De Raad van State vindt het uitsluiten van politieke partijen die niet voldoen aan eisen voor interne democratie te ver gaan. Dit schrijft de Raad in een voorlichting op verzoek van de Tweede Kamer over een amendement van Joost Sneller (D66) en Mikal Tseggai (GroenLinks-PvdA) op de Wet op de politieke partijen (Wpp).
Het amendement verplicht partijen om leden toe te laten en geeft die leden invloed op het partijprogramma en de kandidatenlijst. De nieuw op te richten Nederlandse autoriteit politieke partijen (Napp) zou daarop moeten toezien. Partijen die zich niet aan de regels houden, mogen op grond van het amendement niet meer deelnemen aan verkiezingen, ook niet via een blanco lijst.
De Raad erkent dat de wetgever regels mag stellen aan de interne organisatie van partijen, maar oordeelt dat het amendement onvoldoende is onderbouwd. Zo maakt het niet duidelijk waarom de beperking van de verenigingsvrijheid en het passief kiesrecht 'noodzakelijk en proportioneel' is. Ook komt de Napp daarmee in een kwetsbare positie, omdat de regels zich nog in de praktijk moeten bewijzen. Daarnaast vindt de Raad het niet logisch om leden slechts eens per vier jaar inspraak te geven in het partijprogramma; dat zou beter voor elke Tweede Kamerverkiezing kunnen gebeuren.
De Raad adviseert de sanctie van uitsluiting vooralsnog te schrappen. Eerst moet worden overwogen of regulering van de interne partijorganisatie ook zonder zo'n sanctie wenselijk is.
Bron: Raad van State
Meer info: