J. graaf van den Bosch

foto J. graaf van den Bosch

Officier, die functies bekleedde in Nederlands-Indië en een belangrijke rol speelde bij het verdrijven van de Fransen in 1813. Nadien bestuurder in West-Indië en Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië. Was dé initiatiefnemer tot invoering van het stelsel van gedwongen verbouw van landbouwproducten voor koloniale bestuur (het cultuurstelsel). Nam na zijn terugkeer in Nederland het initiatief tot de oprichting van opvoedingsgestichten in Drenthe. Minister van Koloniën onder Willem I, maar in 1839 door de Tweede Kamer ten val gebracht. Daarna nog Tweede Kamerlid.

regeringsgezind ten tijde van Willem II, regeringsgezind ten tijde van Willem I en Willem II
in de periode 1830-1844: lid Tweede Kamer, minister, Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Voornaam

Johannes

2.

Personalia

geboorteplaats en -datum
Herwijnen (Gld.), 2 februari 1780

overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 28 januari 1844

3.

Partij/stroming

stroming(en)
  • regeringsgezind (ten tijde van Willem I en Willem II)
  • conservatief

4.

Hoofdfuncties/beroepen (4/19)

  • lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 7 november 1842 tot 28 januari 1844 (voor Zuid-Holland)
  • minister van Koloniën, van 30 mei 1834 tot 1 januari 1840
  • Commissaris-Generaal over Nederlandsch-Indië, van 17 januari 1832 tot 1 februari 1834
  • Gouverneur-Generaal van Nederlandsch-Indië, van 16 januari 1830 tot 2 juli 1833 (benoemd in oktober 1828)

ambtstitel
  • minister van staat, van 25 december 1839 tot 28 januari 1844

officiersrangen (2/8)
  • generaal-majoor titulair, 24 november 1836
  • luitenant-generaal, van 16 oktober 1828 tot 24 november 1836

U ziet een selectie van de loopbaan. In de uitgebreide versie is de gehele loopbaan in te zien.

5.

Wetenswaardigheden

algemeen (3/4)
  • De verwerping op 20 december 1839 met 39 tegen 12 stemmen door de Tweede Kamer van zijn wetsvoorstel inzake de aflossing van een voorschot bij de Nederlandsche Handel-Maatschappij op de verkoop van Indische producten, deed hem besluiten af te treden als minister. Hij nam de verantwoordelijk voor dit voorstel hoewel hij eigenlijk net als de Tweede Kamer van mening was dat het voorstel gepaard moest gaan met grotere openheid over de koloniale financiën. De koning wees dat echter af, hoewel ook de Raad van State in die zin had geadviseerd. Na zijn ontslagaanvrage vroegen diverse Kamerleden, diplomaten en staatsreden tevergeefs aan hem daarop terug te komen
  • Voerde in Nederlands-Indië het cultuurstelsel in
  • In 1818 oprichter van de Maatschappij van Weldadigheid, die de koloniën Frederiksoord, Willemsoord en Wilhelminaoord en de gestichten Ommerschans en Veenhuizen stichtte

uit de privésfeer (3/4)
  • Zijn vader was geneesheer te Herwijnen
  • Twee van zijn zoons waren getrouwd met dochters van W.J. Junius van Hemert, Tweede en Eerste Kamerlid
  • Eigenaar der Pondok Gedeh-landen

predicaten/adellijke titels
  • baron, 17 juni 1835
  • graaf, 25 december 1839

U ziet een selectie van wetenswaardigheden. In de uitgebreide versie is een overzicht van wetenswaardigheden opgenomen.

6.

Familie/gezin

In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.

7.

Amendementen

8.

Uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.


Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.