Rijkswet

Een rijkswet is een wet die geldt voor het gehele Koninkrijk, bestaande uit Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Een voorstel tot rijkswet kan door de regering of door Tweede Kamerleden worden ingediend. Behalve door het Nederlandse parlement worden ontwerp-rijkswetten ook behandeld in de Staten van Aruba, Curaçao en Sint Maarten.

In het parlement hebben rijkswetten een zogenoemd R-nummer (bijv. 23.788 R511).

Kamerstukken

De meeste officiële documenten in het parlement worden gepubliceerd. Zo worden er woordelijke verslagen gemaakt van de plenaire vergaderingen van beide Kamers. Dit worden handelingen genoemd. Agendastukken worden als bijlage bij de handelingen gevoegd. Dit zijn wetsvoorstellen, toelichtingen bij wetsvoorstellen, amendementen, nota's, notities, verslagen van commissievergaderingen, moties, brieven van de regering, begrotingsvoorstellen, rapporten etc. Ze zijn tevens digitaal beschikbaar.

Parlementaire documenten

Jaarlijks worden honderden parlementaire documenten geproduceerd. Het gaat daarbij om drie hoofdsoorten: Kamerverslagen (Handelingen), Kamerstukken en Kamervragen. Vrijwel al deze documenten zijn online opvraagbaar via diverse websites.

Welke zoekingang (website) het beste kan worden gekozen, hangt af van de periode waarin de stukken zijn gepubliceerd. Recente en actuele stukken zijn te vinden via zoek.officielebekendmakingen.nl, tweedekamer.nl en eerstekamer.nl.

Staatscommissie-Bos

Op 31 december 1913 stelde het kabinet-Cort van der Linden de Staatscommissie-Bos in die een oplossing moest formuleren voor de onderwijskwestie: de regeling van de subsidiëring van het bijzondere onderwijs. De commissie-Bos, die geheel uit Kamerleden bestond, kwam in 1917 met een compromistekst (de 'pacificatie'), waarmee er gelijkstelling kwam bij de bekostiging door de overheid van scholen voor openbaar en bijzonder onderwijs. De herziening van de Grondwet kwam in 1917 tot stand.

Staatscommissie-De Wilde

Op 24 januari 1936 stelde het derde kabinet-Colijn de staatscommissie-De Wilde in, die moest adviseren over herziening van de Grondwettelijke bepalingen over onder meer vrijheid van drukpers, de schadeloosstelling en het pensioen van Tweede Kamerleden, de benoeming van ministers zonder portefeuille, instelling van een (derde) Kamer voor het bedrijfsleven, maatregelen tegen revolutionaire volksvertegenwoordigers en de herzieningsprocedure.

Abonneer op