Zeeuwse edelman die al als 25-jarige burgemeester werd. Organiseerde in 1941/'42 als bestuursraad (gedeputeerde) de evacuatie van een groot deel van de Zeeuwse bevolking. Speelde een hoofdrol in het Zeeuwse verzet en was eind 1944 enkele weken waarnemend Commissaris van de Koningin. In 1946 weer burgemeester, maar twee jaar later dankzij persoonlijk ingrijpen van Wilhelmina, wiens favoriet hij was, benoemd tot Commissaris van de Koningin. Kleurrijke bestuurder die in Zeeland iedereen kende en zich overal mee bemoeide. Hij functioneerde als de burgervader van Zeeland, was erg populair en vooral tijdens de watersnoodramp van 1953 een bindende figuur.