Amsterdamse biljartmakersgezel, die in 1897 als één van de eerste arbeiders voor de Radicale Bond Tweede Kamerlid werd. Bestuurslid van het Algemeen Nederlands Werkliedenverbond. Zette zich als Kamerlid (na 1901 voor de VDB) in voor het gemeentepersoneel en de politie. Sprak zijn in het algemeen niet al te lange redevoeringen met een onvervalst Amsterdams accent uit. Voelde zich ondanks zijn (eenvoudige) afkomst geheel thuis in het parlement. Was ook jarenlang lid van de Amsterdamse gemeenteraad en populair in zijn district en in zijn stad.