DEN HAAG (PDC) - Kritiek op de omgangsvormen en het taalgebruik in de Tweede Kamer is geen nieuw verschijnsel. Bezwaren tegen bijvoorbeeld te lang of te veel spreken, waren er al in de negentiende eeuw en ook toen werd verandering van standpunt als 'draaien' betiteld.
Dat schrijft Erie Tanja in haar proefschrift 'Goede politiek. De parlementaire cultuur in de Tweede Kamer, 1866-1940', dat zij gisteren aan de Radboud Universiteit in Nijmegen verdedigde.
Het boek beschrijft de veranderingen in de parlementaire omgangsvormen en werkwijze door uitbreiding van actief en passief kiesrecht, de komst van (nieuwe) partijen, en door de groei van de rol van de overheid. De Tweede Kamer paste zich steeds aan veranderde omstandigheden aan, al was er vaak enig verzet van gevestigde politici en groeperingen.
Zeker voor de huidige Kamerleden en parlementaire journalisten valt er uit het lezenswaardige proefschrift het nodige te leren over de parlementaire zeden.