Drents/Overijsselse patriot, die in 1783 deel uitmaakte van het gevolg van de eerste gezant naar de Verenigde Staten. Na de Pruisische interventie en het herstel van de Oranjes in 1787 moest hij zijn bestuursfuncties neerleggen, maar na 1795 keerde hij terug als representant. Vanwege zijn federalistische sympathieën werd hij in januari 1798 gevangengenomen. In 1802 wederom bestuurder in Overijssel en tijdens de inlijving senator in Parijs. Na de herwinning van de onafhankelijkheid werd hij gedeputeerde van Overijssel en in 1816 benoemde Willem I hem tot Eerste Kamerlid.