Verhoudingen 'traditionele drie' - overige partijen

De parlementaire geschiedenis kent een groot scala aan politieke partijen. Nieuwe partijen hebben in Nederland bij verkiezingsdeelname een relatief grote kans op het behalen van een zetel in de Tweede Kamer, omdat de kiesdrempel in verhouding tot andere landen laag is.

Toch bestaan er een aantal 'traditionele partijen'. Deze hebben een oude ideologische basis, bestaan voor een lange tijd en worden meestal de grootste bij de verkiezingen. Er valt een drietal van zulke traditionele partijen te benoemen: het CDA, de PvdA en de VVD. Die behoorden niet altijd tot de grootste drie partijen - in 2002 was de LPF bijvoorbeeld qua zetelaantal de tweede partij en in 2017 was dat de PVV.

In de onderstaande tabel staat de getalsverhouding tussen die drie partijen en de overige partijen in de Tweede Kamer.

 
 

jaar

grote drie

overige

grootste 'vierde' partij

2017

61

89

PVV (20 zetels)

2012

92

58

PVV/SP (15 zetels)

2010

82

68

PVV (24 zetels)

2006

96

54

SP (25 zetels)

2003

118

32

SP (9 zetels)

2002

90

60

LPF (26 zetels)

1998

112

38

D66 (14 zetels)

1994

102

48

D66 (24 zetels)

1989

125

25

D66 (12 zetels)

1986

133

17

D66 (9 zetels)

1982

128

22

D66 (6 zetels)

1981

118

32

D66 (17 zetels)

1977

130

20

D66 (8 zetels)


Meer over