Onze koningen en koninginnen sinds 1813

Nederland bestaat sinds 1813 als zelfstandige eenheidsstaat. Sinds 16 maart 1815 is Nederland een koninkrijk, nadat soeverein vorst Willem zichzelf tot koning uitriep.

Van 1798 tot 1813 verbleef erfprins Willem, zoon van de laatste stadhouder Willem V, in Duitsland en Engeland. Na het herstel van de zelfstandigheid kwam hij op 30 november 1813 terug naar Nederland en werd aanvankelijk 'Souverein Vorst' van de Verenigde Nederlanden.

Nederland was naar zijn mening te klein om een koninkrijk te zijn. Dat werd anders toen bij het Weense congres in 1815 werd besloten België en Nederland te verenigigen. De souverein vorst werd koning van het Koninkrijk der Nederlanden. Vervolgens werden zijn zoon Willem (II) en kleinzoon Willem (III) koning en daarna, bij het ontbreken van mannelijke nakomelingen, Wilhelmina, Juliana en Beatrix koningin. Sinds 30 april 2013 is Willem-Alexander koning.

 

1.

Inhuldiging

De Grondwet bepaalt dat een nieuwe Koning zo spoedig mogelijk na aanvang van zijn koninklijk gezag in Amsterdam in een openbare Verenigde Vergadering van de Staten-Generaal moet worden ingehuldigd. De Koning legt ten overstaan van de Staten-Generaal en delegaties van de Staten uit het Caribische deel van het Koninkrijk de eed of belofte af.


Meer over