Hofvijver juni 2022: 'van wijzend vingertje naar een pragmatische houding: Rutte IV en de EU'

DEN HAAG (PDC) - Binnen de Europese Unie heeft het kabinet-Rutte IV het wijzende vingertje van Rutte III ingeruild voor een pragmatischer houding. In de nieuwe editie van De Hofvijver van het Montesquieu Instituut noemt David Bokhorst, research fellow bij het European University Institute, de gewijzigde lijn een stijlbreuk met eerder gevoerd Europees beleid.

Het kabinet-Rutte IV sprak in het coalitieakkoord uit dat Nederland een leidende rol wil spelen in de EU. Die leidende rol op grote thema's als geopolitiek, energie en klimaat blijft wellicht uit, maar tot op heden neemt Nederland wel een constructieve houding aan. Zo behoort Nederland tot de Europese kopgroep die het meest ambitieuze klimaatbeleid wil, voorstander is van verdragswijziging en opener staat voor uitbreiding van de EU.

Toch ziet Bokhorst ook een aantal mogelijke struikelblokken. Zo zou het kennisniveau binnen de ambtelijke organisaties niet voldoende zijn en het Nederlandse EU-beleid reactief in plaats van proactief. Bokhorst besluit zijn artikel met een advies voor de bewindspersonen: wees enerzijds streng op de controle van de uitgaven van Europees geld, maar bied ruimte voor een sociaal Europa.