Metselaarszoon uit de Arnhemse arbeiderswijk Klarendal, die na functies als beambte te hebben bekleed in de gemeentepolitiek terecht kwam. In 1935 wethouder sociale zaken en volksgezondheid. In het laatste oorlogsjaar de feitelijke gezagsdrager in de Veluwezoom en in 1945 aangesteld als (waarnemend) burgemeester van het zwaar getroffen Arnhem. Zag in 1947 af van een ministerschap en verliet al snel de Tweede Kamer. Als burgemeester van Arnhem actief bevorderaar van de wederopbouw van zijn stad. Naast zijn burgemeesterschap actief als Statenlid, vicevoorzitter van de KVP en senator.