Het debat-Goudsmit over de Bloemenhovekliniek (1974)

Dit is een artikel in de serie Wandelingen door de Handelingen, een kijkje in de Nederlandse parlementaire geschiedenis aan de hand van spraakmakende debatten.


Op 5 november 1974 vond in de Tweede Kamer een debat plaats over de Bloemenhovekliniek in Heemstede. Minister van Justitie Dries van Agt (KVP) wilde de kliniek laten sluiten omdat daar abortussen na twaalf weken werden uitgevoerd. D66-Kamerlid Anneke Goudsmit had om dit debat gevraagd om Van Agt van zijn voornemen af te brengen.

Het conflict rond Bloemenhove was het hoogtepunt van een maandenlange strijd tussen de progressieve en confessionele vleugel van het kabinet-Den Uyl. Van Agt had eerder plastisch beschreven hoe late abortussen zouden plaatsvinden: "terwijl de patiënte onder narcose is, wordt de vrucht in delen met instrumenten verwijderd, waarbij het hoofd wordt stukgekraakt." Deze uitspraak had veel weerstand opgeroepen.

Goudsmit opende haar betoog met een persoonlijke verklaring: "Over de abortusproblematiek wordt in Nederland verschillend gedacht. In mijn fractie - zoals u weet een getrouwe afspiegeling van het Nederlandse volk - is dat eveneens het geval. Ik houd dit betoog daarom met opzet in de eerste persoon enkelvoud."

Zij gaf vervolgens een uitgebreide medische en juridische uiteenzetting over de Bloemenhovekliniek. De kliniek behandelde voornamelijk vergevorderde zwangerschappen van 12 tot 18 weken en werkte samen met het Elisabethgasthuis in Haarlem. "Resumerend," stelde Goudsmit vast, "werkt de Bloemenhovekliniek volgens de voorwaarden van het wetsontwerp Stuyt-Van Agt."

Juridisch stelde Goudsmit de minister voor een dilemma. Waarom wilde Van Agt wel vervolgen bij abortusklinieken en niet bij ziekenhuizen waar dezelfde ingrepen plaatsvonden? "De strafwet kent het onderscheid tussen abortusklinieken en ziekenhuizen niet," wees zij hem terecht.

Goudsmit richtte haar zwaarste kritiek op de constitutionele aspecten. Zij waarschuwde dat Van Agt de rechter politieke beslissingen wilde laten nemen: "Als de politieke verantwoordelijkheid wordt verschoven naar de onafhankelijke rechter, heeft dat grote bezwaren. Men drijft op die manier de rechter de weg van de politieke beslissing op."

Deze waarschuwing was niet lichtzinnig bedoeld. Goudsmit vreesde dat burgers zouden denken "dat een rechter die veroordeelt het eens is met Van Agt en dat een rechter die vrijspreekt het eens is met Lamberts-Roethof." Het gevolg zou zijn dat "die rechter niet meer als onafhankelijk zal worden erkend."
 

Mevrouw Goudsmit (D66): Mijnheer de Voorzitter! Qui se fait attendre, se fait désirer, zei mijn moeder altijd in dit soort omstandigheden, of wel: Wie op zich laat wachten, laat naar zich verlangen. Ik zou daarmee ook mijn speech willen beginnen!

Over de abortusproblematiek wordt in Nederland verschillend gedacht. In mijn fractie - zoals u weet een getrouwe afspiegeling van het Nederlandse volk - is dat eveneens het geval. Ik houd dit betoog daarom met opzet in de eerste persoon enkelvoud.

(...)

De Bloemenhovekliniek, een onderdeel van het BEA-huis, behandelt voornamelijk vergevorderde zwangerschappen, dat wil zeggen van 12 tot 16 weken bij vrouwen die nog nooit kinderen hebben gehad en tot 18 weken bij vrouwen die wel kinderen hebben gehad.

Uit het grafiekje dat ons enige tijd geleden door de Stimezo is toegezonden, blijkt dat in totaal bij Nederlandse vrouwen 6% zwangerschappen, verder gevorderd dan 12 weken, worden geaborteerd. Er kan dus duidelijk over het geheel genomen van uitzonderingsgevallen, die behandeld worden in de Bloemenhovekliniek, worden gesproken.

(...)

In de Bloemenhovekliniek werken zes artsen per dag en er is een anesthesist bij elke behandeling. Er werken vier full-time mensen, die de maatschappelijke problemen van de vrouwen, die er komen, met hen doorspreken. (...) Elke vrouw wordt door minstens twee artsen onderzocht. Er wordt contact opgenomen met de huisarts, er worden aanwijzingen gegeven voor nazorg met een brief aan de huisarts. 15% van degenen die zich aanmelden, wordt niet geaccepteerd.

(...)

Resumerend - en misschien is dat een enigszins verrassende conclusie -: in feite, op de essentiële punten, werkt de Bloemenhovekliniek volgens de voorwaarden van het wetsontwerp Stuyt-Van Agt.

(...)

De strafwet kent het onderscheid tussen abortusklinieken en ziekenhuizen niet. Is het niet aan de Minister of de Staatssecretaris van Volksgezondheid, te beoordelen of een kliniek of een ziekenhuis medisch verantwoord werkt en niet aan de Minister van Justitie of de strafrechter?

(...)

Als de politieke verantwoordelijkheid wordt verschoven naar de onafhankelijke rechter, heeft dat grote bezwaren. Men drijft op die manier de rechter de weg van de politieke beslissing op. Het is immers zeer moeilijk uit te leggen dat die rechter, gebonden aan de wet, bij voorbeeld inbeslagneming in dit geval goedkeurt en niettemin het beleid van de Minister zou kunnen afkeuren.

De gemiddelde burger zal geneigd zijn te denken, dat een rechter die veroordeelt het eens is met Van Agt en dat een rechter die vrijspreekt het eens is met Lamberts-Roethof. Een al snel volgende stap is dan naar ik vrees, dat die rechter niet meer als onafhankelijk zal worden erkend en dat politieke verantwoording ook aan de rechter zal worden gevraagd; met andere woorden dat de roep om verkiezing van de rechter zal gaan weerklinken.

(...)

De heer Roethof (PvdA.): Het werd nu wel de hoogste tijd. De V.V.D.-fractie heeft zich indertijd, toen zij regeringsfractie was, gebonden aan het regeerakkoord (...) Bij de parlementaire behandeling zou het mogelijk geweest zijn, daarop terug te komen. In elk geval is de V.V.D. bereid geweest tot overleg, ten einde tot een of andere vorm van overeenkomst te komen.

(...)

Mevrouw Veder-Smit (VVD): De fractie van de V.V.D. verzoekt de Minister, af te zien van vervolging van artsen, werkzaam in klinieken, goedgekeurd door de geneeskundige inspectie.

(...)

De heer Andriessen (KVP): Ik kan de geachte afgevaardigde mededelen dat de K.V.P.-fractie voornemens is, vóór het einde van dit jaar een initiatiefwetsvoorstel in te dienen.

(...)

De heer De Leeuw (CPN): In Maastricht zijn er ernstige manifestaties van heksenjacht geweest. Pater Koopman heeft kennelijk kentekens genoteerd van vrouwen die de kliniek bezochten.

(...)

Minister Van Agt: Na ongeveer drie maanden zwangerschap is het groeiende leven al zover ontwikkeld, dat het met het blote oog als een mensje in miniatuur waarneembaar is. De instrumenten registreren dan reeds hersenactiviteit. (...) De drie-maandengrens is reeds daarom geen willekeurige, omdat vele bestaande wetten in ons omringende landen, of ontwerpen van nieuwe wetten, dat criterium hanteren.

(...)

Mevrouw Goudsmit (D66): Ik ben niet voor abortus maar voor legalisering, dat wil zeggen het scheppen van de mogelijkheid van abortus, zonder vrees voor de strafrechter. Ik ben tegen breinaaldmethoden. Dank zij het beleid tot nu toe zijn die methoden in Nederland verdwenen.

(...)

Ik ben er echter tegen, erg tegen, dat de Minister van Justitie in Nederland zich in 1974 met die vrouw en haar probleem bemoeit.