Vergaderzaal Eerste Kamer

Op Binnenhof 22 is de Eerste Kamer der Staten-Generaal gevestigd. Het gebouw van de Eerste Kamer ligt aan de kant van de Hofvijver. Tussen 1650 en 1660 werden twee woningen in het complex omgebouwd tot een nieuwe vergaderzaal voor de Staten van Holland. De Eerste Kamer vergadert sinds 1849 in deze ruimte. De vergaderzaal bevindt zich op de eerste verdieping.

De zaal heeft 74 zitplaatsen. Ieder Kamerlid heeft een eigen plaats. De Voorzitter heeft een eigen stoel en naast hem zitten griffiers. De leden zitten niet met de gehele fractie bij elkaar, maar in groepjes fractieleden. Er zijn aparte plaatsen voor stenografen en aan de raamzijde is een tafel voor de bewindslieden. Op de balkons zijn plaatsen voor bezoekers en ambtenaren die de vergadering willen volgen.

Het onderkomen van de Eerste Kamer aan het Binnenhof heeft een rijke historie. In 1650 gaven de Staten van Holland en West-Friesland aan de beroemde architect Pieter Post de opdracht om een nieuwe monumentale vergaderzaal te bouwen. De bouw vond plaats tijdens het stadhouderloze tijdperk dat na de dood van stadhouder Willem II werd afgekondigd. Hiertoe werd een deel van de stadhouderlijke residentie afgebroken; van het stadhouderlijk paleis bleef alleen de Mauritstoren, gelegen in de zuidwesthoek van het Binnenhof, intact.

De vergaderzaal moest de nationale en internationale invloed van de Staten van Holland en West-Friesland uitstralen en de nieuwe machtsverhoudingen aan het Binnenhof weergeven. Het kleurrijke plafond met medaillons en krullen is rond 1650 ontworpen door Pieter Post. De plafondschilderingen zijn gemaakt door de schilders Andries de Haen en Nicolaas Wielingh. Het venster in het midden toont de Kinderen van Staat. Sinds mei 1849 hangt achter de voorzitterszetel een door Kruseman geschilderd schilderij van koning Willem II.


Meer over