DEN HAAG (PDC) - Gezien zijn eindverantwoordelijkheid voor de ministeriële homogeniteit kan in het debat over de NSO-afluisteraffaire uiteindelijk ook de positie van premier Rutte in het geding komen.
Dat schrijft de Maastrichtse staatsrechtdeskundige Wytze van der Woude in een voor de website van het Montesquieu Instituut geschreven analyse.
Van der Woude betoogt dat er inmiddels veel twijfel is aan de informatie die ministers wel of juist niet aan het parlement hebben gegeven. Als de ministers Plasterk en Hennis onvoldoende in staat zijn die twijfel weg te nemen en het beeld ontstaat dat het aan afstemming heeft ontbroken, raakt dat ook de positie van de premier.