Hoornse notabele, die twee jaar Tweede Kamerlid was. Zoon van een Amsterdamse regent en Hoorns raadslid. Bekleedde in Hoorn functies op belastinggebied en raads- en Statenlid. Daarnaast was hij hoofdingeland van enkele waterschappen. Behoorde tot de Kamerleden die zich verzetten tegen democratisering van de Grondwet in 1848. Zijn rol in Den Haag was na die Grondwetsherziening uitgespeeld.