Haagse jonkheer en zoon van een rechter, die in 1918 de eerste secretaris-generaal van het nieuwe ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen werd. Was voordien op het ministerie van Binnenlandse Zaken al ambtenaar op onderwijsgebied. Secretaris van de Bevredigingscommissie-Bos die de onderwijskwestie oploste. Werd na 1933 op zijn ministerie overvleugeld door Van Poelje die door minister Marchant was aangesteld als directeur-generaal. Stond bekend als een humane chef, die het departement door en door kende. Sportliefhebber, die bij HCC cricket speelde en later daarvan voorzitter was.