Regent uit Haarlem die vanaf de tijd van de Republiek tot de jaren van het Koninkrijk op vele posten bestuurlijk actief was. Zo was hij schout van Bloemendaal, had hij zitting in de municipaliteit (gemeenteraad) van Amsterdam, maakte hij deel uit van de vergadering van provisionele representanten van Holland en zat hij in de Staatsraad van Lodewijk Napoleon. Werd in 1812 rechter en kreeg in 1814 zitting in de nieuwe Staten-Generaal. De laatste acht jaar van zijn loopbaan zat hij in de Eerste Kamer. Woonde op het landgoed Berkenrode bij Heemstede.