Eén van de meest oppositionele Tweede Kamerleden uit de tijd van Willem I. Rechter in Amsterdam en zoon van een prinsgezinde Amsterdamse regent. Als voorstander van ministeriële verantwoordelijkheid, openbaarheid van financiën en vrijhandel een politiek medestander van Van Hogendorp, met wiens dochter hij was getrouwd. Werd in 1820 tot Kamerlid gekozen. Stemde samen met de Zuid-Nederlanders tegen heffing van accijns op meel. Werd daarna niet herkozen, maar keerde drie jaar later terug. Speelde enkele keren een belangrijke rol bij parlementaire nederlagen van de regering.