Commissaris van de Koning in Gelderland rond de eeuwwisseling in 1900. Was eerder burgemeester van twee Utrechtse plattelandsgemeenten. Kleinzoon van de vooraanstaande staatsman uit de Bataafse Tijd en tijdens het bewind van Willem I, J.H. Mollerus. Stond bekend als een ouderwetse landedelman, die gastvrij en welwillend was, maar wel erg antisocialistisch.