Geschiedenis reglement van orde Eerste Kamer

Het huidige reglement van orde van de Eerste Kamer werd in 1995 vastgesteld en daarna nog enkele keren gewijzigd. De belangrijken herzieningen daarvoor waren er in 1967 toen er bijvoorbeeld vaste commissies kwamen, en in 1983 toen veel bepalingen werden gemoderniseerd. Na de instelling van de Eerste Kamer in 1815 was er al een reglement vastgesteld, dat in februari 1849 echter geheel was herzien.

De herziening van 1995 vond plaats op voorstel van de leden Van der Meer (PvdA) en Postma (CDA) en werd opgesteld door de Huishoudelijke Commissie. Belangrijkste wijzigingen waren vereenvoudiging van de procedure voor toelating van leden en van de benoeming van Voorzitter en ondervoorzitters, mogelijkheid tot delegatie van personeelszaken aan de Huishoudelijke Commissie, grotere bevoegdheden voor de Voorzitter bij ordeverstoringen, het schrappen van de mogelijkheid een lid langere tijd uit te sluiten, aanpassingen aan de Grondwet van het recht op inlichtingen en nieuwe bepalingen over het enquêterecht.

In 1983 was het reglement aangepast aan de nieuwe bepalingen in de Grondwet, onder andere over de verkiezing van de Voorzitter. Verder kregen fracties een duidelijker plaats in het reglement, onder meer bij spreektijdverdeling en commissielidmaatschappen.

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Overzicht wijzigingen vanaf 1995

jaar

welke verandering

2015

toevoeging van een hoofdstuk over registratie van reizen en geschenken, mogelijke belangenverstrengeling en het omgaan met vertrouwelijke informatie

2011

benoeming plaatsvervangend griffier door Huishoudelijke Commissie bij enkelvoudige kandidaatstelling

2004

openbaarmaking korte aantekeningen van commissievergaderingen

2003

vrije kandidaatstelling bij de benoeming van de Voorzitter

2.

Belangrijke wijzigingen vóór 1995

1967

  • verkiezing van twee ondervoorzitters - instelling College van Senioren
  • opneming begrip 'fractie'
  • afschaffing onderzoek in de afdelingen
  • instelling vaste commissies voor alle ministeries en voor sommige beleidsterreinen
  • voorbereidend onderzoek van wetsvoorstellen door commissies
  • mogelijkheid tot het houden van beleidsdebatten
  • regeling van uitoefening van het recht van enquête

1957

  • opneming bepalingen over behartiging Koninkrijksaangelegenheden
  • vijf in plaats van vier afdelingen vanwege uitbreiding ledental

1950

  • mogelijkheid instellen van (voorlopig) drie Kamercommissies, vooral voor het verkrijgen van inlichtingen
  • ook stemmen bij zitten en opstaan is mogelijk (voor het eerst toegepast in 1957)

1939

  • maatregelen tegen mogelijke ordeverstoring door de Voorzitter: ontnemen van het woord en uitsluiting

1888

  • verdeling van de Kamer in vier afdelingen, waarin het voorbereidend onderzoek plaatsvindt

Meer over