Telg van een Alkmaarse regentenfamilie, die op velerlei gebied bestuursfuncties vervulde. Zijn vader was Eerste en Tweede Kamerlid en hijzelf was acht jaar Eerste Kamerlid. Hij hield zich in de Kamer vooral bezig met waterstaatkundige onderwerpen, een terrein waarmee hij zich ook als bestuurder intensief bezighield.
liberaal
functie(s) in de periode 1866-1874: lid Eerste Kamer
lid Provinciale Staten van Holland, van 6 februari 1838 tot 22 december 1840 (voor de steden, Alkmaar)
lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 22 december 1838 tot 9 september 1850 (voor de steden, Alkmaar)
lid Provinciale Staten van Noord-Holland, van 5 november 1850 tot 19 november 1866 (voor het kiesdistrict Alkmaar)
dijkgraaf waterschap "Uitwaterende Sluizen in Kennemerland en West-Friesland", van 1 januari 1860 tot 18 augustus 1874
lid Eerste Kamer der Staten-Generaal, van 19 november 1866 tot 18 augustus 1874 (voor Noord-Holland)
U ziet een selectie van de loopbaan. In de uitgebreide versie is de gehele loopbaan in te zien.
Nevenfuncties (4/26)
secretaris College van Regenten over de gevangenissen te Alkmaar, vanaf 17 januari 1855
president College van Regenten over het Rijksopvoedingsgesticht te Alkmaar
heemraad polder "Schermeer", vanaf 1 maart 1858
voorzitter feestcommissie regeringsjubileum koning Willem III, van 1873 tot 1874
U ziet een selectie van de nevenfuncties. In de uitgebreide versie is een overzicht van nevenfuncties in te zien.
Activiteiten
als parlementariër
Sprak in de Eerste Kamer onder meer over waterstaat, schutterijen en spoorwegen
Stemde in 1868 tegen het (verworpen) voorstel van 5 liberale leden om een adres aan de Koning te zenden over een mogelijk derde Kamerontbinding
Stemde in 1869 vóór het voorstel tot afschaffing van het dagbladzegel
Stemde in 1870 vóór het voorstel tot afschaffing van de doodstraf
Behoorde in 1870 tot de meerderheid die bewerkstelligde dat de begroting van Nederlands-Indië werd verworpen, wat leidde tot het aftreden van minister De Waal
Wetenswaardigheden
algemeen
Werd in 1850 aanvankelijk niet toegelaten als lid van Provinciale Staten
uit de privésfeer
Een broer van hem was burgemeester van Heiloo (1841-1854) en van Limmen (1852-1854)
Hij was gehuwd met een kleindochter van J.G.H. Hahn, die een belangrijke rol speelde in de Eerste en Tweede Nationale Vergadering
verkiezingen
Werd in 1866 bij een tussentijdse verkiezing van een Eerste Kamerlid in Provinciale Staten van Noord-Holland met 35 van de 58 stemmen gekozen
Werd in 1871 bij de periodieke verkiezing van Eerste Kamerleden in Provinciale Staten van Noord-Holland herkozen
Publicaties van/over
literatuur/documentatie
Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel X, 1097
H. van Felius en H.J. Metselaars, "Noordhollandse Statenleden 1840-1919"
archivalia
archief-Fontein Verschuir, GA Alkmaar
Familie/gezin
In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.