Tweede Kamerlid voor Holland uit Amsterdam. Oudste zoon van de staatsman W.F. Röell en van Sara Hop. Was advocaat en secretaris en directeur van de Nederlandse Bank. Werd in 1837 tot Tweede Kamerlid gekozen, maar overleed een kleine vier jaar later op 47-jarige leeftijd. Gaf een verslag uit van de reis die zijn vader in 1809/1810 naar Parijs had gemaakt.