Overijsselse landjonker, die tijdens de Republiek bestuursfuncties bekleedde. Orangist en daarom in 1795 afgezet. Ten tijde van Lodewijk Napoleon lid van de Staatsraad. Na het herstel van de onafhankelijkheid wederom provinciaal bestuurder en vanaf 1815 Eerste Kamerlid, wat hij tot zijn overlijden op 77-jarige leeftijd bleef.