de Nederlandse parlementaire geschiedenis aan de hand van spraakmakende debatten.
Dit is een artikel in de serie Wandelingen door de Handelingen, een kijkje in de Nederlandse parlementaire geschiedenis aan de hand van spraakmakende debatten.
Op de website Parlement.com vindt u onafhankelijke informatie over de Nederlandse politiek en over de personen die daarin een rol spelen of hebben gespeeld. De website wordt mogelijk gemaakt door de Stichting PDC, partner van het Montesquieu Instituut (MI) en onderhouden door de bij het MI werkzame redactie. Deze website is niet verbonden aan en wordt niet gefinancieerd door politieke partijen en/of belangengroepen.
Op 27 december 1949 kwam er een einde aan het Nederlandse koloniale bewind in Nederlands-Indië. Daaraan waren ruim vier jaar voorafgegaan van militaire en politieke strijd.
De LPF haalde bij de Tweede Kamerverkiezingen van 15 mei 2002 26 zetels in de Tweede Kamer. Lijsttrekker was Pim Fortuyn, die echter op 6 mei 2002 werd vermoord. Het verkiezingsprogramma was getiteld 'Zakelijk met een hart'. De LPF was kort voor de verkiezingen opgericht en had voor de verkiezingen van 15 mei dus nog geen zetels in de Tweede Kamer.
Op 13 december 2006 nam de Tweede Kamer een motie van afkeuring aan tegen minister Rita Verdonk, die door PvdA-Kamerlid Jeroen Dijsselbloem was ingediend. De situatie was uniek: nog niet eerder richtte een motie van afkeuring zich tegen een bewindspersoon in een demissionair kabinet. Het vervolg was ook uniek: nog niet eerder bleef een bewindspersoon zitten na een aangenomen motie van afkeuring.
1956 was een verkiezingsjaar. Er was in 1956 sprake van een ongekend felle verkiezingsstrijd tussen de KVP van Romme en de PvdA van Drees. De PvdA werd de grootste partij, waarna een zeer moeizame formatie volgde. In het nieuwgevormde vierde kabinet-Drees was het conflict eigenlijk al ingebakken. 1956 is dan ook als de voorbode van het einde van de Rooms-Rode coalitie te beschouwen.
Het quorum is het minimale aantal leden dat aanwezig moet zijn om besluiten te mogen nemen. In de Tweede Kamer is dat 76 en in de Eerste Kamer 38.
Het quorum blijkt uit het aantal handtekeningen op de presentielijst. Er kunnen daardoor feitelijk minder dan 76 leden aanwezig zijn om te kunnen vergaderen. Vooral bij avondvergaderingen komt dat geregeld voor.
De huisvesting voor de Tweede Kamer der Staten-Generaal is (tegenover het hoofdgebouw, aan de overzijde van het Plein) uitgebreid met kantoorruimten, onderkomens voor Europarlementariërs en ruimten voor parlementaire enquêtecommissies.