C.Th. van Meurs

Artillerie-officier en onder meer directeur van de stapel- en constructiemagazijnen in Delft en van de geschutsgieterij in Den Haag. zoon van een patriottische gezinde officier, later honorair pensionaris van Zierikzee. Minister van Oorlog in het kabinet-Rochussen tijdens de Oostenrijks-Italiaanse oorlog, waarbij Limburg als deel van de Duitse Bond zijdelings betrokken was. Werd in de Tweede Kamer sterk bekritiseerd en trad daarop af. Keerde daarna terug in militaire dienst.

technocraat
in de periode 1858-1859: minister

Inhoudsopgave van deze pagina:


1.

Voornamen

Cornelis Theodorus

2.

Personalia

geboorteplaats en -datum
's-Gravenhage, 13 november 1799

overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 29 januari 1894

3.

Hoofdfuncties/beroepen (3/10)

  • minister van Oorlog, van 1 januari 1858 tot 1 september 1859
  • weer in actieve dienst, van 1 september 1859 tot 1 maart 1863 (bevordering tot luitenant-generaal)
  • gepensioneerd, 1 maart 1861

officiersrangen (2/8)
  • generaal-majoor, 23 december 1857
  • luitenant-generaal, vanaf 1 augustus 1859

U ziet een selectie van de loopbaan. In de uitgebreide versie is de gehele loopbaan in te zien.

4.

Nevenfuncties (2/5)

  • voorzitter raad van toezicht op de spoorwegdiensten, van 10 oktober 1863 tot 22 januari 1870 (na opheffing spoorwegcommissie; eervol ontslagen)
  • voorzitter hoofdcomité tot hulpverlening aan zieke en gewonde krijgslieden in oorlogstijd, van 1882 tot 1888

U ziet een selectie van de nevenfuncties. In de uitgebreide versie is een overzicht van nevenfuncties in te zien.

5.

Opleiding

In de uitgebreide versie is een overzicht van de opleiding(en) opgenomen.

6.

Wetenswaardigheden

algemeen
  • Met het oog op dreigend oorlogsgevaar in verband met eenheidsbeweging in Italië, werden door hem, in overleg met de Duitse bond de lichtingen 1856 en 1857 onder de wapenen gehouden. Tevens stelde hij voor het Bondscontigent uitsluitend uit Limburgers te laten bestaan. Hierover ontstond grote beroering in de Tweede Kamer, vooral bij de Limburgse leden. Het wetsontwerp over het onder de wapenen houden van de lichtingen 1856 en 1857 werd op 7 juni 1859 wel met 34 tegen 32 stemmen aangenomen, maar omdat Van Meurs meende te weinig steun te hebben gekregen, vroeg hij op 31 juli ontslag.

uit de privésfeer
  • Nam in 1831 deel aan de Tiendaagse veldtocht
  • Zijn vader was officier, onder meer in het Bataafse leger

7.

Familie/gezin

In de uitgebreide versie zijn, indien bekend, de familierelaties opgenomen.

8.

Uitgebreide versie

In het digitale biografisch archief van PDC, partner van het Montesquieu Instituut, is een uitgebreide versie van deze pagina aanwezig met bijvoorbeeld partijpolitieke functies, maatschappelijke nevenfuncties, opleiding en wetenswaardigheden. Laat het ons weten als u daar belangstelling voor heeft.


Op bovenstaande tekst en gegevens zijn auteursrechten van PDC van toepassing; overname, in welke vorm dan ook, is zonder expliciete goedkeuring niet toegestaan. Ook de afbeeldingen zijn niet rechtenvrij.

De biografieën betreffen vooral de periode waarin iemand politiek en bestuurlijk actief is of was. PDC ontvangt graag gemotiveerde aanvullingen of correcties.