Conservatieve Leidse rechtsgeleerde met een ontzagwekkend voorkomen. Opvolger van Kemper als hoogleraar natuur- staats- en volkenrecht in Leiden, na eerder - direct na zijn studie - hoogleraar in Deventer te zijn geweest. Was in Leiden ook actief als gemeenteraadslid en daarnaast lid van Provinciale Staten van Zuid-Holland. In de Dubbele Tweede Kamer van 1848 tegenstander van de Grondwetsherziening, en met name van rechtstreekse verkiezingen en vrijheid van vergadering.