Mr. J. Sickenga

J. Sickenga
bron: Fotoarchief Eerste Kamer

Bestuurder en Eerste Kamerlid uit een voorname familie uit Weststellingwerf. Zijn vader was burgemeester, zijn schoonvader was een nazaat van een Tweede Kamerlid. Bekleedde diverse functies in het openbaar bestuur. Combineerde dat met het eigenaarschap van een landbouwbedrijf. Was, na advocaat te zijn geweest, lange tijd gedeputeerde van Friesland en later kantonrechter. In de Eerste Kamer voerde hij regelmatig het woord. Stond bekend als humaan en werkzaam.

liberaal, oud- of vrije liberalen
functie(s) in de periode 1902-1911: lid Eerste Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Jacob

titulatuur en naam

Mr. J. Sickenga Jacob

geboorteplaats en -datum

Wolvega (gem. Weststellingwerf), 6 september 1845

overlijdensplaats en -datum

Leeuwarden, 2 juli 1911

begraafplaats en -datum

Wolvega, 7 juli 1911

levensbeschouwing

Nederlands Hervormd

Partij/stroming

stroming(en)

(oud-)liberaal

partij(en)

Bond van Vrije Liberalen

Hoofdfuncties/beroepen

  • landeigenaar en landbouwer
  • kandidaat-notaris te Wolvega, vanaf november 1869
  • advocaat te Wolvega, van 1870 tot 1881
  • kantonrechter-plaatsvervanger, kanton Oldeberkoop, van 1 mei 1874 tot 15 mei 1877
  • procureur te Wolvega, van 1877 tot 1881
  • advocaat en procureur te Heerenveen, van 1881 tot 1 december 1903
  • lid Provinciale Staten van Friesland, van 20 juli 1881 tot juli 1901 (voor het kiesdistrict Schoterland)
  • lid Gedeputeerde Staten van Friesland (onder meer belast met financiën en waterstaat), van 3 juli 1888 tot juli 1901
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 30 juni 1902 tot 10 november 1903 (voor Friesland)
  • kantonrechter te Leeuwarden, van 1 december 1903 tot 2 juli 1911 (benoemd bij K.B. van 4 november 1903)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 23 november 1903 tot 23 april 1904 (voor Friesland)
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 20 september 1904 tot 2 juli 1911 (voor Friesland)

Nevenfuncties

  • lid raad van beroep voor de personele belastingen, district Heerenveen, omstreeks 1902 en nog in 1903
  • lid Staatscommissie onderzoek naar de financiële toestand van de gemeenten (Staatscommissie-Godin de Beaufort), van 7 juli 1903 tot december 1906
  • voorzitter Friese Maatschappij van Landbouw, afdeling Weststellingwerf
  • lid bestuur Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, afdeling Leeuwarden
  • lid bestuur Nederlandsch Bijbelgenootschap, afdeling Leeuwarden
  • lid kamer van toezicht voor notarissen en kandidaat-notarissen (tijdens lidmaatschap Eerste Kamer)

afgeleide functies, presidia etc.

voorzitter Commissie voor de Verzoekschriften (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 19 september 1907 tot september 1908

Opleiding

hoger beroepsonderwijs

  • notariaat (staatsexamen november 1869)

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 23 oktober 1863 tot 21 juni 1869 (summa cum laude)

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak in de Eerste Kamer vooral over justitie, financiën en landbouw

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Als gedeputeerde bemoeienis met verveningen, gemeentefinanciën, tramwegen en belastingverordeningen

uit de privésfeer

  • Zijn vader was grietenijsecretaris, wethouder en burgemeester van Weststellingwerf (1866-1878) en grondeigenaar/landbouwer

verkiezingen

  • Versloeg in 1902 bij de periodieke verkiezing van een Eerste Kamerlid in Provinciale Staten van Friesland met 24 tegen stemmen L.W. de Vries
  • Versloeg in 1904 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Friesland met 27 tegen 18 stemmen L.W. de Vries (c.h.)

woonplaats(en)/adres(sen)

  • Wolvega, tot 1881
  • Heerenveen, van 1881 tot 1903
  • Leeuwarden, vanaf 1903

ridderorden

Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 28 augustus 1905

Publicaties van/over

lijst van publicaties

  • "De gemeente in Nederland, preadvies voor de vereniging voor staatshuishoudkunde en statistiek, omstreeks 1890
  • "Het hof van Friesland in de XVIIe eeuw" (dissertatie, 1869)
  • "Rijksuitkeringen aan gemeenten"

literatuur/documentatie

  • J. Oosterom, scriptie Staatkundig-Historische Studiën, RU Leiden (1974)
  • Onze Afgevaardigden, 1905, 1909

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te 's-Gravenhage, 22 juli 1870

echtgeno(o)t(e)/partner

Jkvr. W.F.C.Ch.J. van Heemstra, Wilhelmina Frederica Casimira Charlotta Juliana

kinderen

11 kinderen

vader

J. Sickenga, Jacob

geboorteplaats en/of -datum

Wolvega (grietenij Weststellingwerf), 28 maart 1807

moeder

A. Hoekstra, Aaltje (Alida)

geboorteplaats en/of -datum

Texel, 1819

broers en zusters

3 broers en 5 zusters (zelf het derde kind van de negen)

beroep grootvader (moederskant)

veerschipper te Texel

familierelaties