Vriendelijke conservatief-liberale Tielse rechter, die nauwe banden had met de landbouw. Was behalve rechter onder meer voorzitter van de Gelders-Overijsselse Maatschappij van Landbouw en ondervoorzitter van het Koninklijk Nederlands Landbouwcomité. In de Kamer hield hij zich vooral met landbouw en defensie bezig en verder ook met verkeer en Suriname. Keerde zich in 1946 tegen handhaving van de opkomstplicht, omdat boeren te veel tijd kwijt zouden zijn als ze moesten gaan stemmen.