Amsterdamse rechter en gemeenteraadslid die in het kabinet-Van der Brugghen ruim een jaar minister voor Hervormde Eredienst was. Studeerde zowel rechten als theologie. Bedong bij zijn benoeming tot minister dat hij na zijn ontslag staatsraad zou worden. Werd in 1862 als zodanig herbenoemd toen de nieuwe Wet op de Raad van State van kracht werd.