Waterstaatkundig ingenieur en hoogleraar waterbouwkunde, die in het kabinet-De Meester als eerste minister uitsluitend met waterstaat werd belast. Zoon van een Groningse graanhandelaar. Had internationale vermaardheid als deskundige op het gebied van havenaanleg. In 1898 hoogleraar aan de Polytechnische School in Delft. Aan zijn rectoraat van de in 1905 gestichte Technische Hogeschool kwam spoedig een einde door zijn ministerschap. Zijn afwezigheid als minister in 1906 vanwege een reis naar Chili, waar hij als adviseur van de regering moest optreden, werd sterk bekritiseerd. Was later nog elf jaar liberaal Eerste Kamerlid.