Advocaat, schepen en burgemeester van Doornik, Tweede Kamerlid en volksvertegenwoordiger in België. Was in het Nederlandse parlement één van de voornaamste en meest welsprekende opposanten, die onder meer het recht van amendement en invoering van de ministeriële verantwoordelijkheid bepleitte. Steunde in 1829 de Zuid-Nederlandse petitiebeweging. Als lid van het Nationaal Congres stemde hij vóór het eeuwig uitsluiten van Oranje van de Belgische troon. Daarna was hij parlementslid en ambassadeur in Parijs en nadien nog eens tien jaar Kamerlid. Werd in 1836 in de adelstand verheven.