Mr. C.H. baron van Rhemen van Rhemenshuizen

C.H. baron van Rhemen van Rhemenshuizen
bron: Fotoarchief Eerste Kamer

Burgemeester van Brummen die dertig jaar Eerste Kamerlid voor Gelderland was. Kamerheer in buitengewone dienst die in de Senaat vaak conservatieve standpunten innam en bijvoorbeeld tegen de afschaffing van de doodstraf stemde. Rekende zichzelf later tot de (gematigd) liberalen, vooral vanwege afkeer van de kerkelijke partijen. Door familiebanden gelieerd aan adellijke families als Schimmelpenninck van der Oye.

'pragmatisch' liberaal, liberaal
functie(s) in de periode 1850-1880: lid Eerste Kamer

Inhoud

  1. Personalia
  2. Partij/stroming
  3. Hoofdfuncties/beroepen
  4. Nevenfuncties
  5. Opleiding
  6. Activiteiten
  7. Wetenswaardigheden
  8. Publicaties van/over
  9. Familie/gezin

Personalia

voornamen (roepnaam)

Cornelis Herman

titulatuur en naam

Mr. C.H. baron van Rhemen van Rhemenshuizen Cornelis Herman

geboorteplaats en -datum

Dieren (gem. Rheden), 8 september 1811

overlijdensplaats en -datum

Brummen, 11 februari 1880

Partij/stroming

stroming(en)

  • 'pragmatisch liberaal' (rekende zichzelf in 1870 tot de (gematigd) liberalen)
  • conservatief-liberaal

Hoofdfuncties/beroepen

  • landeigenaar
  • burgemeester van Apeldoorn, van 1 december 1837 tot 1 augustus 1842
  • lid Provinciale Staten van Gelderland, van 2 juli 1839 tot september 1850 (voor de Ridderschap)
  • lid Gedeputeerde Staten van Gelderland, van 1 augustus 1842 tot 26 september 1850
  • lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 9 oktober 1850 tot 11 februari 1880 (voor Gelderland)
  • burgemeester van Brummen, van 1 oktober 1852 tot 1 juli 1867

Nevenfuncties

  • kamerheer in buitengewone dienst van koning Willem III, van 2 maart 1837 tot 11 februari 1880
  • lid Staatscommissie tot het onderzoeken der koloniale rekeningen over 1864

afgeleide functies, presidia etc.

  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1870 tot november 1870
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1871 tot oktober 1871
  • lid Commissie voor Huishoudelijke aangelegenheden (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van 21 september 1870 tot 11 februari 1880
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van april 1872 tot mei 1872
  • lid Centrale Afdeling (Eerste Kamer der Staten-Generaal), van september 1877 tot januari 1878

Opleiding

academische studie

  • Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie), Hogeschool te Leiden, van 27 augustus 1831 tot 7 december 1833

Activiteiten

als parlementariër

  • Sprak in de Eerste Kamer onder meer over justitie, spoorwegen, accijnzen en binnenlandse zaken
  • Behoorde in 1859 tot de 16 leden die vóór een (verworpen) wetsvoorstel stemden over herziening van het tarief voor in- en uitvoerrechten
  • Behoorde in 1860 tot de 17 leden die vóór de (verworpen) ontwerp-wet over aanleg en exploitatie van de Noorder- en Zuiderspoorwegen stemden
  • Behoorde in 1862 tot de 12 leden die tegen de ontwerp-wet tot afschaffing der slavernij in Nederlands West-Indië stemden
  • Stemde in 1865 tegen de geneeskundige wetten (Geneeskundig Staatstoezicht, regeling uitoefening geneeskunde en artsenijbereidkunde)
  • Stemde in 1868 tegen het (verworpen) voorstel van 5 liberale leden om een adres aan de Koning te zenden over een mogelijk derde Kamerontbinding
  • Stemde in 1869 tegen het voorstel tot afschaffing van het dagbladzagel
  • Stemde in 1870 tegen het voorstel tot afschaffing van de doodstraf
  • Behoorde in 1870 tot de meerderheid die bewerkstelligde dat de begroting van Nederlands-Indië werd verworpen, wat leidde tot het aftreden van minister De Waal
  • Behoorde in 1874 tot de vier leden die tegen de ontwerp-Hogeronderwijswet stemden
  • Behoorde in 1874 tot de zeven leden die tegen het initiatiefwetsvoorstel-Van Houten stemden over beperking van kinderarbeid

Wetenswaardigheden

algemeen

  • Moest in 1850 aftreden als gedeputeerde, omdat zijn zwager Commissaris des Konings werd

uit de privésfeer

  • Zijn jongste zoon was burgemeester van Wassenaar

verkiezingen

  • Werd in 1850 bij de verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland in de tweede stemmingsronde met 28 van de 54 stemmen gekozen. Op R.M. Dullert werden 13 stemmen uitgebracht.
  • Werd in 1859 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland met 39 van de 52 stemmen herkozen
  • Werd in 1868 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland met 46 van de 54 stemmen herkozen
  • Werd in 1877 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Gelderland met 41 van de 57 stemmen herkozen

woonplaats(en)/adres(sen)

Brummen, Huize De Rees, omstreeks 1852

ridderorden

Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, 6 december 1845

Publicaties van/over

literatuur/documentatie

  • Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 860
  • E. Luikens, "De 14 burgemeesters van Apeldoorn. Van 1818 tot 1993", (1993) 29-36
  • E. Luikens, "Cornelis Herman baron van Rhemen van Rhemenshuizen. 1811-1880, Burgemeester, Lid van de Gelderse Ridderschap, Gedeputeerde, Statenlid en Lid van de Eerste Kamer", in: Biografisch Woordenboek Gelderland, deel 6, 111

Biografisch Woordenboek(en)

biografie opgenomen in het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek

Familie/gezin

huwelijk/samenlevingsvorm

gehuwd te De Bilt, 5 juni 1834

echtgeno(o)t(e)/partner

J.E. baronesse van Tuyll van Serooskerken, Jacoba Elisabeth

kinderen

2 zonen en 3 dochters

vader

Mr. A. baron van Rhemen van Rhemenshuizen, Alexander

geboorteplaats en/of -datum

Zutphen, 19 januari 1783

moeder

S.D. baronesse van Leyden, Sophia Dina

geboorteplaats en/of -datum

Warmond, 10 mei 1778

familierelaties